Corporate finance & risk management
Lecture 1
De eerste vraag die we ons zelf moeten stellen is wat is finance, finance is een bepaalde
kunst/ wetenschap over hoe men rijk dommen managed. De rijkdommen zijn een
weerspiegeling van de markt waarde van de assets en op het specifiek moment.
Als we finance dan specifieker maken komen we bijvoorbeeld bij corporate finance, dit gaat
over keuzen maken van welke assets te kopen/verkopen en wanneer deze te kopen over
verkopen. Binnen die decision making proces zijn twee factoren die deze beslissingen
beinvloeden:
• Time: de timing van cash inflows en outflows zijn verschillend, en de management
moet zorgen dat er genoeg cash is om het bedrijf draaiende te houden.
• Uncertainty: verder zijn het verwachtingen van bepaalde cash stromen, omdat het
een verwachting is betekent dat dat het niet 100% zeker is dat het binnen komt.
Corporate finance kan men opdelen in drie onderdelen:
• Investment = Investement gaat over de long-term investment die je maakt wat in de
toekomst een cash inflow moet creeren maar op het moment een cash outflow
creeert.
• Financing = Dit gaat over bij wie je de financiering haalt voor de long-term projects
waar je mee bezig bent. Denk hierbij aan stockmarket, private equitiy funds or
lenders. Hierbij moet men opletten dat men een cash inflow krijgt vandaag de dag
maar dat er toekomstige verplichtingen aan verbonden zijn.
• Liquidity = liquidity gaat over de vraag hoe je je dagelijkse activiteiten financierd en
gaat dus over de short term cash inflows and outflows.
Met deze drie onderdelen kijkt men binnen finance naar de volgende onderdelen:
• Debt financing
• Equity financing
• Bankruptcy risks
• Short and long-term investment
Over het algemeen is finance gericht op het maximaliseren van market capatilisation of te wel
de aandeelhouderswaarden, risico management en het proberen te vermijden van financial
distress(problemen)
Als we de waarden van een bedrijf willen bepalen doen we dat aan de hand van financial
statements, uit die financial statement kunnen dan weer financial management decision
maken. Voor financial management gebruikt men twee soorten statements, deze worden
geleverd door het bedrijf op jaar of kwartaal basis. In financial management kijkt men naar de
inflow en outflow van cash, de twee statements zijn:
• Balance sheet = hoeveel is bedrijf waard op een bepaald moment in tijd
• Income statement = wat is de winst van het bedrijf in een bepaalde periode
Voor de financial analysis kijkt men vooral naar de cash flow van een bedrijf, short term,
hiermee bepaald men namelijk de waarde van het bedrijf/ share price.
,Financial management decisions
Met de balance sheet van een bedrijf kunnen we drie soorten management decisions nemen:
• Capital budgeting decisions = Dit besluit gaat over het proces van plannen en
managen van een bedrijf long-term investments. Je vindt dit op de volgende plek in
de balance sheet:
• Capital structure decision = Dit gaat over de keuzen om op welke manier capitaal te
moeten vervaardigen, leningen of bonds, shares. Determining how much debt
should be assumed to fund a project
• Dit staat op de volgende plek:
• Working capital management = Dit gaat over hoe een bedrijf zich draaiende houdt,
alle short term cashflows in een bedrijf zodat de assets de liabilities kan dekken.
Hiervoor gebruikt men het volgende deel:
, In de working capital management decision gebruikt men de Net working capital
management (NWC) om te bepalen wat de short-term cashflow is. Als deze positief
is is dit goed anders hebben we een probleem. Altijd zonder property en zonder long
term debt.
NWC = Current Assets – Current Liabilties
The goal of financial management is to maximize the current value per share of the existing
equity.
Vormen van een Business Organization
In deze course hebben we drie soorten business organizations, sole proprietorship,
partnership en corporation.
• Sole properietship = bij deze vorm is men eigen baas en ook volledige aansprakelijk
voor het doen en laten van het bedrijf.
• Partnership = bij deze vorm leidt je samen met een partner het bedrijf maar ben je
dus ook samen aansprakelijk.
