Studielast 10-15 uur per week. Stappenplan: lezen literatuur,
huiswerkopdracht, college volgen, huiswerkopdracht aanpassen+opsturen,
werkgroep volgen
Eén toetsmoment. Tentamen bestaat uit open vragen. 70% openvragen
methoden en statistiek. 30% SPSS vragen.
HC 1 28-1-2025
Onderzoeksplan bestaat uit:
Probleemstelling:
- Vraagstelling
- Doelstelling
- Theoretisch raamwerk
Onderzoeks-ontwerp:
- Onderzoeksopzet
- Dataverzamelingsplan
- Steekproefplan
- Wanneer?
- Waar?
- Data-analyseplan
- Rapportageplan
Probleemstelling
- Vraagstellen – wat wil je weten?
- Doelstelling – waarom wil je onderzoek doen?
- Theoretisch raamwerk – vanuit welk perspectief naar je vraag kijken?
Vraagstelling: wat?
- Wat ga je onderzoeken?
- Overkoepelende vraag, vaak met deelvragen
- Verschillende typen vraagstellingen
o Hangt samen met keuze onderzoeksmethode
Typen vraagstellingen
- Beschrijvende vraagstelling
o Trend (twee tijdstippen vergelijken)
o Comparatief (twee locaties/groepen vergelijken)
o In hoeverre komt iets voor
- Verklarende vraagstelling
o Waarom leidt x tot y?
o Welke x-en kunnen y verklaren?
- Voorspellende vraagstelling
o Tot welke y leidt x
Verklaren + voorspelling = causale vraagstellingen
,Doelstelling
- Fundamenteel onderzoek (kennisprobleem)
- Praktijkgericht onderzoek (praktijkgericht)
- Exploratief (weinig beschikbare kennis)
- Toetsend (veel beschikbare kennis)
Theoretisch raamwerk
- Hoe je over een onderwerp denkt. Bijvoorbeeld cultuur ect.
- Belangrijk voor hoe je je onderzoek opzet, heeft met elkaar te maken
Onderzoeksopzet
- Methoden
o Enquête
o Experiment
o Etnografisch veldonderzoek
o Documentanalyse
- Design
o Aantal meetgroepen
o Hoeveel groepen deelnemers`
o Hoeveel meetmomenten
Cross-sectioneel design: 1 meetmomenten, meerdere groepen
Trendonderzoek design: meerdere meetmomenten, meerdere groepen
Panel design: 1 groep volgen in de tijd
Dataverzamelingsplan
- Op welke manier ga je gegevens verzamelen?
o Hoe bereik je mensen?
o Hoe maak je dat ze mee willen doen aan je onderzoek?
o Waar moet je rekening mee houden?
- Kwaliteit van je gegevens?
o Operationalisaties van concepten
o Meetniveau’s variabelen
Meetniveau’s introductie
- Vraagstelling
- Hypothesen
- Operationaliseren
- Variabelen (items) en hun waardes (scores)
o Belangrijk om je te realiseren wat de betekenis is van de
waarden die op variabelen onderscheiden worden
o Heeft te maken met het meetniveau van de variabele
o Straks belangrijk bij het rekenen van onderzoeksgegeven van
statistische analyses
Meetniveaus
- Nominaal
o Getal is slechts een label.
, o Type delict, vermogen = 1, geweld = 2, openbare orde = 3
- Ordinaal
o Rangorde
o Intervallen tussen getallen zijn niet even groot
o Opleidingsniveau, 1 = VMBO, 2 = HAVO, 3 = VWO
- Interval
o Rangorde
o Intervallen tussen getallen zijn even groot
o Geen vast nulpunt
o Temperatuur, attitudeschalen (1-5)
- Ratio
o Rangorde
o Intervallen tussen getallen zijn even groot
o Vast nulpunt
o Natuurkundige grootheden
Primair onderzoek: je gaat als onderzoeker zelf de data verzamelen
Secundair onderzoek: je maakt gebruik van data die voor een eerder
doel is verzameld.
Politiegegevens of gemeentelijke basisadministratie
WC1
Bindingen zorgen vaak voor minder agressie, maar in gevangenis kan dit
anders lopen. Vaak zit je in een cel met hoog risico mensen.
Sociale leertheorie: je leert van je directe omgeving. Als je bij agressieve
mensen komt vertoon je dat mogelijk ook meer.
Sociale controle is heel hoog in detentie context -> je ziet dat mensen dan
juist minder agressie vertonen.
Theoretisch raamwerk: hypothese die uit de theorie voortkomen proberen
te verklaren.
Prospectief: je loop mee in het heden
Retrospectief: je vraag terug naar een periode die al is geweest. “Vertel
eens over je basisschool?”
Kwantitatief onderzoek: je gaat je gegevens mee rekenen, vaak met
tabellen
Kwalitatief onderzoek: analyseren van teksten/observatie/gesprekken
Begrippen
Continue variabelen (ratio en interval samen)
SPSS noemt dat scale variables
Continue waarden (ook decimalen zijn betekenisvol): bv leeftijd, je kan 2,5
jaar zijn
Discrete waarden (alleen hele waarden): bv aantal delicten, je kan geen
2,5 delicten hebben of 2,5 kinderen hebben
huiswerkopdracht, college volgen, huiswerkopdracht aanpassen+opsturen,
werkgroep volgen
Eén toetsmoment. Tentamen bestaat uit open vragen. 70% openvragen
methoden en statistiek. 30% SPSS vragen.
HC 1 28-1-2025
Onderzoeksplan bestaat uit:
Probleemstelling:
- Vraagstelling
- Doelstelling
- Theoretisch raamwerk
Onderzoeks-ontwerp:
- Onderzoeksopzet
- Dataverzamelingsplan
- Steekproefplan
- Wanneer?
- Waar?
- Data-analyseplan
- Rapportageplan
Probleemstelling
- Vraagstellen – wat wil je weten?
- Doelstelling – waarom wil je onderzoek doen?
- Theoretisch raamwerk – vanuit welk perspectief naar je vraag kijken?
Vraagstelling: wat?
- Wat ga je onderzoeken?
- Overkoepelende vraag, vaak met deelvragen
- Verschillende typen vraagstellingen
o Hangt samen met keuze onderzoeksmethode
Typen vraagstellingen
- Beschrijvende vraagstelling
o Trend (twee tijdstippen vergelijken)
o Comparatief (twee locaties/groepen vergelijken)
o In hoeverre komt iets voor
- Verklarende vraagstelling
o Waarom leidt x tot y?
o Welke x-en kunnen y verklaren?
- Voorspellende vraagstelling
o Tot welke y leidt x
Verklaren + voorspelling = causale vraagstellingen
,Doelstelling
- Fundamenteel onderzoek (kennisprobleem)
- Praktijkgericht onderzoek (praktijkgericht)
- Exploratief (weinig beschikbare kennis)
- Toetsend (veel beschikbare kennis)
Theoretisch raamwerk
- Hoe je over een onderwerp denkt. Bijvoorbeeld cultuur ect.
- Belangrijk voor hoe je je onderzoek opzet, heeft met elkaar te maken
Onderzoeksopzet
- Methoden
o Enquête
o Experiment
o Etnografisch veldonderzoek
o Documentanalyse
- Design
o Aantal meetgroepen
o Hoeveel groepen deelnemers`
o Hoeveel meetmomenten
Cross-sectioneel design: 1 meetmomenten, meerdere groepen
Trendonderzoek design: meerdere meetmomenten, meerdere groepen
Panel design: 1 groep volgen in de tijd
Dataverzamelingsplan
- Op welke manier ga je gegevens verzamelen?
o Hoe bereik je mensen?
o Hoe maak je dat ze mee willen doen aan je onderzoek?
o Waar moet je rekening mee houden?
- Kwaliteit van je gegevens?
o Operationalisaties van concepten
o Meetniveau’s variabelen
Meetniveau’s introductie
- Vraagstelling
- Hypothesen
- Operationaliseren
- Variabelen (items) en hun waardes (scores)
o Belangrijk om je te realiseren wat de betekenis is van de
waarden die op variabelen onderscheiden worden
o Heeft te maken met het meetniveau van de variabele
o Straks belangrijk bij het rekenen van onderzoeksgegeven van
statistische analyses
Meetniveaus
- Nominaal
o Getal is slechts een label.
, o Type delict, vermogen = 1, geweld = 2, openbare orde = 3
- Ordinaal
o Rangorde
o Intervallen tussen getallen zijn niet even groot
o Opleidingsniveau, 1 = VMBO, 2 = HAVO, 3 = VWO
- Interval
o Rangorde
o Intervallen tussen getallen zijn even groot
o Geen vast nulpunt
o Temperatuur, attitudeschalen (1-5)
- Ratio
o Rangorde
o Intervallen tussen getallen zijn even groot
o Vast nulpunt
o Natuurkundige grootheden
Primair onderzoek: je gaat als onderzoeker zelf de data verzamelen
Secundair onderzoek: je maakt gebruik van data die voor een eerder
doel is verzameld.
Politiegegevens of gemeentelijke basisadministratie
WC1
Bindingen zorgen vaak voor minder agressie, maar in gevangenis kan dit
anders lopen. Vaak zit je in een cel met hoog risico mensen.
Sociale leertheorie: je leert van je directe omgeving. Als je bij agressieve
mensen komt vertoon je dat mogelijk ook meer.
Sociale controle is heel hoog in detentie context -> je ziet dat mensen dan
juist minder agressie vertonen.
Theoretisch raamwerk: hypothese die uit de theorie voortkomen proberen
te verklaren.
Prospectief: je loop mee in het heden
Retrospectief: je vraag terug naar een periode die al is geweest. “Vertel
eens over je basisschool?”
Kwantitatief onderzoek: je gaat je gegevens mee rekenen, vaak met
tabellen
Kwalitatief onderzoek: analyseren van teksten/observatie/gesprekken
Begrippen
Continue variabelen (ratio en interval samen)
SPSS noemt dat scale variables
Continue waarden (ook decimalen zijn betekenisvol): bv leeftijd, je kan 2,5
jaar zijn
Discrete waarden (alleen hele waarden): bv aantal delicten, je kan geen
2,5 delicten hebben of 2,5 kinderen hebben