Innate immunity: the immediate response to infection
Physical barriers colonized by commensal
microorganisms protect against infection by
pathogens
Voor de geboorte hebben baby’s geen
commensale bacteriën. De microbiota zijn geco-
evalueerd met zoogdieren en daarom kunnen
mensen vaak niet meer zonder ze. In de
afbeelding hiernaast zijn de verschillende
barrières die pathogenen tegenhouden
weergegeven.
Intracellular and extracellular pathogens require different types of immune
response
Het type immuunreactie hangt af van de infectie die gevormd is, een extracellulaire of
intracellulaire infectie.
Extracellulair pathogeen Bevinden zich buiten de cel en zijn toegankelijk voor
oplosbare moleculen van het immuunsysteem
Intracellulair pathogeen Bevinden zich binnen in de cel en zijn niet toegankelijk
voor oplosbare moleculen van het immuunsysteem,
heel de cel moet gedood worden om het pathogeen uit
te schakelen
Veel pathogenen hebben een levenscyclus die zowel extracellulair als intracellulair is,
het pathogeen moet eerst een cel infecteren voor ze intracellulair worden.
Complement is a system of plasma proteins that mark pathogens for
destruction
Complement system Plasma eiwitten die onderdeel vormen van de innnate immunity,
wordt constant gemaakt in de lever en is aanwezig in het bloed,
lymfe en extracellulaire vloeistoffen
Het complement omhult het oppervlakte van bacteriën en virusdeeltjes zodat ze makkelijker
gefagocyteerd kunnen worden. Zonder dit laagje ontsnappen veel bacteriën aan fagocytose.
Zymogens Complement deeltjes, zijn vaak enzymen of proteases
Het complement systeem wordt geactiveerd door een infectie waarbij een cascade van enzymatische
reacties gestart wordt. Elk enzym is heel specifiek voor het complement deeltje dat hij knipt en de
enzymen zijn vaak serine proteases.
Het complement bestaat uit meer dan 30 eiwitten, maar complement component 3 (C3) is het
belangrijkste. Mensen die C3 missen hebben een erge immunodeficiëntie in vergelijking met mensen
die andere complement deeltjes missen.
, Door activatie van het complement systeem door een infectie wordt C3 geknipt tot
C3a en C3b. C3a is veel kleiner dan C3b en sommige C3b raken covalent gebonden aan
het pathogeen. C3a trekt effector cellen aan die naar de plaats van de infectie komen.
Complement fixation De binding van C3b aan een pathogeen, C3b markeert
het pathogeen zodat het kapot gemaakt kan worden
door fagocyten of door de vorming van
eiwitcomplexen die het membraan van het pathogeen
kapot maken
Na productie van C3 komt het
inactief in het lymfe en het
bloed, wanneer het geknipt
wordt tot C3a en C3b wordt het
actief en komt er een thioester
verbinding “vrij”. Deze wordt
aangevallen door nucleofielen
zoals water of hydroxylgroepen
van eiwitten op de pathogenen.
Via de thioester binding kan C3b
dus binden aan pathogenen,
maar het meeste C3b wordt
gedeactiveerd door water.
Alternative pathway Onderdeel van de innate immunity en werkt aan de start van een
infectie
Lectin pathway Onderdeel van de innate immunity maar wordt geactiveerd door de
infectie en daarom duurt het wat langer voor deze goed werkt
Classical pathway Onderdeel van de innate en adaptive immunity, heeft antilichamen
of C-reactive eiwit nodig die aan het pathogeen binden