• Corportation = bij een corporation is de leidinggevende niet volledig aansprakelijk,
dit komt omdat ownership en management gescheiden is. Het bedrijf heeft een
oneindige levensduur, ownership is makkelijk over te dragen en er is een beperkte
maate van aansprakelijkheid. Doordat het bezit is verdeel onder meer mensen en
bestuurder niet volledig aansprakelijk is is het makkelijker om via deze vorm kapitaal
aan te trekken.
Doordat in een corporate bezit en bestuur dus gescheiden is is een corporation
gebasseerd op een set van contracten. Het belangrijkste contract is de agency
relationship, dit is een contract tussen shareholders en managers. Doordat
sharehlders en managers niet altijd dezelfde interest hebben kunnen er agency
problems ontstaan. Om dit op te lossen kan men oplossingen zoeken, deze zijn vaak
wel prijzig, het monitoren van management behavoiur noemt men ook wel agency
costs.
Men kan ook incentives in het contract van de manager inbouwen zodat zijn interest
groten deels overeenkomen met die van de shares holders, denk hierbij aan:
o Managerial compensation plans = het uitkeren van bonussen in de vorm van
aandelen waardoor de manager gaat proberen share price te stuwen.
o Threats of termination of employement = Het ontbinden van een contract
als bepaalde doelen niet zijn gehaal
o Threats of takeover = wanneer de koers van het aandeel zo laag staat kan
het bedrijf interessant worden voor overnamen waardoor de manager zijn
positie verliest.
Cash flows
• Net income = Total sales – Cost of sales (gross profit) – selling general &admin
expenses – R&D – Depriciation & Amortization (Operating income) + Other income
(EBIT) - Interest Income expenses (Pretax Income) – Taxes
• Operating Cash flow (1) = Net income + Depreciation & Amortization + Interest
Expense – Δ Net working capital
, • Operating Cash flow (2) = EBIT + Depreciation – Taxes - Δ Net working capital
• Owners equity = adding up all of the business assets and deducting all of its
liabilities.
Voor de operating cashflow, moeten we alles toevoegen dat eraf getrokken is maar geen
officiële cashflow is. Depreciatie en amortization voegen we daarom weer toe, het is een non-
cash expense. Men trekt dit normaal van de Operating Income af omdat het zorgt voor een
lagere pretax income waardoor men minder belasting hoeft af te dragen.
Verder willen we ook Interest income expense weer toevoegen omdat dit een financing
expense is en dus niets te maken heeft met de operating cashflow.
Dan hebben we nog Δ Net working capital de delta creerer je door het oudere jaar van het
nieuwere jaar af te trekken, 2015-2014.
Is de Δ Net working capital positief =,,,,,,,,,,,,
Is de Δ Net working capital negatief = ,,,,,,,,,,,,,
Vanuit de Net income gaat een percentage naar de aandeelhouders in de vorm van een
dividend payment (winst deling) de rest gaat naar de post retained earnings.
Financial markets
Als bedrijven cash willen aantrekken kunnen ze dat doen door gebruik te maken van de
financial markets en daarmee investeerders erbij te betrekken.
Je kan de financial market in tween delen en daarna ook nog een onderscheid maken in wat
voor een soort investeerder is.
• Money market = Securities/ Financial assets met loopttijd van max 1 jaar
• Capital market = Securities / Financial assets met looptijd van minimaal 1 jaar
Dan kunnen we dus nog onderscheid maken markt van investeerders:
• Primary Market = subscription sales (first sale)
• Seccondary market = open market sales (after sale)
Men kan dit als volgt visualiseren:
Lecture 2
In de vorige lecture spraken we over de Cash flow van operating activities maar er zijn ook
nog andere cashflows, deze zijn CF investing activities en CF van financing activities. De
total cash flow is als volgt opgebouwd:
𝑻𝒐𝒕𝒂𝒍 𝒄𝒂𝒔𝒉 𝒇𝒍𝒐𝒘 = 𝑪𝑭 𝑶𝒑𝒆𝒓𝒂𝒕𝒊𝒏𝒈 𝒂𝒄𝒕 = 𝑪𝑭 𝑰𝒏𝒗𝒆𝒔𝒕𝒊𝒏𝒈 𝒂𝒄𝒕 + 𝑪𝑭 𝒇𝒊𝒏𝒂𝒄𝒊𝒏𝒈 𝒂𝒄𝒕.
