Bijzondere overeenkomsten.
Als uitgangspunt geldt dat alle regels uit titel 7.1 van aanvullend recht zijn. Ze gelden in beginsel
alleen indien contractspartijen zelf niks overeenkwamen. De consumentenkoop van artikel 7:6 betreft
echter wel dwingend recht. De koopovereenkomst is een overeenkomst waarbij de één zich verbindt
een zaak te geven en de ander om daarvoor een prijs in geld te betalen. Indien aan de vereisten van
artikel 3:84 is voldaan, is er sprake van dergelijke overeenkomst. Voor de consumentenkoop bestaat
een aantal bijzondere bepalingen. Ten eerste moet er sprake zijn van een koopovereenkomst met
betrekking tot roerende zaken. In de tweede plaats moet de koper een natuurlijke persoon zijn die
niet handelt in de uitoefening van een beroep op bedrijf. De derde voorwaarde is dat de verkoper wél
moet handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf. Opeenvolgende artikelen beogen de
consument in versterkte mate te beschermen. Een exoneratieclausule in algemene voorwaarden die
de aansprakelijkheid voor schade van de verkoper beperkt of uitsluit, is bij consumentenkoop hierop
op twee gronden te vernietigen via artikel 7:6 ofwel 6:233. Ten gevolge van besluit van de EU HvJ
dient een rechter ambtshalve dergelijke bedingen te onderzoeken. Een koopovereenkomst komt tot
stand door middel van aanbod en aanvaarding. Pas wanneer duidelijk is dat de aanbieder door de
aanvaarding zonder enig voorbehoud definitief gebonden wenst te raken, kan van een aanbod tot
koop worden gesproken. Aanvaarding geschiedt pas wanneer deze de geadresseerde heeft bereikt.
Een koper komt een bedenktijd toe indien de wet dit expliciet bepaald. Een koopovereenkomst kan
nietig of vernietigbaar zijn. In beide gevallen is er sprake van terugwerkende kracht. Indien er sprake
is van wilsgebrek is de koopovereenkomst vernietigbaar. Men kan zich beroepen op dwaling,
bedreiging, bedrog of misbruik van omstandigheden. De verkoper moet de verkochte zaak met
toebehoren in eigendom overdragen en moet deze zaak aan de koper afleveren. De verkochte zaak
moet daarnaast aan de overeenkomst beantwoorden in navolging van artikel 7:9 jo. 7:17. Uit artikel
7:15 volgt dat de verkochte zaak moet worden overdragen zonder rechtsgebreken met uitzondering
van die welke de koper uitdrukkelijk heeft aanvaard. Zodra de zaak is afgeleverd heeft de koper recht
op de natuurlijke vruchten en gaat risico van de zaak over op de koper krachtens artikel 7:10 jo. 7:14.
Gebreken komen na de aflevering voor risico van de koper. Dit is ook het geval wanneer er slechts
juridisch maar nog niet feitelijk is afgeleverd. Dit geld niet voor consumentenkoop. Als de zaak bij de
consument wordt bezorgd dor de verkoper, dan komt een achteruitgang van de zaak pas voor risico
van de koper op het moment van de feitelijke bezorging, ook al was de zaak juridisch eerder
afgeleverd. Artikel 7:17 bepaald dat de door de verkoper afgeleverde zaak op het moment van de
aflevering aan de overeenkomst moet beantwoorden. De vijf leden van artikel 7:17 geeft aan
wanneer er aan dit conformiteitsvereiste is voldaan. Bij de beantwoording van de vraag of een
product voldoet aan hetgeen de koper normaliter mocht verwachten, is naast een mededeling van de
koper, ook een eventuele onderzoeksplicht van de koper van belang. Artikel 7:17 kan bij een
consumentenkoop contractueel niet worden uitgesloten, maar bij andere overeenkomsten wel.
