Hoorcollege 1: diagnostische cyclus (kennisclip)
- Hypothese toetsend diagnostisch model > kennis opdoen uit
ervaring (door onderzoek te doen)
- Regulatieve cyclus: je kan op elk moment terug naar een eerdere
fase en het is ook niet altijd nodig elke fase te doorlopen
- Voordelen om hiermee te werken:
1. Transparante besluitvorming: je stelt hypothesen op, waardoor je
transparante keuzes maakt in dit proces > controleerbaar voor
anderen
2. Vermindert oordeelsfouten: je bent vaak je eigen instrument >
availability & confirmation bias (ontstaan tunnelvisie)
- Probleemclusters: problemen die volgens de literatuur vaak
samenkomen
Hoorcollege 2: nut van theorie
Waarom theorie?
- Achterhalen van de waarheid > perfecte theorie: theorie = gelijk aan
de waarheid > overlap tussen theorie en waarheid laat zien hoe
kloppend de theorie is > theorie bepaalt de behandeling
- Waarnemingen > wat gebeurt er nu eigenlijk? Valt het binnen de
theorie? Is er overlap met de waarheid?
Maar: waarnemingen zijn niet perfect en er is een bias in
interpretatie van waarnemingen (availability/confirmation bias)
Availability bias: iets wat je snel paraat kan hebben is ook hoe je snel
de omgeving ziet/ jouw waarneming
Confirmation bias: iedereen heeft een idee van de wereld & iedereen
‘zoekt’ naar bevestiging van eigen theorie/ idee van de wereld
Probleem oplossen: niet zoeken naar bevestiging maar falsifiëren
(Popper)
Causaal model
- Een onderliggend oorzakelijk mechanisme verklaart het gedrag:
1. (Neuro)biologie: verklaren aan de hand van fysiologische
mechanismen > gevolgen voor therapie: medicatie
2. Leertheorie: verklaren aan de hand van leergeschiedenis > therapie:
opheffing van vermijding (exposure)
3. Cognitie: verklaren aan de hand van selectie en verwerking van
informatie > therapie: CGT gericht
(En meer)
Benaderingen
- Impliciete, onbewuste processen > bijv. psycho-analyse > inzicht in
onbewuste processen
- Vrije wil: bijv. humanisme > zelfactualisatie i.p.v. correctie van
ongezond gedrag > inzicht, acceptatie
- Context: bijv. gezinstherapie > interactie
,Theorie in de praktijk
- Effectstudies: wat werkt voor welk probleem?
- Lastig om mensen lang te volgen, vaak geen follow-up, weinig
zuivere groepen in de wetenschap > komt niet overeen met de
praktijk
- Zonder theorie zijn observaties zinloos > theorie is nodig om
beslissingen te nemen
DSM is beschrijvend en niet theorie-gebaseerd (!)
DSM: kritiek
- Classificatie > dus geen diagnose
- Objectivering van stoornissen
- Symptomen vaststellen en groeperen
Leidt tot veel comorbiditeit
- Categorisch (en dus niet dimensioneel)
- Grote groei aan emotionele stoornissen > toename prevalentie
DSM: de voordelen
- Eenduidigheid over kenmerken van emotionele stoornissen
- Gericht onderzoek
- Stimuleert samenwerking en communicatie
DSM speelde een belangrijke rol bij de ontwikkeling van de evidence-
based behandelingen
Behandel effectiviteit vergroten
- Er zijn geen richtlijnen voor hetgeen wat je eerst aanpakt zodra er
sprake is van comorbiditeit
- Betere implementatie en acceptatie van (stoornis-specifieke)
evidence-based behandelingen of:
- Andere beweging: transdiagnostische visie = richten op aspecten
van de problematiek/behandeling die specifieke
stoornissen/behandelingen overstijgen of die ze gemeenschappelijk
hebben
- Als een behandeling niet werkt kan dat of omdat er een andere
behandeling nodig is omdat de theorie niet klopt, of de behandeling
wordt niet goed uitgevoerd
Behandelen = theorie vormen én bijstellen > weten wat je doet en
waarom
Transdiagnostiek: 3 therapeutische niveaus
1. Therapeutisch aangrijpingspunt: wat moet veranderen? > bijv.
disfunctioneel gedrag, cognitief, emotie
2. Therapeutische context: hoe wordt die verandering het best
gefalsificeerd? > bijv. motivatie, structuur, therapeutische relatie
3. Therapeutisch systeem: andere personen betrekken om de
verandering te bestendigen > bijv. partner, huisarts, bedrijfarts
Fear conditioning
- Leren van associatie tussen neutrale cue met schok (US)
, - Fases: acquisitie (aanleren van angst) en extinctie (uitdoving/afleren
van angst > dit gebeurt in de therapie)
- Exposure is een transdiagnostische aanpak voor angst
Onderzoek Duits et al.