Lecture 1
De eerste vraag die we ons zelf moeten stellen is wat is finance, finance is een bepaalde
kunst/ wetenschap over hoe men rijk dommen managed. De rijkdommen zijn een
weerspiegeling van de markt waarde van de assets en op het specifiek moment.
Als we finance dan specifieker maken komen we bijvoorbeeld bij corporate finance, dit gaat
over keuzen maken van welke assets te kopen/verkopen en wanneer deze te kopen over
verkopen. Binnen die decision making proces zijn twee factoren die deze beslissingen
beinvloeden:
• Time: de timing van cash inflows en outflows zijn verschillend, en de management
moet zorgen dat er genoeg cash is om het bedrijf draaiende te houden.
• Uncertainty: verder zijn het verwachtingen van bepaalde cash stromen, omdat het
een verwachting is betekent dat dat het niet 100% zeker is dat het binnen komt.
Corporate finance kan men opdelen in drie onderdelen:
• Investment = Investement gaat over de long-term investment die je maakt wat in de
toekomst een cash inflow moet creeren maar op het moment een cash outflow
creeert.
• Financing = Dit gaat over bij wie je de financiering haalt voor de long-term projects
waar je mee bezig bent. Denk hierbij aan stockmarket, private equitiy funds or
lenders. Hierbij moet men opletten dat men een cash inflow krijgt vandaag de dag
maar dat er toekomstige verplichtingen aan verbonden zijn.
• Liquidity = liquidity gaat over de vraag hoe je je dagelijkse activiteiten financierd en
gaat dus over de short term cash inflows and outflows.
Met deze drie onderdelen kijkt men binnen finance naar de volgende onderdelen:
• Debt financing
• Equity financing
• Bankruptcy risks
• Short and long-term investment
Over het algemeen is finance gericht op het maximaliseren van market capatilisation of te wel
de aandeelhouderswaarden, risico management en het proberen te vermijden van financial
distress(problemen)
Als we de waarden van een bedrijf willen bepalen doen we dat aan de hand van financial
statements, uit die financial statement kunnen dan weer financial management decision
maken. Voor financial management gebruikt men twee soorten statements, deze worden
geleverd door het bedrijf op jaar of kwartaal basis. In financial management kijkt men naar de
inflow en outflow van cash, de twee statements zijn:
• Balance sheet = hoeveel is bedrijf waard op een bepaald moment in tijd
• Income statement = wat is de winst van het bedrijf in een bepaalde periode
Voor de financial analysis kijkt men vooral naar de cash flow van een bedrijf, short term,
hiermee bepaald men namelijk de waarde van het bedrijf/ share price.
,Financial management decisions
Met de balance sheet van een bedrijf kunnen we drie soorten management decisions nemen:
• Capital budgeting decisions = Dit besluit gaat over het proces van plannen en
managen van een bedrijf long-term investments. Je vindt dit op de volgende plek in
de balance sheet:
• Capital structure decision = Dit gaat over de keuzen om op welke manier capitaal te
moeten vervaardigen, leningen of bonds, shares. Determining how much debt
should be assumed to fund a project
• Dit staat op de volgende plek:
• Working capital management = Dit gaat over hoe een bedrijf zich draaiende houdt,
alle short term cashflows in een bedrijf zodat de assets de liabilities kan dekken.
Hiervoor gebruikt men het volgende deel:
, In de working capital management decision gebruikt men de Net working capital
management (NWC) om te bepalen wat de short-term cashflow is. Als deze positief
is is dit goed anders hebben we een probleem. Altijd zonder property en zonder long
term debt.
NWC = Current Assets – Current Liabilties
The goal of financial management is to maximize the current value per share of the existing
equity.
Vormen van een Business Organization
In deze course hebben we drie soorten business organizations, sole proprietorship,
partnership en corporation.
• Sole properietship = bij deze vorm is men eigen baas en ook volledige aansprakelijk
voor het doen en laten van het bedrijf.
• Partnership = bij deze vorm leidt je samen met een partner het bedrijf maar ben je
dus ook samen aansprakelijk.
