HC 5 a
● de primaire auditieve cortex bevindt zich in de gyrus temporalis superior, zie je aan
de buitenkant maar een beetje van, grootste deel in het horizontale vlak
● het buitenoor van kraakbeen
○ staat via meatus acusticus externus (buis) in verbinding met onderdelen
binnen
■ deze meatus loopt naar voren en naar beneden, dus als je erin wil
kijken moet je oor naar achter en naar boven trekken
■ wordt binnen in afgesloten door de trommelvlies
■ trommelvlies is altijd gespannen en staat met punt naar binnen toe,
hoek van 55 graden met verticaal
■ trommelvlies buitenkant wordt sensibel geïnnerveerd door een tak van
de trigeminus (V3)
, ● binnenkant sensibel geïnnerveerd door nervus
glossopharyngeus
Je kunt met een otoscoop naar het oor kijken als je naar achter en boven trekt
● bij het naar binnen schijnen van licht hoor je een lichtreflectie te zien (anders is het
trommelvlies slap)
○ hiermee kun je ook oriënteren: lichtreflectie zit voor en onder
● in het midden zie je een gedeelte van de hamer
● meteen achter het trommelvlies zit de chorda tympani: tak van de nervus facialis,
loopt door het middenoor heen
○ dit is de aftakking die 2/3e voorste smaak van de tong zal gaan voorzien
● verder kan je het trommelvlies verdelen in een slap en strak gedeelte
○ pars flaccida (slap)
○ pars tensa (gespannen)
● het middenoor is een met slijmvlies beklede holte in het rotsbeen
, ○ deze bevat een keten van gehoorbeentjes: hamer (malleus), aambeeld
(incus) en stijgbeugel (stapes)
■ hebben als functie om de uitslag van het trommelvlies om te zetten in
een grotere uitslag thv stijgbeugel. stijgbeugel tordeerd en klapt tegen
het foramen ovale aan. Foramen ovale geeft toegang tot het benig
labyrint
○ omdat het met slijmvlies bekleed is, absorbeert het ook CO2, dus als de
ruimte was afgesloten werd de luchtdruk daar lager dan buitenwereld,
waardoor het trommelvlies strak komt te staan, en vibreert het niet meer goed
en doet pijn
■ om dit op te lossen heb je buis van eustachius met kraakbeen
gewrichten boven, zorgt voor opengaan van buis tijdens het slikken
● het binnenoor
○ is gelegen in het rotsbeen zelf, het rotsbeen is massief
○ de holte in het rotsbeen noemen we het benig labyrith, dit is de caviteit die
zich bevindt in het rotsbeen
○ in de caviteit ligt het membraneuze labyrinth bestaande uit
■ slakkenhuis (cochlea)
■ utriculus en sacculus
■ semicircular canals
○ Bij het pijltje zit de meatus acusticus internus
■ hier zit de ingang van meatus acusticus
internus:porus acusticus internus
● dus vestibulocochlearis zenuw en facialis verlaten via porus
acusticus internus de schedel en gaan naar binnen en via
meatus acusticus internus en lopen daar het membraneuze
labyrinth
, ● het rotsbeen (pars petrosum van het os temporale) is een onderdeel van het os
temporale
○ heeft een piramidevorm: punt wijst naar binnen en mediaal
■ base van die piramide van buiten naar binnen
● meatus externus
● tympanic cavity=middenoor
● benig labyrinth
● meatus acusticus internus
■ vanaf de apex van de piramide loopt verder
● de buis van eustachius: staat in verbinding met keelholte
● canalis caroticus
● as van het slakkenhuis wijst naar voren, buiten en beneden
● achter zitten 3 halfcirkelvormige kanalen
○ 2 verticale cirkels maken een hoek van 45 graden met voor achterwaartse as
■ helpt om extra nauwkeurig dingen waar te nemen
■ zitten dus niet gwn links en rechts
● 3 plaatjes hier zijn een afgietsel van het benig labyrint en zijn niet het membraneuze
labyrinth zelf
○ foramen ovale boven en foramen rotundum bij het rechter plaatje boven
