Hoofdstuk 5
Een bv kent een tweeledige organisatiestructuur in die zin dat zij twee verplichte organen heeft: de
aandeelhoudersvergadering en het bestuur. Een Raad van Commissarissen dient te worden ingesteld
indien de bv gedurende drie aan de structuurcriteria beantwoord. Voor bestuur en
aandeelhoudersvergadering gelden naast specifieke bevoegdheidsbepalingen twee regels ex. artikel
2:217 en 2:239. Het bestuur is belast met het besturen van de vennootschap behoudens beperkingen
volgens de statuten. Aan de aandeelhoudersvergaderingen komen alle binnen de grenzen van de wet
gestelde bevoegdheden toe die niet aan een ander orgaan toekomen. Maakt de bv gebruik van artikel
2:239a dan zal de taak van de niet-uitvoerende bestuurders omvatten het toezicht houden op en
adviseren van de uitvoerende bestuurders. De niet-uitvoerende bestuurders nemen wel deel aan de
bestuursvergaderingen. Er is dan sprake van een one-tier-board. Onder besturen wordt verstaan het
leidinggeven aan de dagelijkse gang van zaken in de door de bv gedreven onderneming. Ook het
bepalen van de strategie en het maken van plannen voor de toekomst van de bv en de met haar
verbonden ondernemingen is in beginsel een bestuursaangelegenheid. De wet kent de
aandeelhoudersvergadering zekere bevoegdheden toe ex. artikel 2:206 jo. 2:208 jo. 2:210 jo. 2:231
jo. 2:242 jo. 2:44 jo. 2:272 jo. 2:252 jo. 2:254 jo. 2:268 jo. 2:271a jo. 2:317 jo. 2:18 jo. 2:19. De
aandeelhoudersvergadering dient de in de wet en statuten vastgelegde verdeling van bevoegdheden
te respecteren. Zij kan zonder specifieke wettelijke of statutaire grondslag geen bindende
aanwijzingen geven aan het bestuur. Wanneer een bestuurder benoemd wordt, is er sprake van zowel
een vennootschapsrechtelijke positie als een contractuele rechtsverhouding. In geval van ontslag
worden beiden verhoudingen aangetast. Ontslag van een bestuurder is alleen mogelijk wanneer er
geen sprake is van een van de gevallen ex. artikel 7:670. Besluitvorming in de vergadering is geregeld
middels artikel 2:217 – 2:230. Daarnaast kan er sprake zijn van besluitvorming buiten de vergadering.
Dit is geoorloofd mits alle vergadergerechtigden van de bv hier mee hebben ingestemd ex. artikel
2:238. Een aandeelhouder heeft in beginsel één stem per aandeel. Het is daarnaast ook mogelijk om
stemrechtloze aandelen uit te geven. Ex. artikel 2:8 dienen onderlinge verhoudingen tussen
aandeelhouders naar redelijkheid en billijkheid worden vormgegeven. Besluiten worden op een
aandeelhoudersvergadering in beginsel met volstrekte meerderheid van stemmen genomen.
Bestuurders en commissarissen hebben een raadgevende stem in de aandeelhoudersvergadering.
Aandeelhouders kennen in beginsel vrij stemrecht. Een bestuurder met een tegenstrijdig belang mag
echter niet deelnemen aan de beraadslaging en besluitvorming ex. artikel 2:239. Deze regeling geldt
ook voor besluitvorming door de Raad van Commissarissen. Uit HR Bruil volgt dat dit het geval is
wanneer zich een conflict voordoet tussen een concreet persoonlijk belang van de bestuurder en het
vennootschappelijk belang dat de bestuurders dient te behartigen. In de eerste plaats is er een
tegenstrijdig belang in gevallen waarin de bestuurder en de vennootschap met elkaar handelen. Ten
tweede kan hier sprake van zijn wanneer er sprake is van een transactie met een derde waarbij de
bestuurder betrokken is bij het belang van die derde in zekere zin. Hetzelfde geldt wanneer er tussen
vennootschappen een overeenkomst wordt gesloten, waarbij beide vennootschappen dezelfde
bestuurder kennen. In dergelijk geval is er sprake van een kwalitatief strijdig belang.
Anders dan bij de bv kunnen de bestuurders en de commissarissen van een nv niet worden benoemd
of ontslagen door een besluit van slechts bepaalde aandeelhouders. Iedere aandeelhouder heeft in
beginsel stemrecht, de nv kent geen stemrechtloze aandelen. Voor besluitvorming buiten de
vergadering is bij de nv onder meer een statutaire voorziening nodig ex. artikel 2:128. Artikel 2:107a
bepaalt dat besluiten van het bestuur van een nv omtrent een belangrijke verandering van de
, identiteit of het karakter van de vennootschap of de onderneming aan de goedkeuring van de
algemene vergadering zijn onderworpen. Het artikel geeft enkele situaties waarin hier sprake van is.
Voor beursgenoteerde bedrijven kan men onderscheid maken tussen gewone aandelen,
prioriteitsaandelen en preferente aandelen. Een beslissing van de aandeelhoudersvergadering, het
bestuur of een ander orgaan van de vennootschap wordt beschouwd als rechtshandeling. Dergelijke
besluiten kunnen nietig of vernietigbaar zijn ex. artikel 2:14 jo. 2:15 jo. 2:16. Nietigheid geldt van
rechtswege en is vervat in artikel 2:14. Een besluit is nietig wanneer deze door inhoud of strekking in
strijd is met de wet of de statuten. In sommige gevallen is bekrachtiging mogelijk, maart enkel
wanneer het gebrek aan het besluit behoort tot de categorie totstandkomingsgebreken. Artikel 2:15
regelt de vernietigbaarheid van besluiten. Een vernietigbaar besluit is geldig zolang de rechter het
niet vernietigd. De bevoegdheid om vernietiging te vragen, vervalt na één jaar na het nemen van het
besluit. Een belangrijke grond voor vernietiging is strijd met de wettelijke en statutaire bepalingen die
het tot stand komen van besluiten regelen. Een tweede grond voor vernietigbaarheid is strijd met de
redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 2:8. Een derde grond is wanneer een besluit in strijd is
met een reglement. Een nietig of vernietigd besluit heeft geen rechtsgevolg. In enkele gevolgen geldt
er ten aanzien van betrokkenen derdenbescherming ex. artikel 2:16.
Ieder lid binnen een vereniging of coöperatie heeft in beginsel één stem gezien er met name sprake is
van een persoonsassociaties, de stemgerechtigdheid is niet aan bezit verbonden. De artikel 2:14 jo.
2:15 jo. 2:16 zijn ook op besluiten van verenigingen, coöperaties en stichtingen van toepassing.
Hoofdstuk 8
Door een statutenwijziging verandert de inrichting van een nv of bv. Artikel 2:121/2:231 bepaalt dat
de aandeelhoudersvergadering bevoegd is tot statutenwijziging. Deze dient bij notariële akte plaats te
vinden. Een rechtspersoon kan zich omzetten in een andere rechtsvorm. De omzetting is voor alle
rechtspersonen geregeld in artikel 2:18. Voor omzetting is allereerst een besluit tot omzetting vereist.
Hier is de aandeelhoudersvergadering toe bevoegd. Artikel 2:71/2:181 geeft aanvullende regels voor
de omzetting van een nv dan wel bv in een andere rechtsvorm. Artikel 2:72/2:183 geeft aanvullende
regels voor de omzetting van een andere rechtsvorm in een nv dan wel bv. Ontbinding luidt het einde
van de vennootschap in. Na ontbinding blijft de vennootschap bestaan voor zover dit tot vereffening
van haar vermogen nodig is ex. artikel 2:19. Een nv of bv kan ontbonden worden door een daartoe
strekkend besluit van de algemene vergadering, gebeurtenissen als voorzien in de statuten dan wel
faillietverklaring. Ex. artikel 2:19a kan dit ook geschieden middels beschikking van de KvK. Hetzelfde
geldt voor de rechtbank op verzoek van het openbaar ministerie. Na ontbinding zijn de vereffenaars
belast met de vereffening van het vermogen van de vennootschap. De hoofdregel is dat de
bestuurders van de vennootschap als vereffenaars optreden. Een vereffenaar heeft ex. artikel 2:23a
de bevoegdheden, plichten en aansprakelijkheden van een bestuurder. Ex. artikel 2:23c is herleving
van de rechtspersoon mogelijk wanneer blijkt dat er nog geen volledige vereffening heeft
plaatsgevonden. De bepalingen omtrent statutenwijziging, omzetting, splitsing en ontbinding gelden
op gelijke wijze voor de vereniging en de coöperatie. Organen van een stichting kunnen de statuten
slechts wijzigen als de statuten dat toestaan ex. artikel 2:293. Herstructurering komt met bepaalde
beperkingen ex. artikel 2:18 lid 4 en lid 6. Ontbinding ex. artikel 2:19 vindt aanvulling in artikel 2:301.
Een bv kent een tweeledige organisatiestructuur in die zin dat zij twee verplichte organen heeft: de
aandeelhoudersvergadering en het bestuur. Een Raad van Commissarissen dient te worden ingesteld
indien de bv gedurende drie aan de structuurcriteria beantwoord. Voor bestuur en
aandeelhoudersvergadering gelden naast specifieke bevoegdheidsbepalingen twee regels ex. artikel
2:217 en 2:239. Het bestuur is belast met het besturen van de vennootschap behoudens beperkingen
volgens de statuten. Aan de aandeelhoudersvergaderingen komen alle binnen de grenzen van de wet
gestelde bevoegdheden toe die niet aan een ander orgaan toekomen. Maakt de bv gebruik van artikel
2:239a dan zal de taak van de niet-uitvoerende bestuurders omvatten het toezicht houden op en
adviseren van de uitvoerende bestuurders. De niet-uitvoerende bestuurders nemen wel deel aan de
bestuursvergaderingen. Er is dan sprake van een one-tier-board. Onder besturen wordt verstaan het
leidinggeven aan de dagelijkse gang van zaken in de door de bv gedreven onderneming. Ook het
bepalen van de strategie en het maken van plannen voor de toekomst van de bv en de met haar
verbonden ondernemingen is in beginsel een bestuursaangelegenheid. De wet kent de
aandeelhoudersvergadering zekere bevoegdheden toe ex. artikel 2:206 jo. 2:208 jo. 2:210 jo. 2:231
jo. 2:242 jo. 2:44 jo. 2:272 jo. 2:252 jo. 2:254 jo. 2:268 jo. 2:271a jo. 2:317 jo. 2:18 jo. 2:19. De
aandeelhoudersvergadering dient de in de wet en statuten vastgelegde verdeling van bevoegdheden
te respecteren. Zij kan zonder specifieke wettelijke of statutaire grondslag geen bindende
aanwijzingen geven aan het bestuur. Wanneer een bestuurder benoemd wordt, is er sprake van zowel
een vennootschapsrechtelijke positie als een contractuele rechtsverhouding. In geval van ontslag
worden beiden verhoudingen aangetast. Ontslag van een bestuurder is alleen mogelijk wanneer er
geen sprake is van een van de gevallen ex. artikel 7:670. Besluitvorming in de vergadering is geregeld
middels artikel 2:217 – 2:230. Daarnaast kan er sprake zijn van besluitvorming buiten de vergadering.
Dit is geoorloofd mits alle vergadergerechtigden van de bv hier mee hebben ingestemd ex. artikel
2:238. Een aandeelhouder heeft in beginsel één stem per aandeel. Het is daarnaast ook mogelijk om
stemrechtloze aandelen uit te geven. Ex. artikel 2:8 dienen onderlinge verhoudingen tussen
aandeelhouders naar redelijkheid en billijkheid worden vormgegeven. Besluiten worden op een
aandeelhoudersvergadering in beginsel met volstrekte meerderheid van stemmen genomen.
Bestuurders en commissarissen hebben een raadgevende stem in de aandeelhoudersvergadering.
Aandeelhouders kennen in beginsel vrij stemrecht. Een bestuurder met een tegenstrijdig belang mag
echter niet deelnemen aan de beraadslaging en besluitvorming ex. artikel 2:239. Deze regeling geldt
ook voor besluitvorming door de Raad van Commissarissen. Uit HR Bruil volgt dat dit het geval is
wanneer zich een conflict voordoet tussen een concreet persoonlijk belang van de bestuurder en het
vennootschappelijk belang dat de bestuurders dient te behartigen. In de eerste plaats is er een
tegenstrijdig belang in gevallen waarin de bestuurder en de vennootschap met elkaar handelen. Ten
tweede kan hier sprake van zijn wanneer er sprake is van een transactie met een derde waarbij de
bestuurder betrokken is bij het belang van die derde in zekere zin. Hetzelfde geldt wanneer er tussen
vennootschappen een overeenkomst wordt gesloten, waarbij beide vennootschappen dezelfde
bestuurder kennen. In dergelijk geval is er sprake van een kwalitatief strijdig belang.
Anders dan bij de bv kunnen de bestuurders en de commissarissen van een nv niet worden benoemd
of ontslagen door een besluit van slechts bepaalde aandeelhouders. Iedere aandeelhouder heeft in
beginsel stemrecht, de nv kent geen stemrechtloze aandelen. Voor besluitvorming buiten de
vergadering is bij de nv onder meer een statutaire voorziening nodig ex. artikel 2:128. Artikel 2:107a
bepaalt dat besluiten van het bestuur van een nv omtrent een belangrijke verandering van de
, identiteit of het karakter van de vennootschap of de onderneming aan de goedkeuring van de
algemene vergadering zijn onderworpen. Het artikel geeft enkele situaties waarin hier sprake van is.
Voor beursgenoteerde bedrijven kan men onderscheid maken tussen gewone aandelen,
prioriteitsaandelen en preferente aandelen. Een beslissing van de aandeelhoudersvergadering, het
bestuur of een ander orgaan van de vennootschap wordt beschouwd als rechtshandeling. Dergelijke
besluiten kunnen nietig of vernietigbaar zijn ex. artikel 2:14 jo. 2:15 jo. 2:16. Nietigheid geldt van
rechtswege en is vervat in artikel 2:14. Een besluit is nietig wanneer deze door inhoud of strekking in
strijd is met de wet of de statuten. In sommige gevallen is bekrachtiging mogelijk, maart enkel
wanneer het gebrek aan het besluit behoort tot de categorie totstandkomingsgebreken. Artikel 2:15
regelt de vernietigbaarheid van besluiten. Een vernietigbaar besluit is geldig zolang de rechter het
niet vernietigd. De bevoegdheid om vernietiging te vragen, vervalt na één jaar na het nemen van het
besluit. Een belangrijke grond voor vernietiging is strijd met de wettelijke en statutaire bepalingen die
het tot stand komen van besluiten regelen. Een tweede grond voor vernietigbaarheid is strijd met de
redelijkheid en billijkheid als bedoeld in artikel 2:8. Een derde grond is wanneer een besluit in strijd is
met een reglement. Een nietig of vernietigd besluit heeft geen rechtsgevolg. In enkele gevolgen geldt
er ten aanzien van betrokkenen derdenbescherming ex. artikel 2:16.
Ieder lid binnen een vereniging of coöperatie heeft in beginsel één stem gezien er met name sprake is
van een persoonsassociaties, de stemgerechtigdheid is niet aan bezit verbonden. De artikel 2:14 jo.
2:15 jo. 2:16 zijn ook op besluiten van verenigingen, coöperaties en stichtingen van toepassing.
Hoofdstuk 8
Door een statutenwijziging verandert de inrichting van een nv of bv. Artikel 2:121/2:231 bepaalt dat
de aandeelhoudersvergadering bevoegd is tot statutenwijziging. Deze dient bij notariële akte plaats te
vinden. Een rechtspersoon kan zich omzetten in een andere rechtsvorm. De omzetting is voor alle
rechtspersonen geregeld in artikel 2:18. Voor omzetting is allereerst een besluit tot omzetting vereist.
Hier is de aandeelhoudersvergadering toe bevoegd. Artikel 2:71/2:181 geeft aanvullende regels voor
de omzetting van een nv dan wel bv in een andere rechtsvorm. Artikel 2:72/2:183 geeft aanvullende
regels voor de omzetting van een andere rechtsvorm in een nv dan wel bv. Ontbinding luidt het einde
van de vennootschap in. Na ontbinding blijft de vennootschap bestaan voor zover dit tot vereffening
van haar vermogen nodig is ex. artikel 2:19. Een nv of bv kan ontbonden worden door een daartoe
strekkend besluit van de algemene vergadering, gebeurtenissen als voorzien in de statuten dan wel
faillietverklaring. Ex. artikel 2:19a kan dit ook geschieden middels beschikking van de KvK. Hetzelfde
geldt voor de rechtbank op verzoek van het openbaar ministerie. Na ontbinding zijn de vereffenaars
belast met de vereffening van het vermogen van de vennootschap. De hoofdregel is dat de
bestuurders van de vennootschap als vereffenaars optreden. Een vereffenaar heeft ex. artikel 2:23a
de bevoegdheden, plichten en aansprakelijkheden van een bestuurder. Ex. artikel 2:23c is herleving
van de rechtspersoon mogelijk wanneer blijkt dat er nog geen volledige vereffening heeft
plaatsgevonden. De bepalingen omtrent statutenwijziging, omzetting, splitsing en ontbinding gelden
op gelijke wijze voor de vereniging en de coöperatie. Organen van een stichting kunnen de statuten
slechts wijzigen als de statuten dat toestaan ex. artikel 2:293. Herstructurering komt met bepaalde
beperkingen ex. artikel 2:18 lid 4 en lid 6. Ontbinding ex. artikel 2:19 vindt aanvulling in artikel 2:301.