Jeugdigen met angststoornissen
Deel 1
Wat is een angststoornis?
Leerdoelen:
1. Je beschrijft het verschil tussen angst die past bij de ontwikkeling en een
angststoornis
2. Je beschrijft de criteria van verschillende angststoornissen.
Angst bij( jonge ) kinderen
Berust op:
- directe dreiging : denk aan bijvoorbeeld als er een hond op je afkomt
-Gescheiden zijn van verzorger: zich vast klampen als je het kind naar de opvang
brengt
Vanaf kleutertijd: Toename sociaal-evaluatieve angst: bang wat anderen van je
denken.
uitingen:
-Paniekaanval (gillen/huilen)
-Piekeren ( vanaf kleuterleeftijd)
Wanneer wordt angst een stoornis?
Discrepantie aanleiding en omvang angst : de aanleiding en de angst staan
niet in verhouding met elkaar. Bijvoorbeeld huilen aan de straat omdat iemand
heeft over gegeven.
Angst blijft voortduren na het verdwijnen van de aanleiding.: continu vragen
hoe het gaat met persoon
Normale functioneren wordt beperkt: Bijvoorbeeld niet naar school durven
omdat je bang bent om op de fiets over te geven.
Kind lijdt onder angst
Leeftijdsadequaat?
Cijfers en achtergrond
- Angststoornis- schatting 6,5 % ( wereldwijd)
- Meer meisjes
- Comorbiditeit
- Een tweede (etc) angststoornis
, - Depressieve stoornis
- ADHD
- Gedragsstoornis
- ASS
Kinderen met autisme hebben vaak een angststoornis die meestal op de
achtergrond staat. Pas als deze op de voorgrond staat en alles beïnvloedt
wordt dit een probleem.
Soorten angststoornissen
- Specifieke fobie
Angst bij blootstelling specifiek voorwerp of situatie of de gedachte daaraan
- Separatieangststoornis
Overdreven angst om gescheiden te raken van huis of gehechtheidspersoon
- Selectief mutisme
angst om te praten in openbaar, je praat we; in vertrouwde omgeving maar
daarbuiten niet.
- Paniekstoornis
Regelmatige paniekaanvallen gedurende minimaal 1 maand
Paniekaanval= omschreven periode van intense angst die met lichamelijke of
cognitieve verschijnselen gepaard gaat
- Gegeneraliseerde angststoornis
Niet in de hand te houden bezorgd piekeren.
- rusteloosheid
-Snel vermoeid
-Concentratieproblemen
-prikkelbaarheid
-spierspanning
-Slaapproblemen
- Sociale angststoornis ( sociale fobie)
Heftige angst voor situaties waarin je sociaal moet functioneren presteren of
blootstaan aan het oordeel van anderen.
, Hoe zit het dan met:
-Faalangst
Onderdeel van sociale angst of gegeneraliseerde angststoornis
-Schoolangst/weigering
onderdeel van sociale angst, separatieangst of depressie
Deel 2 oorzaken, gevolgen en interventies.
- Je beschrijft welke oorzaken en gevolgen angststoornissen kunnen hebben voor de
ontwikkeling van een jeugdige
-Je onderbouwt welke interventies ingezet worden bij angststoornissen en stemt
deze af met betrokken.
Oorzaken
1. Erfelijkheid en temperament
- Genen
- Gedragsinhibitie
2. Neurobiologie
- Vreescircuit ‘’te’’ gevoelig afgesteld
3. Psychologische factoren
- Dysfunctionele cognities
Situaties worden vaker gekoppeld aan het gevoel en de gedachte van angst
4. Omgevingsfactoren
- Nare gebeurtenissen
- Gehechtheid en opvoedingsstijl ( volgt straks)
Een angststoornis en opvoeding
Oorzaken
3 versterkende factoren:
1. Observationeel leren: je ziet het en neemt de angst over
2. Verbale informatieoverdracht: kan angst triggeren door bijvoorbeeld te
voorzichtig te zijn en bij alles te zeggen kijk uit. Hier past de term helikopter
ouder bij. Je haalt dingen weg voor je kind.