Het effect van speciaal muziekonderwijs op de executive functioning bij kinderen
Open Universiteit
Naam:
Studentnummer:
Adres:
Postcode en woonplaats:
Cursus: Onderzoekspracticum Experimenteel Onderzoek (PB0412)
Examinator:
Inleverdatum: 28-03-2022
,Running head: MUZIEKONDERWIJS BIJ KINDEREN 2
Samenvatting
In dit artikel werd onderzocht wat het effect is van speciaal muziekonderwijs in vergelijking
met regulier muziekonderwijs op de ontwikkeling van het executief functioneren van
basisschool kinderen als deel van het reguliere schoolcurriculum. Tevens is onderzocht of de
frequentie van het muziekonderwijs van invloed is op de ontwikkeling van de executieve
functies. Het onderzoek werd uitgevoerd door middel van een zuiver experiment (pretest-
posttest control design, 2 x 3 design) waarbij zowel muziekonderwijs als de frequentie
hiervan werden gemanipuleerd. Er werden voor het onderzoek 425 deelnemers (206 mannen,
219 vrouwen) at random verdeeld over twee condities. De respondenten waren
basisschoolleerlingen uit groep vier, afkomstig van verschillende at random benaderde
basisscholen. Elke deelnemer had evenveel kans om in elke conditie terecht te komen. De
condities verschilde in type muziekonderwijs (speciaal muziekonderwijs versus
reguliermuziekonderwijs). Beide condities werden at random opnieuw gemanipuleerd in
frequentie van muziekonderwijs (laagfrequent, gemiddelde frequentie en hoogfrequent). De
executieve functies van de respondenten zijn gemeten middels drie testen: Design fluency
(DF), Verbal fluency (VF) (NEPSY-II; Korkman, Kirk ,& Kemp., 2007) en
Woordlijstinterferentie. Deze zijn samengevoegd als maat voor executief functioneren. Door
middel van een two-way (factorial) ANCOVA werden de resultaten geanalyseerd. De
manipulatiecheck is uitgevoerd middels een T-toets. De analyse toont een grotere toename
van executief functioneren van de respondenten aan bij speciaal muziekonderwijs tegenover
regulier muziekonderwijs. Deze toename is bij speciaal muziekonderwijs sterker naarmate de
onderwijsfrequentie toeneemt. Bij regulier muziekonderwijs zorgt een lage frequentie juist
voor toename van executief functioneren in tegenstelling tot een hogere frequentie.
, Running head: MUZIEKONDERWIJS BIJ KINDEREN 3
Het effect van speciaal muziekonderwijs op de executive functioning bij kinderen
Training in muziek speelt een rol bij de ontwikkeling van de executieve functies bij
kinderen (Jaschke, Honing, & Scherder, 2018; Joret, Germeys & Gidron, 2017; Roden,
Kreutz, & Bongard, 2012). Executieve functies hebben betrekking op een palet aan
vaardigheden (zoals plannen en zelfmonitoren), gedragingen en emoties (Diamond & Lee,
2011). Hoewel er nog veel discussie is over de precieze conceptuele definitie van dit begrip, is
er consensus over het belang van dit begrip voor het leren en de ontwikkeling van kinderen,
wat zich uit in een verbeterd cognitief en sociaal functioneren (Blair & Raver, 2015;
Diamond, 2016; Miyake et al., 2000).
Er zijn sterke aanwijzingen dat actieve participatie, zoals bewegen, vragen stellen en
actieve klassendiscussies de leerprestaties bevorderen doordat deze actieve participatie de
executieve functies verbeteren (Cavanaugh, Clemence, Teale, Rule, & Montgomery, 2017).
Dit heeft de afgelopen jaren geleid tot lesvormen waar leerlingen aangemoedigd worden om
meer te bewegen in plaats van stil te zitten, of om actiever bij de les betrokken te worden. Zo
is langzaam de vraag ontstaan in hoeverre muziekonderwijs in het bijzonder geschikt is om de
theorie te toetsen dat actieve participatie de executieve functies verbeteren. De
veronderstelling dat muziekonderwijs veelbelovend is voor de ontwikkeling van executief
functioneren is gebaseerd op het feit dat muziek verschillende relevante gebieden in het brein
activeert, inclusief de prefrontale cortex, die gelinkt is met executief functioneren (Särkämö et
al., 2014). Hoewel veelbelovend, is empirische ondersteuning voor een causaal verband
tussen muziek en executief functioneren nog zeer beperkt. Tevens zijn generalisaties moeilijk
te maken vanwege de grote diversiteit in de eerdere studies. Zo werd muziektraining
bijvoorbeeld geconceptualiseerd als instrumentele lessen (Joret et al., 2017), vocale training
(Bialystok & Depape, 2009), gestructureerd muziekonderwijs in school (Jaschke et al., 2018)
en als luisteren naar muziek (Moreno et al., 2011).