• Corportation = bij een corporation is de leidinggevende niet volledig aansprakelijk,
dit komt omdat ownership en management gescheiden is. Het bedrijf heeft een
oneindige levensduur, ownership is makkelijk over te dragen en er is een beperkte
maate van aansprakelijkheid. Doordat het bezit is verdeel onder meer mensen en
bestuurder niet volledig aansprakelijk is is het makkelijker om via deze vorm kapitaal
aan te trekken.
Doordat in een corporate bezit en bestuur dus gescheiden is is een corporation
gebasseerd op een set van contracten. Het belangrijkste contract is de agency
relationship, dit is een contract tussen shareholders en managers. Doordat
sharehlders en managers niet altijd dezelfde interest hebben kunnen er agency
problems ontstaan. Om dit op te lossen kan men oplossingen zoeken, deze zijn vaak
wel prijzig, het monitoren van management behavoiur noemt men ook wel agency
costs.
Men kan ook incentives in het contract van de manager inbouwen zodat zijn interest
groten deels overeenkomen met die van de shares holders, denk hierbij aan:
o Managerial compensation plans = het uitkeren van bonussen in de vorm van
aandelen waardoor de manager gaat proberen share price te stuwen.
o Threats of termination of employement = Het ontbinden van een contract
als bepaalde doelen niet zijn gehaal
o Threats of takeover = wanneer de koers van het aandeel zo laag staat kan
het bedrijf interessant worden voor overnamen waardoor de manager zijn
positie verliest.
Cash flows
• Net income = Total sales – Cost of sales (gross profit) – selling general &admin
expenses – R&D – Depriciation & Amortization (Operating income) + Other income
(EBIT) - Interest Income expenses (Pretax Income) – Taxes
• Operating Cash flow (1) = Net income + Depreciation & Amortization + Interest
Expense – Δ Net working capital
, • Operating Cash flow (2) = EBIT + Depreciation – Taxes - Δ Net working capital
• Owners equity = adding up all of the business assets and deducting all of its
liabilities.
Voor de operating cashflow, moeten we alles toevoegen dat eraf getrokken is maar geen
officiële cashflow is. Depreciatie en amortization voegen we daarom weer toe, het is een non-
cash expense. Men trekt dit normaal van de Operating Income af omdat het zorgt voor een
lagere pretax income waardoor men minder belasting hoeft af te dragen.
Verder willen we ook Interest income expense weer toevoegen omdat dit een financing
expense is en dus niets te maken heeft met de operating cashflow.
Dan hebben we nog Δ Net working capital de delta creerer je door het oudere jaar van het
nieuwere jaar af te trekken, 2015-2014.
Is de Δ Net working capital positief =,,,,,,,,,,,,
Is de Δ Net working capital negatief = ,,,,,,,,,,,,,
Vanuit de Net income gaat een percentage naar de aandeelhouders in de vorm van een
dividend payment (winst deling) de rest gaat naar de post retained earnings.
Financial markets
Als bedrijven cash willen aantrekken kunnen ze dat doen door gebruik te maken van de
financial markets en daarmee investeerders erbij te betrekken.
Je kan de financial market in tween delen en daarna ook nog een onderscheid maken in wat
voor een soort investeerder is.
• Money market = Securities/ Financial assets met loopttijd van max 1 jaar
• Capital market = Securities / Financial assets met looptijd van minimaal 1 jaar
Dan kunnen we dus nog onderscheid maken markt van investeerders:
• Primary Market = subscription sales (first sale)
• Seccondary market = open market sales (after sale)
Men kan dit als volgt visualiseren:
Lecture 2
In de vorige lecture spraken we over de Cash flow van operating activities maar er zijn ook
nog andere cashflows, deze zijn CF investing activities en CF van financing activities. De
total cash flow is als volgt opgebouwd:
𝑻𝒐𝒕𝒂𝒍 𝒄𝒂𝒔𝒉 𝒇𝒍𝒐𝒘 = 𝑪𝑭 𝑶𝒑𝒆𝒓𝒂𝒕𝒊𝒏𝒈 𝒂𝒄𝒕 = 𝑪𝑭 𝑰𝒏𝒗𝒆𝒔𝒕𝒊𝒏𝒈 𝒂𝒄𝒕 + 𝑪𝑭 𝒇𝒊𝒏𝒂𝒄𝒊𝒏𝒈 𝒂𝒄𝒕.