Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting materieel strafrecht ALLE tentamenstof

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
26
Geüpload op
15-04-2025
Geschreven in
2024/2025

Alle tentamenstof per week samengevat, inclusief uitwerking van de voorgeschreven arresten.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Materieel Strafrecht

Tentamen



Week 1

- strafbaarheid.
In een rechtsstaat behoort de strafbaarheid in de geschreven wet te zijn geworteld overeenkomstig
het legaliteitsbeginsel. De wet wijst aan welke gedragingen strafbare feiten worden. Men onderscheid
drie vormen; het historisch strafbaar feit waarbij de gedraging in een bepaalde context strafbaar is
gezien de wet, het wettelijk strafbaar feit waarbij de delictsomschrijving uit de wet op de gedraging
van toepassing zijn en het juridisch strafbaar feit waarbij de strafrechtsdogmatische voorwaarden
gelden die de gedraging strafbaar doen zijn. In juridisch opzicht is er pas sprake van een strafbaar feit
wanneer het historische feit dat de letter van de wettelijke delictsomschrijving vervult ook
daadwerkelijk voldoet aan de nadere eisen die de strafrechtsdogmatiek daaraan stelt. Er is hierop
sprake van een strafbaar feit in geval van; een gedraging van een natuurlijke persoon of
rechtspersoon die een wettelijke delictsomschrijving vervult, wederrechtelijk is en verwijtbaar is.
Het legaliteitsbeginsel houdt in dat alleen die gedragingen strafbaar zijn en tot overheidsmaatregelen
kunnen leiden, die expliciet bij wet zijn vastgelegd. Het schuldbeginsel houdt in dat iemand slechts
strafrechtelijk of civielrechtelijk aansprakelijk kan worden gesteld of gestraft voor gedragingen die
hem of haar kunnen worden verweten. Dit betekent dat een verdachte alleen strafbaar is als hij of zij
de strafbare handeling bewust heeft gepleegd, of als de handeling in ieder geval toerekenbaar is.

- beslissingsschema van artikel 350 Sv.
De vier vragen van artikel 350 Sv hangen samen met de voorwaarden voor strafbaarheid. In die
vragen komen achtereenvolgens aan de orde; de gedraging en de omstandigheden, de toepasselijke
wettelijke delictsomschrijving, de wederrechtelijkheid en de schuld. De eerste drie vragen moeten in
de door het artikel bepaalde volgorde met ‘ja’ worden beantwoord alvorens een straf kan worden
opgelegd. De tenlastelegging bevat het historische feit, waarbij al dan niet letterlijk wordt gerefereerd
aan de bestanddelen van een bepaalde toepasselijk geachte wettelijke delictsomschrijving. Alle
bestanddelen van het betreffende delict dienen in de tenlastelegging te worden verwerkt, anders kan
deze geen strafbaar feit opleveren. Alle bestanddelen dienen bewezenverklaard te worden.
Vervolgens dient het feit gekwalificeerd te worden tot een concreet strafbaar feit. Daarbij zal moeten
worden afgewogen of er sprake is van een rechtvaardigingsgrond welke het wederrechtelijk karakter
van de gedraging kan ontnemen. Vervolgens zal er gekeken worden of er eventuele
schulduitsluitingsgronden van toepassing zijn. Indien dit niet het geval is, kan de rechter overgaan tot
het opleggen van een passende straf en/of maatregel. Wordt het ten laste gelegde feit niet bewezen,
dan leidt de eerste vraag tot vrijspraak. Levert het bewezen verklaarde geen strafbaar feit op, dan
leidt de tweede vraag tot ontslag van alle rechtsvervolging. Hetzelfde geldt voor wanneer de
verdachte niet strafbaar is volgens de derde vraag.