Indien de verkoper tekortschiet in de nakoming kan de koper besluiten tot opschorting, vorderen tot
nakoming, vordering tot schadevergoeding dan wel vernietiging. Ten aanzien van consumentenkoop
ligt dit gecompliceerder. Artikel 7:20 strekt tot opheffing van een eventuele last bij schending van
artikel 7:15. Indien de verkoper hier niet aan beantwoordt is er sprake van een tekortkoming in de
nakoming. De koper mag dan ontbinden dan wel schadevergoeding vorderen. In geval artikel 7:17
wordt geschonden, biedt artikel 7:21 een uitkomst. De koper heeft dan recht op aflevering van het
ontbrekend, herstel of vervanging. Dit zijn allemaal vormen van nakoming waarop ingebrekestelling
niet vereist is. In geval van consumentenkoop is herstel dan wel vervanging het uitgangspunt. Artikel
, 7:21 geeft mogelijkheden voor de koper weer met betrekking tot nakoming. Van schadevergoeding is
pas sprake wanneer er sprake is van een toerekenbare tekortkoming krachtens artikel 6:74. Met
betrekking tot schadevergoeding is er sprake van een verzuimvereiste waarop er een
ingebrekestelling vereist is. Pas indien nakoming uitblijft, ontstaat er een recht op schadevergoeding.
Artikel 7:24 kent hierop een aparte regeling met betrekking tot de consumentenkoop. De
tekortkoming in kwestie dient voor rekening van de verkoper te komen indien men zich wil kunnen
beroepen op artikel 6:74. Indien er sprake is van een garantie is er geen verwijtbaarheid aan zijde van
de verkoper vereist. Artikel 7:36 en 7:37 geven de manier waarop de hoogte van schadevergoeding
kan worden berekend. De koper mag een keuze tussen beiden maken. Voor consumentenkoop
bestaat een specifieke regeling indien schade wordt veroorzaakt door een gevaarlijk product. De
consumentenkoper moet zich in principe op de producent van het product verhalen in navolging van
artikel 6:185 jo. 6:190. In twee gevallen is de verkoper aansprakelijk voor schade waarvoor de
producent ook aansprakelijk is. Ten eerste indien de verkoper het veiligheidsgebrek kende of
behoorde te kennen. Ten tweede indien de verkoper de afwezigheid van het gebrek had toegezegd. In
beide gevallen kan de consument kiezen wie hij aanspreekt. Tot slot kan een koopovereenkomst bij
tekortkoming worden ontbonden op grond van artikel 6:265. Er dient eerst sprake te zijn van verzuim
navolgende een ingebrekestelling krachtens artikel 6:81. Artikel 7:22 regelt ontbinding in geval van
consumentenkoop. Dit is pas mogelijk indien herstel en vervanging onmogelijk zijn of van de verkoper
niet gevergd kunnen worden. Verzuim is hier niet vereist. In sommige gevallen is er sprake van een
garantie op producten. Aan een garantie ten aanzien van consumentenkoop wordt in 7:6a een aantal
formele eisen gesteld. Artikel 7:23 stelt dat de koper de verkoper binnen bekwame tijd op de hoogte
moet stellen van eventuele gebreken. Op de koper berust hierop een onderzoeksplicht en een
klachtplicht. De koper die niet voldoet aan zijn klachtplicht, verliest al zijn rechten. Indien er wel is
voldaan, is er in beginsel nog twee jaar de daad om ook daadwerkelijk een rechtsvordering in te
stellen. De koper is verplicht tot betaling van de koopprijs krachtens artikel 7:26. Artikel 7:29 jo. 7:30
geven verdere verplichtingen aan de zijde van de koper. Indien de koper niet nakomt, kent de
verkoper mogelijkheden in artikel 7:33 jo. 7:34 jo. 7:39 waaronder het recht van reclame.
Richtlijn (EU) 2019/771 van het Europees Parlement en de Raad, specifiek art. 11.
1. Elk conformiteitsgebrek dat binnen een termijn van een jaar vanaf de levering van de goederen aan
het licht komt, wordt geacht ten tijde van de levering reeds te hebben bestaan, tenzij anders wordt
aangetoond of tenzij dit vermoeden onverenigbaar is met de aard van de goederen of met de aard
van het conformiteitsgebrek. Dit lid is ook van toepassing op goederen met digitale elementen.
2. In plaats van de in lid 1 vastgestelde termijn van één jaar kunnen de lidstaten een termijn van twee
jaar vanaf het tijdstip waarop de goederen werden geleverd handhaven of invoeren.
3. In het geval van goederen met digitale elementen, indien de koopovereenkomst voorziet in de
continue levering van de digitale inhoud of de digitale dienst gedurende een bepaalde termijn, ligt de
bewijslast met betrekking tot de vraag of de digitale inhoud of digitale dienst conform was tijdens de
in artikel 10, lid 2, bedoelde periode, bij de verkoper wegens een conformiteitsgebrek dat aan het
licht komt binnen de in dit artikel, bedoelde periode.
