Digibib zorgt voor een veilig pedagogisch klimaat:
Opdracht V1 wat is een pedagogisch klimaat.
Een veilig pedagogisch klimaat is een vereiste op goed te kunnen ontwikkelen. Wat ervoor
zorgt dat kinderen zich prettig en veilig voelen op school of de kinderopvang. Het
pedagogisch klimaat is van groot belang voor de ontwikkeling van kinderen. Hoofdzakelijk op
het gebied van de emotionele ontwikkeling. De groepsleider of leraar heeft het meeste
invloed op het pedagogisch klimaat in de klas of kinderopvang.
Beschrijf op welke wijze jij als pedagogisch werker een bijdrage kunt leveren aan een veilig
pedagogisch klimaat.
Als de relatie tussen de groepsleider of leerling goed is ontstaat er bij jongeren en kinderen
een veilig gevoel. Dit heeft een positieve invloed op de ontwikkeling, leerprestaties,
welbevinden en de relatie tussen leerlingen onderling.
- Toon warmte in het contact met de leerling. Het is belangrijk om goed te luisteren en
interesse te tonen in wat de leerling belangrijk vindt.
- Probeer zo helder mogelijk te communiceren zo maak je de verwachtingen duidelijk
naar de leerling toe.
- Geef niet alleen aan wat niet mag, maar ook welk gedrag gewenst is.
- Wees duidelijk over hoe je wilt dat leerlingen met elkaar omgaan.
Beschrijf welke bijdrage de vier pedagogische basisdoelen kunnen leveren ten aanzien van
een veilig pedagogisch klimaat.
Emotionele veiligheid:
Het gevoel dat bij het kind zich vertrouwd en veilig voelt op school of de kinderopvang. Dat
ze welkom zijn, mee mogen doen en dat ze bij elke leidster terecht kunnen.
- Werken met vaste leidsters
- De kinderen hebben een vaste ruimte, waar genoeg ruimte is voor beweging en rust.
- Het inleven in kinderen hun gedachtes en gevoelens en ze accepteren.
Persoonlijke competentie:
Er wordt vooral met dit doel gericht op de persoonskenmerken zoals veerkracht,
zelfstandigheid, zelfvertrouwen, flexibiliteit en creativiteit. Ook wil het zeggen dat kinderen
de mogelijkheid hebben om vaardigheden te leren en zelfvertrouwen op te bouwen.
Bijvoorbeeld voor het leren van taal.
- Kinderen mee laten helpen met de dagelijkse klusjes
- Kinderen te betrekken bij activiteiten
, Sociale competentie:
Het hebben van vertrouwen in anderen en de hulp durven te vragen en ontvangen. Inzicht in
je ‘eigen ik’ en in anderen.
- Emoties van de kinderen te spiegelen en te benoemen
- Ze helpen waar nodig met een sociale botsing
Normen en waarden:
De waarden zijn opvattingen. We drukken dit uit in woorden zoals: mooi, lelijk , fijn
enzovoort. De normen zijn duidelijke regels en voorschriften voor ons handelen in situaties.
- Kinderen bewust laten worden van hun handelen en dat reflecteren
- Als kinderen overstuur zijn of boos blijven moeten de groepsleiders duidelijk in hun
communicatie zijn.
Opdracht V2: opzoek naar jouw normen en waarden
Ik vind het belangrijk dat we respectvol met elkaar omgaan, door elkaar te accepteren hoe je
bent en dat je je zelf kan zijn en zo mensen in hun waarden laat. Ik vind het ook belangrijk
om naar elkaar te luisteren en beleefd te zijn. Empathisch vermogen is belangrijk, zodat je je
kunt inleven in mensen en kan aansluiten bij de behoeften van de doelgroep.
1Norm: iemand uitlachen in het gezicht is niet leuk
Waarde: respect hebben voor de ander
2Norm: iemand helpen
Waarde: behulpzaam
3Norm: ouderen spreek je aan met ‘u’
Waarde: beleefdheid
3 beroeps gebonden normen en waarde:
1norm: als een kind hulp nodig heeft dan help je diegene.
Waarde: behulpzaamheid
2norm: je luistert naar elkaar en laat elkaar netjes uitpraten.
Waarde: respect
3 norm: Je kauwt geen kauwgom als je met het kind aan het communiceren bent.
Waarde: beleefdheid en respectvol
Opdracht V1 wat is een pedagogisch klimaat.
Een veilig pedagogisch klimaat is een vereiste op goed te kunnen ontwikkelen. Wat ervoor
zorgt dat kinderen zich prettig en veilig voelen op school of de kinderopvang. Het
pedagogisch klimaat is van groot belang voor de ontwikkeling van kinderen. Hoofdzakelijk op
het gebied van de emotionele ontwikkeling. De groepsleider of leraar heeft het meeste
invloed op het pedagogisch klimaat in de klas of kinderopvang.
Beschrijf op welke wijze jij als pedagogisch werker een bijdrage kunt leveren aan een veilig
pedagogisch klimaat.
Als de relatie tussen de groepsleider of leerling goed is ontstaat er bij jongeren en kinderen
een veilig gevoel. Dit heeft een positieve invloed op de ontwikkeling, leerprestaties,
welbevinden en de relatie tussen leerlingen onderling.
- Toon warmte in het contact met de leerling. Het is belangrijk om goed te luisteren en
interesse te tonen in wat de leerling belangrijk vindt.
- Probeer zo helder mogelijk te communiceren zo maak je de verwachtingen duidelijk
naar de leerling toe.
- Geef niet alleen aan wat niet mag, maar ook welk gedrag gewenst is.
- Wees duidelijk over hoe je wilt dat leerlingen met elkaar omgaan.
Beschrijf welke bijdrage de vier pedagogische basisdoelen kunnen leveren ten aanzien van
een veilig pedagogisch klimaat.
Emotionele veiligheid:
Het gevoel dat bij het kind zich vertrouwd en veilig voelt op school of de kinderopvang. Dat
ze welkom zijn, mee mogen doen en dat ze bij elke leidster terecht kunnen.
- Werken met vaste leidsters
- De kinderen hebben een vaste ruimte, waar genoeg ruimte is voor beweging en rust.
- Het inleven in kinderen hun gedachtes en gevoelens en ze accepteren.
Persoonlijke competentie:
Er wordt vooral met dit doel gericht op de persoonskenmerken zoals veerkracht,
zelfstandigheid, zelfvertrouwen, flexibiliteit en creativiteit. Ook wil het zeggen dat kinderen
de mogelijkheid hebben om vaardigheden te leren en zelfvertrouwen op te bouwen.
Bijvoorbeeld voor het leren van taal.
- Kinderen mee laten helpen met de dagelijkse klusjes
- Kinderen te betrekken bij activiteiten
, Sociale competentie:
Het hebben van vertrouwen in anderen en de hulp durven te vragen en ontvangen. Inzicht in
je ‘eigen ik’ en in anderen.
- Emoties van de kinderen te spiegelen en te benoemen
- Ze helpen waar nodig met een sociale botsing
Normen en waarden:
De waarden zijn opvattingen. We drukken dit uit in woorden zoals: mooi, lelijk , fijn
enzovoort. De normen zijn duidelijke regels en voorschriften voor ons handelen in situaties.
- Kinderen bewust laten worden van hun handelen en dat reflecteren
- Als kinderen overstuur zijn of boos blijven moeten de groepsleiders duidelijk in hun
communicatie zijn.
Opdracht V2: opzoek naar jouw normen en waarden
Ik vind het belangrijk dat we respectvol met elkaar omgaan, door elkaar te accepteren hoe je
bent en dat je je zelf kan zijn en zo mensen in hun waarden laat. Ik vind het ook belangrijk
om naar elkaar te luisteren en beleefd te zijn. Empathisch vermogen is belangrijk, zodat je je
kunt inleven in mensen en kan aansluiten bij de behoeften van de doelgroep.
1Norm: iemand uitlachen in het gezicht is niet leuk
Waarde: respect hebben voor de ander
2Norm: iemand helpen
Waarde: behulpzaam
3Norm: ouderen spreek je aan met ‘u’
Waarde: beleefdheid
3 beroeps gebonden normen en waarde:
1norm: als een kind hulp nodig heeft dan help je diegene.
Waarde: behulpzaamheid
2norm: je luistert naar elkaar en laat elkaar netjes uitpraten.
Waarde: respect
3 norm: Je kauwt geen kauwgom als je met het kind aan het communiceren bent.
Waarde: beleefdheid en respectvol