Week 1: Belastingplicht, winstbepaling,
deelnemingsvrijstelling
Subjectieve Belastingplicht: Wie betaald belasting
● Binnenlandse belastingplichtigen: Dit zijn entiteiten die in Nederland gevestigd zijn en
belastingplichtig zijn voor hun wereldwijde inkomen. Voorbeelden zijn NV's, BV's, en
coöperaties. Ook stichtingen en verenigingen kunnen belastingplichtig zijn, maar
alleen voor zover zij een onderneming drijven (art. 2 Vpb).
● Buitenlandse belastingplichtigen: Dit zijn entiteiten die niet in Nederland gevestigd
zijn, maar wel belastingplichtig zijn voor bepaalde inkomsten uit Nederland, zoals
winst uit een Nederlandse onderneming of inkomsten uit onroerend goed in
Nederland (art. 3 Vpb). De bepaling voor technisch aanmerkelijk belang is herleefd
door de substance eisen
Fiscale Winstbegrip: Waarover betaal je belasting
● Totaalwinst: Dit is het totale bedrag aan voordelen dat een onderneming behaalt. Het
fiscale winstbegrip wijkt af van het commerciële winstbegrip, omdat het gebaseerd is
op nominalisme en historische kosten in plaats van IFRS.
● Jaarwinst: Dit is de winst die in een bepaald jaar wordt behaald en belast. De fiscale
winst wordt bepaald volgens specifieke regels in de Vpb, zoals rente-
aftrekbeperkingen en deelnemingsvrijstellingen (art. 7-16 Vpb voor binnenlandse
belastingplichtigen, art. 17-19 Vpb voor buitenlandse belastingplichtigen).
Specifieke Bepalingen VBP
● Deelnemingsvrijstelling: Deze vrijstelling zorgt ervoor dat voordelen uit
deelnemingen, zoals dividenden en koerswinsten, buiten de fiscale winst blijven. Dit
voorkomt dubbele belastingheffing. Financieringskosten zijn wel aftrekbaar, maar
aankoop- en verkoopkosten van deelnemingen niet (art. 13 t/m 13k Vpb).
● Fiscale eenheid: Dit stelt groepen van vennootschappen in staat om voor de
vennootschapsbelasting als één belastingplichtige te worden behandeld. Dit kan
voordelen bieden, zoals het verrekenen van verliezen binnen de groep (art. 15 t/m
15aj Vpb).
Deelnemingsvrijstelling - nadere toelichting
Wanneer is er sprake van een deelneming? (Art. 13 lid 2 Vpb)
Voorwaarden:
● De aandeelhouder moet ten minste 5% van het nominaal gestorte kapitaal bezitten.
● De deelneming mag niet ter belegging worden aangehouden (oogmerktoets, art. 13
lid 9 Vpb).
Geen sprake van deelnemingsvrijstelling:
● Als de belastingplichtige zelf een fiscale beleggingsinstelling (FBI) is (art. 13 lid 8
Vpb).
, ● Als de deelneming ter belegging wordt aangehouden, tenzij het een kwalificerende
beleggingsdeelneming is (art. 13 lid 11 Vpb).
Specifieke bepalingen
● Aflopende deelneming: De deelneming blijft nog drie jaar als deelneming gelden na
het zakken onder de 5%-grens (art. 13 lid 16 Vpb).
● Meesleepregeling: Als de belastingplichtige een deelneming heeft, vallen daar ook
winstbewijzen en hybride schuldvorderingen onder (art. 13 lid 4 Vpb).
● Meetrekregeling: Als een verbonden lichaam een deelneming heeft, kunnen
belangen van minder dan 5% worden meegetrokken (art. 13 lid 5 Vpb).
● Earn-out regeling: De (ver)koopprijs van een deelneming kan deels afhankelijk zijn
van latere winsten (art. 13 lid 6 Vpb).
● Afdek Instrumenten valutarisico: Deze vallen ook onder de deelnemingsvrijstelling
(art. 13 lid 7 Vpb).
Verplichte Herwaardering Laagbelaste Beleggingsdeelnemingen (Art. 13a Vpb)
● Hoofdregel: Deelnemingen worden gewaardeerd op kostprijs, niet op de
nettovermogenswaarde zoals commercieel gebruikelijk.
● Herwaardering: Bij een belang van 25% of meer moet jaarlijks worden
geherwaardeerd naar de werkelijke economische waarde (WEV) om oneindig
belastinguitstel te voorkomen.
Vervreemding of Omzetting Afgewaardeerde Schuldvordering (Art. 13b en 13ba Vpb)
● Misbruik voorkomen: Vordering afwaarderen ten laste van de winst en vervolgens
vervreemden of omzetten in aandelenkapitaal. Indien de vordering daarna "volloopt",
zou dit buiten de heffing blijven.
● Sanctie: Afwaardering moet worden teruggenomen.
Liquidatieverlies bij Deelneming (Art. 13d Vpb)
● Uitzondering op de deelnemingsvrijstelling: Verlies is aftrekbaar.
● Begrip "opgeofferd bedrag": Correctie van de liquidatie uitkering met winstuitdelingen
van voorgaande jaren.
● Doorschuiving latent liquidatieverlies: Bij voortzetting binnen het concern.
● Inperkingen: Maximaal € 5.000.000, tenzij er sprake is van een kwalificerend belang
met doorslaggevende stem (>50%) en gevestigd in NL, EU/EER/Associatieverdrag.
Ten minste vijf jaar aan deze voorwaarden voldaan.
Aankoop- en Verkoopkosten
● Recente jurisprudentie: Alleen die kosten zijn niet aftrekbaar die niet zouden zijn
gemaakt indien de transactie niet had plaatsgevonden. Bij niet doorgaan van de deal:
transitorische post.
, Belastingplicht Publiekrechtelijke Lichamen
● Publiekrechtelijke lichamen zijn belastingplichtig voor zover zij een onderneming
drijven. Een onderneming wordt gedefinieerd als een duurzame organisatie van
kapitaal en arbeid die optreedt in het economisch verkeer met een (potentieel)
winststreven. Het regelmatig behalen van overschotten is voldoende om als
onderneming te worden beschouwd (art. 2 lid 1.e Vpb).
● Vrijstellingen: Bepaalde activiteiten van de overheid zijn vrijgesteld van belasting. Dit
omvat interne activiteiten, het uitoefenen van overheidstaken, quasi-inbesteding, en
samenwerkingsverbanden. Specifieke vrijstellingen zijn er voor academische
ziekenhuizen en bekostigd onderwijs en onderzoek (art. 6b Vpb).
Subjectieve Vrijstellingen
● Lichamen met een sociaal doel: Dit omvat stichtingen en verenigingen die beperkte
winstgevende activiteiten uitvoeren. Zij zijn vrijgesteld van belasting als hun jaarwinst
minder dan € 15.000 bedraagt of als de cumulatieve winst over vijf jaar minder dan €
75.000 bedraagt (art. 5 en 6 Vpb).
Aparte Belastingplicht Beleggingsmaatschappijen
● Vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI): Deze instellingen zijn vrijgesteld van
vennootschapsbelasting, mits zij onder toezicht staan van de AFM (art. 6a Vpb).
● Fiscale beleggingsinstelling (FBI): Deze instellingen zijn wel belastingplichtig, maar
tegen een nul-tarief. Zij moeten aan specifieke voorwaarden voldoen, zoals een
doorstootverplichting van winst (art. 28 Vpb).
1. VBI: Vrijgestelde beleggingsinstelling, vrijgesteld van VPB mits:
a. Moet onder toezicht staan van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) vanaf 1
januari 2025.
b. Meerdere aandeelhouders, waarbij één aandeelhouder maximaal 90% van de
aandelen mag bezitten.
c. Moet een NV met veranderlijk kapitaal zijn.
d. Beleggingen zijn beperkt tot financiële instrumenten zoals gedefinieerd in de
Wet op het financieel toezicht (WFT) en banktegoeden.
e. Geen beleggingen in onroerend goed of onderhandse leningen toegestaan.
2. FBI: fiscale beleggingsinstelling : Een FBI is wel belastingplichtig maar tegen een
nul-tarief
a. Voorwaarden hiervoor zijn:
i. Aandeelhouders Restricties:
1. Beursgenoteerd: Maximaal 25% van de aandelen mag in
handen zijn van één natuurlijk persoon, en maximaal 45% van
de aandelen mag in handen zijn van lichamen die
onderworpen zijn aan winstbelasting.
2. Niet beursgenoteerd: Geen aanmerkelijkbelanghouders
toegestaan. Minimaal 75% van de aandelen moet in handen
zijn van natuurlijke personen of lichamen die niet onderworpen
zijn aan winstbelasting.
deelnemingsvrijstelling
Subjectieve Belastingplicht: Wie betaald belasting
● Binnenlandse belastingplichtigen: Dit zijn entiteiten die in Nederland gevestigd zijn en
belastingplichtig zijn voor hun wereldwijde inkomen. Voorbeelden zijn NV's, BV's, en
coöperaties. Ook stichtingen en verenigingen kunnen belastingplichtig zijn, maar
alleen voor zover zij een onderneming drijven (art. 2 Vpb).
● Buitenlandse belastingplichtigen: Dit zijn entiteiten die niet in Nederland gevestigd
zijn, maar wel belastingplichtig zijn voor bepaalde inkomsten uit Nederland, zoals
winst uit een Nederlandse onderneming of inkomsten uit onroerend goed in
Nederland (art. 3 Vpb). De bepaling voor technisch aanmerkelijk belang is herleefd
door de substance eisen
Fiscale Winstbegrip: Waarover betaal je belasting
● Totaalwinst: Dit is het totale bedrag aan voordelen dat een onderneming behaalt. Het
fiscale winstbegrip wijkt af van het commerciële winstbegrip, omdat het gebaseerd is
op nominalisme en historische kosten in plaats van IFRS.
● Jaarwinst: Dit is de winst die in een bepaald jaar wordt behaald en belast. De fiscale
winst wordt bepaald volgens specifieke regels in de Vpb, zoals rente-
aftrekbeperkingen en deelnemingsvrijstellingen (art. 7-16 Vpb voor binnenlandse
belastingplichtigen, art. 17-19 Vpb voor buitenlandse belastingplichtigen).
Specifieke Bepalingen VBP
● Deelnemingsvrijstelling: Deze vrijstelling zorgt ervoor dat voordelen uit
deelnemingen, zoals dividenden en koerswinsten, buiten de fiscale winst blijven. Dit
voorkomt dubbele belastingheffing. Financieringskosten zijn wel aftrekbaar, maar
aankoop- en verkoopkosten van deelnemingen niet (art. 13 t/m 13k Vpb).
● Fiscale eenheid: Dit stelt groepen van vennootschappen in staat om voor de
vennootschapsbelasting als één belastingplichtige te worden behandeld. Dit kan
voordelen bieden, zoals het verrekenen van verliezen binnen de groep (art. 15 t/m
15aj Vpb).
Deelnemingsvrijstelling - nadere toelichting
Wanneer is er sprake van een deelneming? (Art. 13 lid 2 Vpb)
Voorwaarden:
● De aandeelhouder moet ten minste 5% van het nominaal gestorte kapitaal bezitten.
● De deelneming mag niet ter belegging worden aangehouden (oogmerktoets, art. 13
lid 9 Vpb).
Geen sprake van deelnemingsvrijstelling:
● Als de belastingplichtige zelf een fiscale beleggingsinstelling (FBI) is (art. 13 lid 8
Vpb).
, ● Als de deelneming ter belegging wordt aangehouden, tenzij het een kwalificerende
beleggingsdeelneming is (art. 13 lid 11 Vpb).
Specifieke bepalingen
● Aflopende deelneming: De deelneming blijft nog drie jaar als deelneming gelden na
het zakken onder de 5%-grens (art. 13 lid 16 Vpb).
● Meesleepregeling: Als de belastingplichtige een deelneming heeft, vallen daar ook
winstbewijzen en hybride schuldvorderingen onder (art. 13 lid 4 Vpb).
● Meetrekregeling: Als een verbonden lichaam een deelneming heeft, kunnen
belangen van minder dan 5% worden meegetrokken (art. 13 lid 5 Vpb).
● Earn-out regeling: De (ver)koopprijs van een deelneming kan deels afhankelijk zijn
van latere winsten (art. 13 lid 6 Vpb).
● Afdek Instrumenten valutarisico: Deze vallen ook onder de deelnemingsvrijstelling
(art. 13 lid 7 Vpb).
Verplichte Herwaardering Laagbelaste Beleggingsdeelnemingen (Art. 13a Vpb)
● Hoofdregel: Deelnemingen worden gewaardeerd op kostprijs, niet op de
nettovermogenswaarde zoals commercieel gebruikelijk.
● Herwaardering: Bij een belang van 25% of meer moet jaarlijks worden
geherwaardeerd naar de werkelijke economische waarde (WEV) om oneindig
belastinguitstel te voorkomen.
Vervreemding of Omzetting Afgewaardeerde Schuldvordering (Art. 13b en 13ba Vpb)
● Misbruik voorkomen: Vordering afwaarderen ten laste van de winst en vervolgens
vervreemden of omzetten in aandelenkapitaal. Indien de vordering daarna "volloopt",
zou dit buiten de heffing blijven.
● Sanctie: Afwaardering moet worden teruggenomen.
Liquidatieverlies bij Deelneming (Art. 13d Vpb)
● Uitzondering op de deelnemingsvrijstelling: Verlies is aftrekbaar.
● Begrip "opgeofferd bedrag": Correctie van de liquidatie uitkering met winstuitdelingen
van voorgaande jaren.
● Doorschuiving latent liquidatieverlies: Bij voortzetting binnen het concern.
● Inperkingen: Maximaal € 5.000.000, tenzij er sprake is van een kwalificerend belang
met doorslaggevende stem (>50%) en gevestigd in NL, EU/EER/Associatieverdrag.
Ten minste vijf jaar aan deze voorwaarden voldaan.
Aankoop- en Verkoopkosten
● Recente jurisprudentie: Alleen die kosten zijn niet aftrekbaar die niet zouden zijn
gemaakt indien de transactie niet had plaatsgevonden. Bij niet doorgaan van de deal:
transitorische post.
, Belastingplicht Publiekrechtelijke Lichamen
● Publiekrechtelijke lichamen zijn belastingplichtig voor zover zij een onderneming
drijven. Een onderneming wordt gedefinieerd als een duurzame organisatie van
kapitaal en arbeid die optreedt in het economisch verkeer met een (potentieel)
winststreven. Het regelmatig behalen van overschotten is voldoende om als
onderneming te worden beschouwd (art. 2 lid 1.e Vpb).
● Vrijstellingen: Bepaalde activiteiten van de overheid zijn vrijgesteld van belasting. Dit
omvat interne activiteiten, het uitoefenen van overheidstaken, quasi-inbesteding, en
samenwerkingsverbanden. Specifieke vrijstellingen zijn er voor academische
ziekenhuizen en bekostigd onderwijs en onderzoek (art. 6b Vpb).
Subjectieve Vrijstellingen
● Lichamen met een sociaal doel: Dit omvat stichtingen en verenigingen die beperkte
winstgevende activiteiten uitvoeren. Zij zijn vrijgesteld van belasting als hun jaarwinst
minder dan € 15.000 bedraagt of als de cumulatieve winst over vijf jaar minder dan €
75.000 bedraagt (art. 5 en 6 Vpb).
Aparte Belastingplicht Beleggingsmaatschappijen
● Vrijgestelde beleggingsinstelling (VBI): Deze instellingen zijn vrijgesteld van
vennootschapsbelasting, mits zij onder toezicht staan van de AFM (art. 6a Vpb).
● Fiscale beleggingsinstelling (FBI): Deze instellingen zijn wel belastingplichtig, maar
tegen een nul-tarief. Zij moeten aan specifieke voorwaarden voldoen, zoals een
doorstootverplichting van winst (art. 28 Vpb).
1. VBI: Vrijgestelde beleggingsinstelling, vrijgesteld van VPB mits:
a. Moet onder toezicht staan van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) vanaf 1
januari 2025.
b. Meerdere aandeelhouders, waarbij één aandeelhouder maximaal 90% van de
aandelen mag bezitten.
c. Moet een NV met veranderlijk kapitaal zijn.
d. Beleggingen zijn beperkt tot financiële instrumenten zoals gedefinieerd in de
Wet op het financieel toezicht (WFT) en banktegoeden.
e. Geen beleggingen in onroerend goed of onderhandse leningen toegestaan.
2. FBI: fiscale beleggingsinstelling : Een FBI is wel belastingplichtig maar tegen een
nul-tarief
a. Voorwaarden hiervoor zijn:
i. Aandeelhouders Restricties:
1. Beursgenoteerd: Maximaal 25% van de aandelen mag in
handen zijn van één natuurlijk persoon, en maximaal 45% van
de aandelen mag in handen zijn van lichamen die
onderworpen zijn aan winstbelasting.
2. Niet beursgenoteerd: Geen aanmerkelijkbelanghouders
toegestaan. Minimaal 75% van de aandelen moet in handen
zijn van natuurlijke personen of lichamen die niet onderworpen
zijn aan winstbelasting.