● de primaire auditieve cortex bevindt zich in de gyrus temporalis superior, zie je aan
de buitenkant maar een beetje van, grootste deel in het horizontale vlak
● het buitenoor van kraakbeen
○ staat via meatus acusticus externus (buis) in verbinding met onderdelen
binnen
■ deze meatus loopt naar voren en naar beneden, dus als je erin wil
kijken moet je oor naar achter en naar boven trekken
■ wordt binnen in afgesloten door de trommelvlies
■ trommelvlies is altijd gespannen en staat met punt naar binnen toe,
hoek van 55 graden met verticaal
■ trommelvlies buitenkant wordt sensibel geïnnerveerd door een tak van
de trigeminus (V3)
, ● binnenkant sensibel geïnnerveerd door nervus
glossopharyngeus
Je kunt met een otoscoop naar het oor kijken als je naar achter en boven trekt
● bij het naar binnen schijnen van licht hoor je een lichtreflectie te zien (anders is het
trommelvlies slap)
○ hiermee kun je ook oriënteren: lichtreflectie zit voor en onder
● in het midden zie je een gedeelte van de hamer
● meteen achter het trommelvlies zit de chorda tympani: tak van de nervus facialis,
loopt door het middenoor heen
○ dit is de aftakking die 2/3e voorste smaak van de tong zal gaan voorzien
● verder kan je het trommelvlies verdelen in een slap en strak gedeelte
○ pars flaccida (slap)
○ pars tensa (gespannen)
● het middenoor is een met slijmvlies beklede holte in het rotsbeen
, ○ deze bevat een keten van gehoorbeentjes: hamer (malleus), aambeeld
(incus) en stijgbeugel (stapes)
■ hebben als functie om de uitslag van het trommelvlies om te zetten in
een grotere uitslag thv stijgbeugel. stijgbeugel tordeerd en klapt tegen
het foramen ovale aan. Foramen ovale geeft toegang tot het benig
labyrint
○ omdat het met slijmvlies bekleed is, absorbeert het ook CO2, dus als de
ruimte was afgesloten werd de luchtdruk daar lager dan buitenwereld,
waardoor het trommelvlies strak komt te staan, en vibreert het niet meer goed
en doet pijn
■ om dit op te lossen heb je buis van eustachius met kraakbeen
gewrichten boven, zorgt voor opengaan van buis tijdens het slikken
● het binnenoor
○ is gelegen in het rotsbeen zelf, het rotsbeen is massief
○ de holte in het rotsbeen noemen we het benig labyrith, dit is de caviteit die
zich bevindt in het rotsbeen
○ in de caviteit ligt het membraneuze labyrinth bestaande uit
■ slakkenhuis (cochlea)
■ utriculus en sacculus
■ semicircular canals
○ Bij het pijltje zit de meatus acusticus internus
■ hier zit de ingang van meatus acusticus
internus:porus acusticus internus
● dus vestibulocochlearis zenuw en facialis verlaten via porus
acusticus internus de schedel en gaan naar binnen en via
meatus acusticus internus en lopen daar het membraneuze
labyrinth
, ● het rotsbeen (pars petrosum van het os temporale) is een onderdeel van het os
temporale
○ heeft een piramidevorm: punt wijst naar binnen en mediaal
■ base van die piramide van buiten naar binnen
● meatus externus
● tympanic cavity=middenoor
● benig labyrinth
● meatus acusticus internus
■ vanaf de apex van de piramide loopt verder
● de buis van eustachius: staat in verbinding met keelholte
● canalis caroticus
● as van het slakkenhuis wijst naar voren, buiten en beneden
● achter zitten 3 halfcirkelvormige kanalen
○ 2 verticale cirkels maken een hoek van 45 graden met voor achterwaartse as
■ helpt om extra nauwkeurig dingen waar te nemen
■ zitten dus niet gwn links en rechts
● 3 plaatjes hier zijn een afgietsel van het benig labyrint en zijn niet het membraneuze
labyrinth zelf
○ foramen ovale boven en foramen rotundum bij het rechter plaatje boven