Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting literatuur week 5 - Forensische Diagnostiek

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
18
Geüpload op
23-07-2020
Geschreven in
2019/2020

Samenvatting van de literatuur van week 5 van het vak Forensische Diagnostiek, van de masteropleiding Forensische Orthopedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam (UvA). Geschreven in het afgelopen schooljaar.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

FORENSISCHE DIAGNOSTIEK
SAMENVATTING LITERATUUR WEEK 5


POEL ET AL. (2012). INTERCULTURELE DIAGNOSTIEK BIJ KINDEREN EN JONGEREN.


KATERN II: INTERCULTUREEL VAKMANSCHAP EN PROFESSIONEEL WERKEN MET
PSYCHODIAGNOSTISCHE INSTRUMENTEN VOORT ORTHOPEDAGOGEN EN KINDER- EN
JEUGDPSYCHOLOGEN.

Uitkomsten van psychodiagnostiek kunnen grote consequenties hebben. Ze zijn van belang bij de toekenning van zorg en
onderwijs, maar ook bij bijvoorbeeld justitiële maatregelen. Er moet expliciet cultuur sensitieve of interculturele
psychodiagnostiek plaatsvinden. In de praktijk gaat het namelijk vaak mis. Als dat systematisch gebeurt zijn de uiterste
consequenties dat er van grote groepen in de samenleving maatschappelijk potentieel onbenut blijft, dat sociale uitsluiting
wordt bevorderd en individuele mogelijkheden worden beknot.

Allochtone kinderen in Nederland komen minder terecht in de vrijwillige jeugd-GGZ, maar zijn sterk oververtegenwoordigd in
opgelegde en forensische vormen van hulp, waarbij verkeerde diagnostiek een rol speelt. Er is vaak een lage SES,
laaggeletterdheid en een gebrekkige taalvaardigheid  benadrukt het belang van cultuursensitieve benadering.

Psychodiagnostiek bij kinderen en adolescenten is complex en kent vele vormen. Het gaat om psychologische en
orthopedagogische psychodiagnostiek (niet psychiatrische diagnostiek) met behulp van instrumenten. Deze psychodiagnostiek is
onderverdeeld in toepassingsgebieden, vormen, uitgangspunten en methoden. In instrumenten is er een onderscheid te maken
tussen:
 Genormeerd: Testen die een statisch onderbouwde, kwantitatieve vergelijking mogelijk maken tussen individuele
uitkomsten en die van een normgroep.
 Niet-genormeerd: Testen of instrumenten die vooral klinische en kwalitatieve informatie opleveren.
 In de praktijk wordt gebruik gemaakt van beide.

De hier bedoelde psychodiagnostiek heeft drie vormen, die gericht zijn op respectievelijk:
 Intelligentie/cognitieve vermogens/informatieverwerking
 Sociaal-emotioneel functioneren/persoonlijkheid
 Psychopathologie/de aanwezigheid van een stoornis

Je mag testdiagnostiek interpreteren als je een speciale diagnostische aantekening vanuit je beroepsorganisatie hebt.

Binnen de hiërarchie van Engel laat psychodiagnostiek zich plaatsen in de cirkel van het individu en diens kenmerken en
eigenschappen qua gedrag, emoties, taal, intelligentie en sociale vaardigheden. Psychodiagnostiek betreft vooral (maar niet
uitsluitend) deze cirkel, omdat de uitkomsten ervan ook uiting zijn van het lichaam, van biologie en hersenprocessen. Anderzijds
omdat cultuur, maatschappij, netwerk/familie, gezin en tweerelatie van grote invloed zijn op de vorming en uitdrukking van
individuele kenmerken.  Resultaten van psychodiagnostiek kunnen alleen voldoende worden begrepen wanneer meerdere
niveaus erbij betrokken zijn.
 In het geval van een test: diagnosticus moet de testuitslagen met een zo goed mogelijk, gelijkende, grotere normgroep,
terugvertalen naar de eigenschappen, mogelijkheden en beperkingen van het onderzochte kind. Bij terugvertaling
wegen de context en leefsituatie zwaar mee. De uitkomsten worden verder gewogen vanuit kennis en begrip van de
beperkingen van de test, het gedrag tijdens de afname en de actuele wetenschappelijke stand van zaken.  daarom
zoveel training nodig.

,Nog een onderscheid:
 Instrumenten gericht op classificatie en/of verklaring: neigt naar beschrijving van een statisch toestandsbeeld van een
individueel kind dat wordt vergeleken met andere kinderen
 Instrumenten die worden ingezet bij handelings- en procesgerichte diagnostiek: verandering dan wel bijsturen en
volgen van ontwikkeling is het expliciete doel. Niet alleen kind en kenmerken maar ook de gehele context is een
mogelijk aangrijpingspunt.

 Als een beeld nog te onduidelijk is en je geen classificatie kunt maken, wordt het kind gevolgd waarbij het effect van
interventies en adviezen het diagnostisch beeld helpt te verduidelijken.


INTERCULTURELE PSYCHODIAGNOSTIEK
Van interculturele psychodiagnostiek bij kinderen en adolescenten kunnen we spreken wanneer:
 Het gaat om kinderen en nakomelingen van immigranten, vluchtelingen en expats. Bij deze jongeren moeten we
rekening houden met de invloed van verschillende culturele achtergronden en leefomgevingen, maar ook met de
intergenerationele gevolgen van veranderingen die samen kunnen gaan met migratie.

 Daarnaast kunnen we van interculturele psychodiagnostiek spreken in het geval van kinderen en jongeren uit groepen
in de Nederlandse samenleving die niet algemeen gangbare opvattingen en leefwijze voorstaan en vertegenwoordigen.
Bijvoorbeeld bepaalde christelijke gemeenten of woonwagenbewoners.

Bijzondere aandachtspunten bij interculturele psychodiagnostiek zijn: lage sociaaleconomische status, gebrekkige
taalvaardigheid (Nederlands) en laaggeletterdheid. Daarmee wordt het belang van cultuur sensitieve benadering verder
uitgebreid, namelijk van immigranten naar cultuur van armoede en gemarginaliseerden in de Nederlandse samenleving.

De begrippen intelligentie, persoonlijkheid en psychopathologie lijken universeel geldig en eenvoudig vast te stellen, maar dat
zijn ze niet. Er bestaan veel en soms heel verschillende invullingen en verklaringen die geleid hebben tot verschillende testen,
waarvan de uitkomsten niet goed vergelijkbaar zijn. Bij vertaling van een test naar een ander taal- en cultuurgebied ligt dit nog
ingewikkelder. Er moet een nauwgezette afstemming plaatsvinden.

Psychodiagnostiek als testdiagnostiek berust op de expliciete en statistische onderbouwde vergelijking van een individu met een
normgroep. Normaal brengt dit al meetfouten met zich mee (bijvoorbeeld bij WISC kijken we naar een
betrouwbaarheidsinterval). De marges zijn bepaald voor een normgroep, waarmee een individu wordt vergeleken. Wanneer
deze groep waarmee wordt vergeleken niet of onvoldoende representatief is voor het individu, dan gelden de marges niet meer
en weten we niet wat de uitslag kan betekenen.

Dominante groepen vormen in de regel de norm. Die normen komen tot uitdrukking en worden uitgedragen in het onderwijs.
Subculturen blijven echter gewoon bestaan. De subcultuur en groep of etniciteit waarin iemand opgroeit en de taal leveren als
het ware de eerste kern van het individu. Omliggende maatschappij en grotere cultuur beiden verdere vorming. In hoeverre die
vorming aansluit op het kind, hangt samen met de status van ouders, hun opleiding, afkomst en de plek in de samenleving. Maar
ook in hoeverre die ouders in staat zijn hun kind aandacht te geven en te leiden naar succesvol maatschappelijk functioneren.
Acculturatie (de mate van integratie in en acceptatie door de grotere samenleving), geletterdheid, armoede en SES zijn met
elkaar samenhangende aspecten  zijn van bepalende invloed op de uitkomsten van psychodiagnostiek:
 SES: is van grote invloed op testuitslagen, gezondheid, levensverwachting en psychopathologie, toegang tot
voorzieningen etc.
 Discriminatie en maatschappelijke uitsluiting: zijn ziekteveroorzakend. Deze aspecten worden niet/amper
meegewogen in diagnostische en therapeutische verklaringsmodellen.
 Stress: belangrijke pathogene factor. Lage SES, etniciteit en migratie kunnen samengaan met sterk vergrote kans op
onhanteerbare, bedreigende situaties. Verhoogde stress verlaagt de draagkracht en gaat samen met verminderd
ouderlijk functioneren, verminderde sociale weerbaarheid en fysieke weerstand.

De theoretische invalshoek van waaruit de test is geconstrueerd is dus relevant. Als die niet aansluit op de problematiek en als
mogelijk relevante aspecten niet worden meegenomen, kan niet zomaar worden afgegaan op de resultaten.

, Gezondheidsraad en laaggeletterdheid
Zorgverleners moeten er beter op bedacht zijn dat patiënten het vaak niet alleen moeilijk vinden hun eigen gezondheidssituatie te begrijpen, maar dat een grote
groep ook niet goed kan lezen en schrijven. Tijd voor communicatie met de patiënt is een basiselement van goed medisch handelen en moet ook worden
beloond. Ook zouden opleiding en nascholing van professionals meer aandacht moeten besteden aan effectieve communicatie met laaggeletterde patiënten.

