12.1 Elektrische Kracht en lading
• Er zijn twee soorten ladingen: negatief en positief
o Ladingen van dezelfde soort stoten elkaar af, ongelijksoortige
ladingen trekken elkaar aan
• Het symbool voor lading is de letter q of Q; de eenheid van lading is de
coulomb (C).
o Als de afstand groter is tussen twee ladingen, dan is de kracht
kleiner.
• De kernkracht in een atoom houdt de kern bij elkaar, de aantrekkende
elektrische kracht bindt de elektronen aan de kern.
• Een atoom is elektrisch neutraal: er is evenveel positieve als negatieve lading in het atoom.
• Als een atoom een elektron opneemt of afstaat wordt het elektrisch geladen: een ion.
• De lading van een voorwerp is een veelvoud van het elementair ladingsquantum e (=1,602 x
10-19 C)
• Geleiders = stoNen waar lading door heen kan stromen (elektronen bewegen vrij)
• Isolatoren = stoNen waar geen lading door heen kan stromen (elektronen bewegen niet vrij)
• Een geladen objec kan neturale objecten aantrekken, dit komt door influentie’ waarbij er een
ladingsverschil ontstaat in een object.
o Vaak is de aantrekkende kracht tussen de pos. en
neg. Lading groter dan de afstotende kracht
tussen de gelijksoortige ladingen.
• Met een elektroscoop kun je aantonen of een voorwerp
geladen is.
• Een geladen object trekt de tegenovergestelde lading uit
de metalen staafjes, hierdoor worden deze
staafjes geladen met dezelfde lading à ze
stoten elkaar hierdoor af.
o Deze uitslag is af te lezen op de
elektroscoop.
• Je kan alleen zien óf een object geladen is, je
kan niet de lading zelf of de soort lading aflezen.
• Bij een experiment waarbij je een
verband zoekt, noem je de variabele die
je zelf instelt de onafhankelijke
variabele, de grootheid die je meet is
de afhankelijke variabele. De
grootheden die je constant houdt noem
je parameters.
• De elektrische kracht is positief bij een afstotende kracht, en negatief bij een aantrekkende
kracht.
1