Toevoeging: Herhaal theorie verwering, erosie, rampen en (gedeeltelijk) klimaat
Paragraaf 1 & 2: Geofactoren & bodemtypes
- De zes landschapszones (=een zeer groot natuurlijk gebied waarvan de aard bepaald wordt
door de combinatie van de geofactoren klimaat, plantengroei en water) worden
onderverdeeld (enkel dikgedrukte namen op de atlaskaart GB245) in: polaire, boreale,
gematigde, subtropische, aride en tropische zones.
- De vijfklimaatgebieden worden weergegeven op de atlaskaart GB244. Bij de
klimaatgebieden is het de bedoeling dat je zowel het hoofd –als het subklimaat opschrijft.
Om te bepalen hoe een landschap zich heeft gevormd worden de geofactoren gebruikt. Deze
samenhangende negen geofactoren zijn:
- Mens (meest drastische geofactor, heeft het snelst invloed op het landschap)
- Dier
- Plant
- Bodem
- Water
- Lucht
- Klimaat (meest bepalende factor)
- Reliëf
- Gesteente
- Tijd
Schematische weergave van de 9 geofactoren
Enkele vooraanstaande voorbeelden van landschappen (of delen daarvan) zijn:
• Smog (=smoke/rook + fog/mist)
- De rook ontstaat door een combinatie van uitlaatgassen (co2), industrie (stikstof) en
verwarming.
- In combinatie met een windstil gebied en een hogedrukgebied (weinig vocht in de lucht)
ontstaat er een mist van rook, ook wel smog.
, • Permafrost (=(bijna) permanent bevroren ondergrond)
- Te vinden in hooggebergten en gebieden nabij de polen.
- Voordelen ontdooien permafrost: de grond kan gebruikt worden voor (land)bouw +
natuurlijke grondstoffen kunnen worden aangeboord
- Nadeel ontdooien permafrost: er komen veel broeikasgassen, voornamelijk methaan, vrij,
waardoor opwarming van de aarde wordt versterkt.
• Rode bodems in het tropisch regenwoud
- Ontstaan doordat er in deze gebieden sprake is van zeer sterke chemische verwering. Hierbij
zijn ijzer –en aluminiumhoudende verbindingen ontstaan die de grond een rode kleur geven
• Donkere bodems die bestaan uit een dikke zwarte humusrijke en vruchtbare bovenlaag.
- Ontstaan op gematigde breedte, wanneer de nuttige neerslag (verschil tussen de
gevallen hoeveelheid neerslag en de verdamping) vrijwel nul is.
- Doordat er geen uitspoeling (infiltrerend regenwater neemt voedingsstoffen en
bodemmateriaal mee waarna het dieper in de grond weer inspoelt) plaatsvindt, hoopt
alle humus zich op direct onder het oppervlak.
Horizontale weergave van bodems
Paragraaf 3 & 4 landdegradatie
Landdegradatie is de aantasting van landschap en bodem waardoor het vermogen van het gebied
om natuurlijke hulpbronnen te produceren daalt. Dit kan zowel door de natuur als de mens worden
veroorzaakt. Er zijn drie vormen van landdegradatie:
1. De bovenste laag van de bodem spoelt weg/verdwijnt (bodemerosie)
• In de ‘natuur’ gebeurt dit door een combinatie van neerslag + reliëf + losliggend materiaal
• De mens versnelt dit proces door: ontbossing + roofbouw (landbouwgrond verkeerde
gebruiken) + monocultuur (het verbouwen van slechts 1 gewas, waardoor de grond een tijd
braak komt te liggen)
- Bodemerosie kan verminderd worden door duurzaam landgebruik in de vorm van:
Polycultuur (meerdere soorten vegetatie/gewassen tegelijk verbouwen) + onderbegroeiing
(gewassen als tarwe worden onder andere typen vegetatie als olijfbomen geplant) +
stripcultuur (in rijen gewassen verbouwen)