Als uitgangspunt geldt dat alle regels uit titel 7.1 van aanvullend recht zijn. Ze gelden in beginsel
alleen indien contractspartijen zelf niks overeenkwamen. De consumentenkoop van artikel 7:6 betreft
echter wel dwingend recht. De koopovereenkomst is een overeenkomst waarbij de één zich verbindt
een zaak te geven en de ander om daarvoor een prijs in geld te betalen. Indien aan de vereisten van
artikel 3:84 is voldaan, is er sprake van dergelijke overeenkomst. Voor de consumentenkoop bestaat
een aantal bijzondere bepalingen. Ten eerste moet er sprake zijn van een koopovereenkomst met
betrekking tot roerende zaken. In de tweede plaats moet de koper een natuurlijke persoon zijn die
niet handelt in de uitoefening van een beroep op bedrijf. De derde voorwaarde is dat de verkoper wél
moet handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf. Opeenvolgende artikelen beogen de
consument in versterkte mate te beschermen. Een exoneratieclausule in algemene voorwaarden die
de aansprakelijkheid voor schade van de verkoper beperkt of uitsluit, is bij consumentenkoop hierop
op twee gronden te vernietigen via artikel 7:6 ofwel 6:233. Ten gevolge van besluit van de EU HvJ
dient een rechter ambtshalve dergelijke bedingen te onderzoeken. Een koopovereenkomst komt tot
stand door middel van aanbod en aanvaarding. Pas wanneer duidelijk is dat de aanbieder door de
aanvaarding zonder enig voorbehoud definitief gebonden wenst te raken, kan van een aanbod tot
koop worden gesproken. Aanvaarding geschiedt pas wanneer deze de geadresseerde heeft bereikt.
Een koper komt een bedenktijd toe indien de wet dit expliciet bepaald. Een koopovereenkomst kan
nietig of vernietigbaar zijn. In beide gevallen is er sprake van terugwerkende kracht. Indien er sprake
is van wilsgebrek is de koopovereenkomst vernietigbaar. Men kan zich beroepen op dwaling,
bedreiging, bedrog of misbruik van omstandigheden. De verkoper moet de verkochte zaak met
toebehoren in eigendom overdragen en moet deze zaak aan de koper afleveren. De verkochte zaak
moet daarnaast aan de overeenkomst beantwoorden in navolging van artikel 7:9 jo. 7:17. Uit artikel
7:15 volgt dat de verkochte zaak moet worden overdragen zonder rechtsgebreken met uitzondering
van die welke de koper uitdrukkelijk heeft aanvaard. Zodra de zaak is afgeleverd heeft de koper recht
op de natuurlijke vruchten en gaat risico van de zaak over op de koper krachtens artikel 7:10 jo. 7:14.
Gebreken komen na de aflevering voor risico van de koper. Dit is ook het geval wanneer er slechts
juridisch maar nog niet feitelijk is afgeleverd. Dit geld niet voor consumentenkoop. Als de zaak bij de
consument wordt bezorgd dor de verkoper, dan komt een achteruitgang van de zaak pas voor risico
van de koper op het moment van de feitelijke bezorging, ook al was de zaak juridisch eerder
afgeleverd. Artikel 7:17 bepaald dat de door de verkoper afgeleverde zaak op het moment van de
aflevering aan de overeenkomst moet beantwoorden. De vijf leden van artikel 7:17 geeft aan
wanneer er aan dit conformiteitsvereiste is voldaan. Bij de beantwoording van de vraag of een
product voldoet aan hetgeen de koper normaliter mocht verwachten, is naast een mededeling van de
koper, ook een eventuele onderzoeksplicht van de koper van belang. Artikel 7:17 kan bij een
consumentenkoop contractueel niet worden uitgesloten, maar bij andere overeenkomsten wel.
Indien de verkoper tekortschiet in de nakoming kan de koper besluiten tot opschorting, vorderen tot
nakoming, vordering tot schadevergoeding dan wel vernietiging. Ten aanzien van consumentenkoop
ligt dit gecompliceerder. Artikel 7:20 strekt tot opheffing van een eventuele last bij schending van
artikel 7:15. Indien de verkoper hier niet aan beantwoordt is er sprake van een tekortkoming in de
nakoming. De koper mag dan ontbinden dan wel schadevergoeding vorderen. In geval artikel 7:17
wordt geschonden, biedt artikel 7:21 een uitkomst. De koper heeft dan recht op aflevering van het
ontbrekend, herstel of vervanging. Dit zijn allemaal vormen van nakoming waarop ingebrekestelling
niet vereist is. In geval van consumentenkoop is herstel dan wel vervanging het uitgangspunt. Artikel
, 7:21 geeft mogelijkheden voor de koper weer met betrekking tot nakoming. Van schadevergoeding is
pas sprake wanneer er sprake is van een toerekenbare tekortkoming krachtens artikel 6:74. Met
betrekking tot schadevergoeding is er sprake van een verzuimvereiste waarop er een
ingebrekestelling vereist is. Pas indien nakoming uitblijft, ontstaat er een recht op schadevergoeding.
Artikel 7:24 kent hierop een aparte regeling met betrekking tot de consumentenkoop. De
tekortkoming in kwestie dient voor rekening van de verkoper te komen indien men zich wil kunnen
beroepen op artikel 6:74. Indien er sprake is van een garantie is er geen verwijtbaarheid aan zijde van
de verkoper vereist. Artikel 7:36 en 7:37 geven de manier waarop de hoogte van schadevergoeding
kan worden berekend. De koper mag een keuze tussen beiden maken. Voor consumentenkoop
bestaat een specifieke regeling indien schade wordt veroorzaakt door een gevaarlijk product. De
consumentenkoper moet zich in principe op de producent van het product verhalen in navolging van
artikel 6:185 jo. 6:190. In twee gevallen is de verkoper aansprakelijk voor schade waarvoor de
producent ook aansprakelijk is. Ten eerste indien de verkoper het veiligheidsgebrek kende of
behoorde te kennen. Ten tweede indien de verkoper de afwezigheid van het gebrek had toegezegd. In
beide gevallen kan de consument kiezen wie hij aanspreekt. Tot slot kan een koopovereenkomst bij
tekortkoming worden ontbonden op grond van artikel 6:265. Er dient eerst sprake te zijn van verzuim
navolgende een ingebrekestelling krachtens artikel 6:81. Artikel 7:22 regelt ontbinding in geval van
consumentenkoop. Dit is pas mogelijk indien herstel en vervanging onmogelijk zijn of van de verkoper
niet gevergd kunnen worden. Verzuim is hier niet vereist. In sommige gevallen is er sprake van een
garantie op producten. Aan een garantie ten aanzien van consumentenkoop wordt in 7:6a een aantal
formele eisen gesteld. Artikel 7:23 stelt dat de koper de verkoper binnen bekwame tijd op de hoogte
moet stellen van eventuele gebreken. Op de koper berust hierop een onderzoeksplicht en een
klachtplicht. De koper die niet voldoet aan zijn klachtplicht, verliest al zijn rechten. Indien er wel is
voldaan, is er in beginsel nog twee jaar de daad om ook daadwerkelijk een rechtsvordering in te
stellen. De koper is verplicht tot betaling van de koopprijs krachtens artikel 7:26. Artikel 7:29 jo. 7:30
geven verdere verplichtingen aan de zijde van de koper. Indien de koper niet nakomt, kent de
verkoper mogelijkheden in artikel 7:33 jo. 7:34 jo. 7:39 waaronder het recht van reclame.
Richtlijn (EU) 2019/771 van het Europees Parlement en de Raad, specifiek art. 11.
1. Elk conformiteitsgebrek dat binnen een termijn van een jaar vanaf de levering van de goederen aan
het licht komt, wordt geacht ten tijde van de levering reeds te hebben bestaan, tenzij anders wordt
aangetoond of tenzij dit vermoeden onverenigbaar is met de aard van de goederen of met de aard
van het conformiteitsgebrek. Dit lid is ook van toepassing op goederen met digitale elementen.
2. In plaats van de in lid 1 vastgestelde termijn van één jaar kunnen de lidstaten een termijn van twee
jaar vanaf het tijdstip waarop de goederen werden geleverd handhaven of invoeren.
3. In het geval van goederen met digitale elementen, indien de koopovereenkomst voorziet in de
continue levering van de digitale inhoud of de digitale dienst gedurende een bepaalde termijn, ligt de
bewijslast met betrekking tot de vraag of de digitale inhoud of digitale dienst conform was tijdens de
in artikel 10, lid 2, bedoelde periode, bij de verkoper wegens een conformiteitsgebrek dat aan het
licht komt binnen de in dit artikel, bedoelde periode.