Casus 7; waternood
Probleemstellingen
- Cholera
- Behandeling van uitdroging?
- Ethisch dilemma
- Wanneer is iemand niet meer te redden?
- Multi-orgaan falen
Leerdoelen
1) Herhaling: maak een schema met daarin alle regulatie- en
compensatiemechanismes (blok 1.2 en 1.3) die bij deze cholerapatiënten
geactiveerd worden tijdens de vroege fase van hun ziekte.
2) Falen van de homeostase; falen van compensatiemechanismes
3) Deze patiënten verliezen heel veel vocht. Uit welke van de volgende vochttherapieën
kan Jouwert nu het best kiezen (en waarom): Glucose 5%, NaCl 0,9% of Plasma?
4) Nadenken over het maken van moeilijke keuzes: wel of niet behandelen? Lijden
behandelen? Begrip palliatieve zorg.
Uitwerken leerdoelen
1) Herhaling: maak een schema met daarin alle regulatie- en
compensatiemechanismes (blok 1.2 en 1.3) die bij deze cholerapatiënten
geactiveerd worden tijdens de vroege fase van hun ziekte.
Compensatiemechanisme
Wanneer het lichaam te veel vocht verliest uit alle organen, bijvoorbeeld door de
cholera-bacterie, wordt dat dehydratie genoemd. Dehydratie kan heel gevaarlijk zijn, het kan
namelijk zorgen voor een verlaagd bloedvolume wat kan resulteren in een hypovolemische
shock. Wanneer een shock herstelbaar is door het lichaam wordt het een ‘compensated
shock’ genoemd. De factoren die ervoor kunnen zorgen dat het herstelbaar is, werken
allemaal via een negatieve feedback systeem. De factoren zijn;
1. De baroreceptoren reflexen: activatie van het sympathische zenuwstelsel, waardoor
vasoconstrictie zal starten.
2. De reactie van het centraal zenuwstelsel op de ischemie: deze zorgt voor een nog
grotere stimulans van het sympathische deel van het zenuwstelsel, deze geeft alleen
deze stimulans af wanneer de arteriële bloeddruk onder de 50 mmHg uitkomt.
3. De omkering van de stress-relaxatie van het circulatoire systeem: hierdoor
contraheren de bloedvaten ook, waardoor het bloed beter verdeeld wordt.
4. Een toegenomen secretie van renine: activatie van het RAAS-systeem.
5. Een toegenomen secretie van vasopressine (ADH) door de neurohypofyse: ook
hierdoor wordt het RAAS-systeem geactiveerd.
6. Een toegenomen secretie van epinephrine en norepinephrine door de
bijnierenmedulla: vasoconstrictie van zowel de arteriolen als van de venen en een
verhoogde hartfrequentie/slagvolume.
7. Mechanismen die zorgen voor een vergroot volume, voorbeelden hiervan zijn: een
toegenomen drang tot water en zout en absorptie van kleine hoeveelheden vloeistof
vanuit het interstitium en vanuit de darmen.
Factor 1, 2 en 6 zorgen voor een hele snelle reactie, het kost tussen de 30 seconden en een
paar minuten om al van invloed te zijn. Factor 3, 4 en 5 werken iets minder snel, bij deze
Probleemstellingen
- Cholera
- Behandeling van uitdroging?
- Ethisch dilemma
- Wanneer is iemand niet meer te redden?
- Multi-orgaan falen
Leerdoelen
1) Herhaling: maak een schema met daarin alle regulatie- en
compensatiemechanismes (blok 1.2 en 1.3) die bij deze cholerapatiënten
geactiveerd worden tijdens de vroege fase van hun ziekte.
2) Falen van de homeostase; falen van compensatiemechanismes
3) Deze patiënten verliezen heel veel vocht. Uit welke van de volgende vochttherapieën
kan Jouwert nu het best kiezen (en waarom): Glucose 5%, NaCl 0,9% of Plasma?
4) Nadenken over het maken van moeilijke keuzes: wel of niet behandelen? Lijden
behandelen? Begrip palliatieve zorg.
Uitwerken leerdoelen
1) Herhaling: maak een schema met daarin alle regulatie- en
compensatiemechanismes (blok 1.2 en 1.3) die bij deze cholerapatiënten
geactiveerd worden tijdens de vroege fase van hun ziekte.
Compensatiemechanisme
Wanneer het lichaam te veel vocht verliest uit alle organen, bijvoorbeeld door de
cholera-bacterie, wordt dat dehydratie genoemd. Dehydratie kan heel gevaarlijk zijn, het kan
namelijk zorgen voor een verlaagd bloedvolume wat kan resulteren in een hypovolemische
shock. Wanneer een shock herstelbaar is door het lichaam wordt het een ‘compensated
shock’ genoemd. De factoren die ervoor kunnen zorgen dat het herstelbaar is, werken
allemaal via een negatieve feedback systeem. De factoren zijn;
1. De baroreceptoren reflexen: activatie van het sympathische zenuwstelsel, waardoor
vasoconstrictie zal starten.
2. De reactie van het centraal zenuwstelsel op de ischemie: deze zorgt voor een nog
grotere stimulans van het sympathische deel van het zenuwstelsel, deze geeft alleen
deze stimulans af wanneer de arteriële bloeddruk onder de 50 mmHg uitkomt.
3. De omkering van de stress-relaxatie van het circulatoire systeem: hierdoor
contraheren de bloedvaten ook, waardoor het bloed beter verdeeld wordt.
4. Een toegenomen secretie van renine: activatie van het RAAS-systeem.
5. Een toegenomen secretie van vasopressine (ADH) door de neurohypofyse: ook
hierdoor wordt het RAAS-systeem geactiveerd.
6. Een toegenomen secretie van epinephrine en norepinephrine door de
bijnierenmedulla: vasoconstrictie van zowel de arteriolen als van de venen en een
verhoogde hartfrequentie/slagvolume.
7. Mechanismen die zorgen voor een vergroot volume, voorbeelden hiervan zijn: een
toegenomen drang tot water en zout en absorptie van kleine hoeveelheden vloeistof
vanuit het interstitium en vanuit de darmen.
Factor 1, 2 en 6 zorgen voor een hele snelle reactie, het kost tussen de 30 seconden en een
paar minuten om al van invloed te zijn. Factor 3, 4 en 5 werken iets minder snel, bij deze