Laaggeletterdheid
Anderhalf miljoen Nederlanders hebben moeite met lezen en schrijven. Zij zijn daardoor onvoldoende toegerust voor de eisen van de moderne kenniseconomie.
Bovendien is hun ‘laaggeletterdheid’ een bron van sociale, politieke en culturele uitsluiting. In een stad als Rotterdam is een op de vijf inwoners (20%)
aangemerkt als laaggeletterd. Dit verschijnsel is al waarneembaar bij vijftienjarigen en heeft directe gevolgen voor de geldigheid van testen in de vorm van
vragenlijsten, omdat met laaggeletterdheid in de regel geen rekening is gehouden bij de testconstructie. Dit betekent dat de uitslagen niet zijn te interpreteren.

Armoede
Bijna een kwart van de niet-westerse kinderen (0-14 jaar) in Nederland leefde in 2011 onder de armoedegrens. Van de autochtone Nederlanders leeft 4,8% in
een arm huishouden, tegen 17,9% van de niet-westerse migranten. Kinderen van Marokkaanse afkomst leven het vaakst onder de armoedegrens: maar liefst
28%.


(ON)MOGELIJKHEDEN
De algemene problemen bij interculturele psychodiagnostiek zijn op meerdere plekken behandeld. Er gelden diverse vuistregels:
1. Er is geen standaardaanpak mogelijk
2. Er bestaan geen cultuurvrije tests
3. Interculturele psychodiagnostiek stelt bijzondere eisen aan instrument, diagnosticus en cliënt
4. De diagnosticus dient zich bij de interpretatie van testuitslagen goed rekenschap te geven van de bronnen van
vertekeningen
5. Het professioneel vermogen van de diagnosticus bepaalt de kwaliteit
6. In het rapport dient men duidelijk te maken hoe er rekening is gehouden met (…)

Er zijn geen standaardoplossingen denkbaar om tot verantwoorde diagnostiek te komen:
 Het probleem wegredeneren met als argument: ze moeten het in de Nederlandse context toch ook kunnen doen. De
testuitslag is misschien onzuiver, maar wel voorspellend voor het uiteindelijk succes van dit kind.  Dit is een
drogreden. Immers, een onzuivere testuitslag gaat dan alsnog als weerspiegeling van een onveranderlijke eigenschap
gelden, terwijl daar geen enkele grond voor is.
 Uitwijken naar testmateriaal uit herkomstlanden wordt ook als een mogelijke oplossing gezien. Maar dat geldt niet voor
kinderen die in Nederland leven en opgroeien. Deze oplossing zou kunnen passen voor iemand die net in Nederland
aankomt.
 Een meer theoretische mogelijkheid: tests ontwikkelen met normen voor verschillende grote bevolkingsgroepen. Dit is
echter niet haalbaar, te moeilijk ten te kostbaar. Maar het biedt ook geen oplossing, want ook binnen deze groep is de
diversiteit groot vanwege aspecten als etniciteit, verblijfsduur en SES in Nederland.

Conclusie: standaardpsychodiagnostiek ter classificatie en/of verklaring is problematisch. Ze sluit onvoldoende aan op de
complexiteit van de interculturele problematiek, vanwege cultuurbeperkte verklaringskaders en gebrek aan adequate
normeringen.

Handelings- en procesgerichte diagnostiek lijkt deze problemen te kunnen omzeilen. Toch kan ook de inzet van deze handelings-
en procesgerichte diagnostiek niet om een diagnostische classificatie heen. Het is menselijk dat iedere onderkenning en
benadering van een probleem begint met een begrips- en verklaringskader. En om zorg te krijgen is een classificatie nodig.
Daarom kan diagnostiek niet zomaar worden afgeschaft. Psychodiagnostiek met instrumenten heeft natuurlijk ook voordelen,
bijvoorbeeld systematisch opdrachten aan kunnen bieden en vergelijken.


VEREISTEN
Bij toepassing in een interculturele context, stelt psychodiagnostiek bijzondere eisen aan opleiding, training en ervaring. Er is
eerst en vooral een werkomgeving vereist waarin de vuistregels en (on)mogelijkheden worden onderkend en gerespecteerd,
opdat:
 Ruimte is ingeruimd voor andere dan een standaardaanpak (vuistregel 1)
 De bijzondere vereisten kunnen worden waargemaakt (vuistregel 3)
 De diagnosticus zowel in de gelegenheid als in staat is om bij de interpretatie van testuitslagen expliciet rekenschap te
geven van de bronnen van vertekeningen (vuistregels 4,5 en 6)

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
23 juli 2020
Aantal pagina's
18
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$7.15
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
ig97 Erasmus Universiteit Rotterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
61
Lid sinds
10 jaar
Aantal volgers
41
Documenten
4
Laatst verkocht
1 jaar geleden

3.8

13 beoordelingen

5
2
4
9
3
1
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen