ontwikkelingen waar de kunst op in
speelt
(middeleeuwen - Theorie Abt Sugar over - Schilderen met glas en licht → - heiligen, geometrische - hoge kathedralen en kerken → naar
500-1500) Goddelijk licht glas-in-lood → Goddelijke licht ornamenten, maaswerk, de hemel gebouwd
- Betere landbouwmethodes, waterspuwers zijn in begin van de
Gotiek hogere opbrengst, meer - gebrandschilderd = het glas in de oven gotiek één met de architectuur. - grote ramen
1140-1500 handel gedreven om het zwart te pigmenteren. → licht staat voor jezus/god.
- Ontstaan stedelijke - meer gedramatiseerde
uitbeelding → heilige leken meer - kerken; religieus en wereldlijk →
samenleving; burgerij komt als - de ramen hebben functies;
op mensen van vlees en bloed. diensten, rechtspraak, handel vind er
nieuwe klasse naast boeren, ~ (gekleurd) licht binnenlaten en hemelse
plaats.
geestelijken en adel. sfeer oproepen
- Meer geld voor luxe; naast ~ christelijke verhalen vertellen - verticaal en open, alles wijst
christelijke kunst wordt er ook ~ decoratie van de kerk omhoog, ook de beeldhouwwerken
meer wereldlijke kunst besteld. op de zuilen uit proportie.
- Bouw van de grootste - Altaarstukken; meerdere panelen
kathedralen - spitsbogen, verdragen meer druk
- Alle kunstdisciplines werken - Vroeg gotiek: ruimte-uitbeelding is nog - skeletbouw (ribben en pijlers,
samen in bouwloodsen aan de niet zo goed. Veel stapeling. minder muren)
bouw van kathedralen. verhoudingen zijn symbolisch. - kruisribgewelf, maar buitenkant wel
steunberen en luchtbogen voor
zijwaartse druk.
- Latere gotiek: ruimte-uitbeelding klopt
- pinakel (‘kleine torentjes’)
meer
- werken aan een kathedraal in de
bouwloodsen.
- Late gotiek: steeds meer gebruik van
olieverf.
gemaakt door Nioby Steijven
,(renaissance - na de middeleeuwen - nabootsing natuur, zoals in de klassieke - schoonheid - klassieke tempels
1400-1840) verandering in de maatschappij oudheid.
→afnemen van de kerk, en de - volumineus naakt →kennis - ruimtelijk/stereometrisch
Renaissance mens staat centraal (leven op - portretten →zelfbewustzijn en rijke anatomie
1400-1530 aarde). Plek voor het verstand. burgerij - horizontaal (aardse leven)
- contraposthouding = gewicht op
- cultuur uit klassieke oudheid - realistische anatomie 1 been →meer beweging. VROEGE renaissance:
wordt herontdekt; - groot, vierkant woonblok,
inspiratiebron. - natuur, achtergrond juist perspectief - gespierd en atletisch zuilen+kapitelen.
- wedergeboorte/vernieuwing - geen afsnijdingen & figuren in - steeds meer emotie HOOG renaissance:
driehoek/ovaalcompositie - centraalbouw
- Naast kerk ook rijke - lijnperspectief = alle evenwijdige - centraal gedeelte=koepel
kooplieden als opdrachtgevers. - evenwichtig en symmetrisch lijnen eindigen op de horizon - halfzuilen en muurversieringen
(verdwijnpunt)
- nauwkeurige, - olieverf en tempera op paneel, en
wetenschappelijke observatie muurschilderijen op natte/droge kalk. - atmosferischperspectief = de
van natuur en realiteit. kleuren in de verte vergrijzen
→ dieptewerking.
- homo universalis =
alleskunner. Een kunstenaar is
ook een wetenschapper met
ontwikkeling. →schilderijen
gesigneerd; toegenomen
zelfbewustzijn van kunstenaar.
gemaakt door Nioby Steijven
,Maniërisme - voortzetting renaissance, -ingewikkelde houdingen = figura -gebruik dure materialen; goud -afwijking klassieke architectuur
1530-1600 overgang barok serpentina (slangenmens) (maten & verhoudingen)
-proporties wijken af van ideale.
- Hoog renaissance →passen -bijbelse taferelen en mythologie -interieur: levendige beweeglijke
klassieke elementen, vormen, -onnatuurlijke houding indruk →speelse versieringen en
maten op een geheel eigen -koude pasteltinten luchtige toepassingen van klassieke
manier toe. -contrapost elementen.
-schrille kleurcontrasten
- eigen ideeen en emoties -figura serpentina
-onrealistische verhoudingen
- laten zien dat toegepaste -pronkstuk
technieken goed beheerst -dramatische sfeer
→ingewikkelde houdingen en
constructies. -pronkstukken
- ontstaat in Rome, verspreid
snel door italië.
gemaakt door Nioby Steijven
, Barok - terug naar klassieke -realistische weergave -open karakter -sterke dieptewerking
1600-1700 vormgeving (renaissance) maar -dramatische effecten -beweeglijke composities -ingewikkelde patronen
(17de eeuw) geen strakke regels. -nadruk op emotie -natuur -veelvuldig gebruik van versieringen
-clair-obscur = extreem licht-donker - dramatische momenten -rijk materiaalgebruik
- klassieke elementen met contrast - stofuitdrukking -symmetrie
eigen vorm.
-kooplui als opdrachtgever. -taptijkunst
gouden eeuw -onderwerpen uit dagelijks leven en -luxe gebruiksvoorwerpen
natuur
-landschappen, stillevens, historiestukken,
portretten, genrestukken
(=landelijke/huiselijke taferelen)
-dynamiek
-diagonaal compositie
(vanitas)stillevens;
gemaakt door Nioby Steijven