- Conclusie: slechter veiligheidsleren (US-verwachting) voorspelt
therapieresultaat
Dus er was ook een groep die bang bleef tijdens de acquisitie (terwijl
dat juist veilig had moeten zijn) > geen verschil in verwachting van
de prikkel, maar echt alleen in de angst
Er zitten veel mensen in de groep die onterecht bang zijn
- Transdiagnostisch mechanisme
Transdiagnostiek: wat is nieuw?
- Focus op overeenkomsten in plaats van verschillen (op meerdere
gebieden vooruitgang bieden > efficiëntie)
- Behandelingen moeten korter en efficiënter > opleidingen worden
daardoor ook eenvoudiger, want er zijn minder behandelvormen
nodig
- Met als doel: transdiagnostische processen veranderen om
veranderingen te faciliteren in meerdere stoornissen
1. One size fits all: unified treatment – effectief, maar niet voor
iedereen (je volgt ook vaak het hele plan terwijl dat niet altijd nodig
is)
- Toegepast bij angst, depressie, dissociatie, somatisatie
- Waarom: veel overeenkomsten tussen stoornissen, veel
comorbiditeit, behandeling van een stoornis heeft ook effect op een
andere stoornis > vaak zelf onderliggend construct, dus kan je
samenvoegen
2. My size fits me: gepersonaliseerde behandeling samenstellen op
basis van losse behandel-pakketten, of modules toevoegen aan
stoornis-specifieke behandeling
- CETA: gericht op individu en comorbiditeit (verschillende modules
die breed inzetbaar zijn)
Transdiagnostiek niet per se beter dan evidence based
One size fits me is moeilijk te onderzoeken en gevoelig voor bias
- RDoC (psychische stoornissen begrijpen op basis van dimensies van
gedrag en neurobiologische systemen > onderliggende
mechanismen/genetische deel) & HiTOP (hierarchisch model >
kijkend naar overlap) > alternatieven voor DSM
Hoorcollege 3: geschiedenis
Oudheid
- Chronische zieken en psychische zieken werden goed opgevangen >
verblijf in tempels, verzorging, massages, ontspannende muziek
- Bio psychosociale model: Hippocrates
, Legde het verband tussen lichamelijk en geestelijk functioneren >
verwees al naar interactie met het brein! Geestesziekte is ziekte van
de hersens
Zoeken naar wetenschappelijke verklaring > hij erkende belang
bijdrage aan interpersoonlijke interacties
Hygiëne belangrijk, eetgewoonten, frisse lucht, balans
lichaamssappen (bloed, slijm)
- Iemand anders uit de oudheid: Plato
Omgeving speelt een rol in onaangepast gedrag > in steden grotere
kans om stoornis te ontwikkelen
Belang ‘rede’ (later CGT), belang fantasie/ dromen (later
psychoanalyse/ Freud)
Middeleeuwen
- Zorg voor geesteszieken lag bij gezin en de naaste familie > als dit
wegviel, werden geesteszieken vaak opgegeven, maar later in de
middeleeuwen kwamen er wel opvanghuizen
Opvanghuizen waren een soort gevangenis en hadden geen
therapeutisch doel (18e eeuw)
- Verklaringen psychopathologie:
1. Bovennatuurlijke verklaring (duivel, heks): exorcisme =
duiveluitbanning (heksenverbranding t/m 17e eeuw)
2. Natuurlijke verklaring (stress): Nicholas Oresme > bizar gedrag door
stress/ depressie
3. De maan en de sterren: afhankelijk van eb en vloed in de zee > die
beïnvloeden ook de lichaamssappen in het lichaam, waardoor je
psychologische problemen kan ontwikkelen (Paracelsus)
- Zwaartekracht > lichaamsvloeistof > psychische ziekte
Deze verklaringen bestonden naast elkaar
18e/19e eeuw
- Leiding van de opvanghuizen kwam in handen van artsen > gekken
kijken werd verboden
- Moreel perspectief: Philippd Pinel > kwam met het idee ‘gekken’ op
te nemen in mooie huizen > hij wilde moreel juist zijn en mensen
brengen naar het licht
- Werd geholpen door Dorothea Dix: stuurden veel mensen naar de
huizen wat uiteindelijk averechts werkte > de huizen werden te druk
Moreel en biologisch perspectief, psychoanalyse
19e eeuw
- Naast morele therapie en biologische interesse (die groeide) > ook
interesse in psychoanalyse (Freud!)
- Structure of mind:
1. Id: onlogisch/irrationeel > wordt gestuurd vanuit plezierige principes
2. Ego: logisch/rationeel > wordt gestuurd door realiteitsprincipes
3. Superego: bewustzijn > wordt gestuurd door morele principes
20e eeuw
- Aandacht voor classificatie psychische problemen (Kraeplin)