- daderschap en strafbaarheid.
Vanzelfsprekend kan er van een strafbaar feit geen sprake zijn zonder daderschap. Het strafbare feit
heeft een objectieve en een subjectieve zijde. In de meeste gevallen zal aan de hand van de
toepasselijke wettelijke delictsomschrijving vrijwel meteen duidelijk zijn of er sprake is van
daderschap. Dit is echter niet altijd het geval, bijvoorbeeld wanneer; de delictsomschrijving niet

,duidelijk formuleert wanneer deze wordt vervuld en wie daarvoor aansprakelijk is, andere wettelijke
bepalingen dan alleen de delictsomschrijving mede bepalend zijn voor het daderschap of er op het
daderschap in het concrete geval een strafrechtsdogmatische opvatting mede van invloed is.
Als de delictsomschrijving geen concrete gedraging noch een teweeggebracht gevolg aanduidt,
ontbreekt bij voorbaat iedere indicatie voor het daderschap van het betreffende delict. Wanneer er
slechts gedeeltelijk aan de delictsomschrijving wordt voldaan, zullen er andere wettelijke bepalingen
nodig zijn. Bij een onvolkomen delictsomschrijving is er immers ook sprake van onvolkomen
daderschap. Men kan zich dan beroepen op onder andere artikel 45 tot en met 51 Sr.

- verschillende vormen delicten.
Delictsomschrijvingen zijn opgebouwd uit bestanddelen. Iedere delictsomschrijving bevat als
bestanddeel een vorm van menselijk gedrag. Men maakt onderscheid tussen commissiedelicten en
omissiedelicten, materieel omschreven delicten en formeel omschreven delicten en tot slot
krenkingsdelicten en gevaarzettingsdelicten. In geval van een handelen spreekt men van een
commissiedelict, in geval van een niet-handelen spreekt men van een omissiedelict. Indien iemand de
wettelijke omschrijving van een als commissiedelict geformuleerd delict vervult door na te laten,
spreekt men van een oneigenlijk commissiedelict. Hetzelfde geldt voor een oneigenlijk omissiedelict.
De delictsgedraging is hierop bepalend voor de aard van het delict. Wanneer het handelen specifiek is
aangeduid, spreekt men van een formeel omschreven delict. Wanneer de delictsomschrijving naar
het gevolg is omschreven, spreekt men van een materieel omschreven delict. Indien er sprake is van
krenking van een rechtsgoed, spreekt men van een krenkingsdelict. Wanneer er sprake is van het in
gevaar brengen van een rechtsgoed, spreekt men van een gevaarzettingsdelict. De ratio van de
gevaarzettingsdelicten is dat het strafrecht reeds in werking kan treden alvorens bepaalde gevaren
zich hebben gerealiseerd om deze in de preventieve fase te kunnen keren. In het strafrecht is er
meestal sprake van strafbaarstelling van een menselijke gedraging onder bepaalde omstandigheden.
Deze worden onderscheiden in persoonlijke omstandigheden en onpersoonlijke omstandigheden. De
persoonlijke omstandigheden betreffen de dader als persoon, de onpersoonlijke omstandigheden
betreffen diens gedraging. Inwendige persoonlijke omstandigheden behelzen een bepaalde
psychische gesteldheid van de dader waarmee hij de daad onder bepaalde omstandigheden en met
bepaalde gevolgen heeft verricht. Het gaat dan met name om opzet en culpa. Uitwendige
persoonlijke omstandigheden houden een bepaalde hoedanigheid of kwaliteit van de dader in.
Onpersoonlijke omstandigheden kunnen bestaan uit begeleidende omstandigheden van de gedraging
en uit gevolg van de gedraging. In ieder geval bij doleuze misdrijven moet opzet van de dader behalve
op de gedraging tevens gericht zijn op alle onpersoonlijke omstandigheden die taalkundig daardoor
worden beheerst, tenzij er sprake is van een geobjectiveerd bestanddeel. Delicten waarbij er sprake is
van strafverzwarende gevolgen noemt men gekwalificeerde delicten. Tenslotte is er een enkele
delictsomschrijving waarin een zogeheten bijkomende voorwaarden van strafbaarheid voorkomt, een
omstandigheid die pas later intreedt. Deze voorwaarde maakt de gedraging met alle omstandigheden
en directe gevolgen van dien strafbaar indien de gedraging in kwestie intreedt. Anders zou de
betreffende gedraging straffeloos blijven.

