Min of meer herhaling
Terminologie 101
sensoren in de periferie, worden gestimuleerd door een stimulus> informatie afferent naar
zwarte doos (CZS)> efferente informatie sturen effector aan>respons
● sensor in de periferie staat in verbinding met een neuron (pseudounipolair neuron)>
black box> efferente axonen> effectoren (spier)
○
■ Je hebt 2 soorten tast: somatisch en visceraal
● somatisch: voelen we met derivatem van somieten
● visceraal: alles wat we voelen met viscera
○
■ effector systeem verdelen in 2 groepen
● somatomotor syteem (willekeurig)
○ dwarsgestreept
● visceromotor systeem(onwillekeurig)
○ gladde spieren
○ klieren
Wat doet een lesie: het onderbreekt ergens de informatie flow> het effect is dat de output
verandert. Wat er verandert is afhankelijk van de locatie
● als je onderbreekt in het afferente gedeelte: sensibele uitval> uitval gevoelsfunctie
● in efferente gedeelte onderbreking> verlammingen, gedeelte spieren niet meer
aangestuurd
● in de zwarte doos> complexe veranderingen cognitieve functies
,Vaak is efferent en afferent verbonden. Bv in het perifere zenuwstelsel lopen axonen die
afferent en efferent zijn samen in zenuwen, dus die gaan vaak samen stuk.
● Het punt is, het is dus belangrijk om de neuroanatomische locaties goed te kennen
Als je een axon door midden breekt dan kan je dat niet zomaar terugzetten, omdat het
perifere deel van het axon dan verloren gaat. Deze is namelijk niet meer verbonden met het
cellichaam, dus geen eiwitsynthese daar en geen energie.
● Je kan het alleen maar repareren doordat het axon opnieuw uitgroeit, maar niet door
aan elkaar te zetten
De linkerkant van het brein controleert de rechterkant van het lichaam en omgekeerd.
,● te zien is dat richting ventraal en dorsaal in het brein verandert en ook caudaal en
rostraal omdat tov het CZS wordt gekeken
● Een zenuw is een bundel axonen, hierin bevinden zich geen zenuwcellen
● een ganglion is een klont perifere neuronen
, ● Veel namen in hersenen afgeleid van embryologie
Het brein kan je onderverdelen in deze stukken
●
Terminologie 101
sensoren in de periferie, worden gestimuleerd door een stimulus> informatie afferent naar
zwarte doos (CZS)> efferente informatie sturen effector aan>respons
● sensor in de periferie staat in verbinding met een neuron (pseudounipolair neuron)>
black box> efferente axonen> effectoren (spier)
○
■ Je hebt 2 soorten tast: somatisch en visceraal
● somatisch: voelen we met derivatem van somieten
● visceraal: alles wat we voelen met viscera
○
■ effector systeem verdelen in 2 groepen
● somatomotor syteem (willekeurig)
○ dwarsgestreept
● visceromotor systeem(onwillekeurig)
○ gladde spieren
○ klieren
Wat doet een lesie: het onderbreekt ergens de informatie flow> het effect is dat de output
verandert. Wat er verandert is afhankelijk van de locatie
● als je onderbreekt in het afferente gedeelte: sensibele uitval> uitval gevoelsfunctie
● in efferente gedeelte onderbreking> verlammingen, gedeelte spieren niet meer
aangestuurd
● in de zwarte doos> complexe veranderingen cognitieve functies
,Vaak is efferent en afferent verbonden. Bv in het perifere zenuwstelsel lopen axonen die
afferent en efferent zijn samen in zenuwen, dus die gaan vaak samen stuk.
● Het punt is, het is dus belangrijk om de neuroanatomische locaties goed te kennen
Als je een axon door midden breekt dan kan je dat niet zomaar terugzetten, omdat het
perifere deel van het axon dan verloren gaat. Deze is namelijk niet meer verbonden met het
cellichaam, dus geen eiwitsynthese daar en geen energie.
● Je kan het alleen maar repareren doordat het axon opnieuw uitgroeit, maar niet door
aan elkaar te zetten
De linkerkant van het brein controleert de rechterkant van het lichaam en omgekeerd.
,● te zien is dat richting ventraal en dorsaal in het brein verandert en ook caudaal en
rostraal omdat tov het CZS wordt gekeken
● Een zenuw is een bundel axonen, hierin bevinden zich geen zenuwcellen
● een ganglion is een klont perifere neuronen
, ● Veel namen in hersenen afgeleid van embryologie
Het brein kan je onderverdelen in deze stukken
●