- visies op het strafrecht.
Het hedendaagse strafrecht kent het misdrijf als grondslag voor de straf. De straf vindt in het misdrijf
zelf haar rechtvaardiging, los van het effect. Men spreekt dan van een absolute vergeldingstheorie.
Ook de klassieke richting in het strafrecht huldigde het beginsel van de vergelding, en wel als
grondslag van de straf. Essentieel uitgangspunt voor het strafrecht was de gedachte van het

, maatschappelijk contract als basis voor overheidsuitoefening. De staat onthield zich in beginsel van
ingrijpen, de vrijheid van de burger staat voorop. Beccaria omschrijft dit als maximaal geluk voor een
maximaal aantal mensen. Dit wordt bewerkstellig door het voorkomen van criminaliteit. Voor het
strafrecht betekent dit uitsluitend geschreven wetboeken om willekeur tegen te gaan, geen onnodige
strafbaarstellingen, duidelijke en heldere formuleringen ten behoeve van rechtszekerheid,
proportionaliteit, zekerheid tot straffen en uitsluitend retrospectief en dus niet preventief reageren.
Relatieve theorieën stellen dat rechtvaardiging van de straf gelegen is in het doel daarvan. De
rechtsgrond van de straf wordt binnen deze theorie bepaald door het doel dat deze straf kent.
De moderne richting legt de nadruk op individualisering van het strafrecht en een wetenschappelijke
benadering van de te bereiken strafdoelen in het licht van de bestrijding van de misdaad. Niet de
daad, maar de dader zou centraal moeten staan. Waar het klassieke strafrecht focust op de optimale
respectering van de vrijheid van de burger, werd er in de moderne richting uitgegaan van buiten zijn
vrije wil gelegen invloeden, waaraan de burger in diens handelen onderhevig is en die bepaalde
ingreep of maatregelen behoeven welke uit kracht van zijn doelmatigheid is gerechtvaardigd.
De dominante strafrechtscultuur in Nederland staat in het teken van synthese van de verschillende
strafrechtstheorieën. De verenigingstheorie maakt een scherp onderscheid tussen de rechtsgrond
enerzijds en het doel van het strafrecht anderzijds. De vergelding vormt de grondslag van de straf en
de rechtvaardiging daarvan. Indien de concrete vergeldingsmaat is vastgesteld, zullen de specifieke
strafdoeleinden binnen de gegeven sanctieruimte tot het straftoemetingsresultaat leiden.

- Utrechtse school.
De Utrechtse School met Pompe als voorman neemt het denken van de mens als uitgangspunt, die in
beginsel verantwoordelijk is voor zijn eigen daden. Het maakt onderscheid tussen het wezen van de
straf; de vergelding der schuld, het doel van de straf als instituut van het recht, en de werking van de
straf; speciale en generale preventie. Het strafrecht zou de ruimte bieden om begaan onrecht omwille
van doelmatigheid en of nuttigheid onvergolden te laten. Het wezen van de straf zou de vergelding
van de schuld zijn. De inhoud van straf is leed. Het doel van het strafrecht is algemeen welzijn dat
door de overheid altijd dient te worden behartigd. Straf kent daarnaast een feitelijke werking. Zij
werkt al dan niet afschrikkend op de rechtsgenoten in het algemeen en op de dader in het bijzonder.
De generaal-preventieve werking volgt uit de eigenschap van de straf. Speciaal-preventieve werking
kan door afschrikking van de dader, door diens verbetering en door onschadelijkmaking geschieden.
Het staat ethisch-humanistische Utrechters als mensbeeld voor ogen dat de delinquent als evenmens
verdient met medemenselijkheid, respect en vertrouwen tegemoet te worden getreden en wiens
individuele rechten niet mogen worden verwaarloosd.



Week 2

- causaliteit.
Een causaal verband wordt verondersteld inzake (1) het voorwaardelijk opzet ten bewijze waarvan
moet worden vastgesteld dat de dader willens en wetens een aanmerkelijke kans heeft aanvaard op
het intreden van een bepaald gevolg, (2) de culpoze gevolgsdelicten waarbij het schuldverband
tussen de onvoorzichtigheid en het ingetreden gevolg eveneens de causaliteit omvat, (3) het
daderschap van de corporatie voor vaststelling waarvan krachtens de jurisprudentie relevant kan zijn
dat deze niet de nodige zorg heeft betracht om te voorkomen dat de verboden handelingen
plaatsvonden, (4) de strafbare poging waarvan slechts sprake kan zijn bij een begin van uitvoering van

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
15 april 2025
Aantal pagina's
26
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$7.17
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
tessadvos
3.0
(2)

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
tessadvos Universiteit Utrecht
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
3 jaar
Aantal volgers
1
Documenten
59
Laatst verkocht
8 maanden geleden

3.0

2 beoordelingen

5
0
4
0
3
2
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen