Van der Sluis heeft aan Havermaat zijn woning verkocht en deze geleverd op 1 maart
2017. Nadat Havermaat de woning heeft betrokken, stuit hij in april 2017 op allerlei
problemen. Zo blijken er op verscheidene plaatsen vocht- en schimmelplekken te zitten
die door de verkoper verzwegen zijn en die zijn weggewerkt onder een laag verf die nu
langzaam begint af te bladderen. Ook blijkt een aantal afvoerbuizen verstopt en hangt er
in het huis een rioollucht. Havermaat schakelt een loodgieter in om de verstopping te
verhelpen en laat een vakman het hele huis behandelen tegen vocht. Al het stucwerk
wordt vakkundig vervangen door een stukadoor. De loodgieter geeft aan dat er een
verzakking is in de rioolbuizen onder het pand die zeer waarschijnlijk de oorzaak is van
de verstopping. Hij vermeldt tevens dat hij ook door Van der Sluis ettelijke keren voor
ditzelfde probleem was gebeld. Iedere keer had hij het probleem tijdelijk weten te
verhelpen, maar hij had Van der Sluis een meer structurele aanpak geadviseerd,
namelijk het vervangen van een deel van de buizen. Van der Sluis had dit evenwel
afgewezen.
In juli 2017 staat na een fikse zomerse regenbui de kelder onder water en blijkt wederom
het riool onder het huis verstopt.
In september 2017 komt Havermaat Van der Sluis bij toeval tegen als ze naast elkaar
staan te tanken bij het plaatselijke garagebedrijf. Van der Sluis wisselt wat beleefdheden
uit met Havermaat en informeert vervolgens of “de woning bevalt.” Havermaat kijkt
bedenkelijk en zegt: “Ik ben niet helemaal tevreden over alles. Maar ik heb nu haast. Ik
kom er op terug, oké?” Een dag na de herfstvakantie besluit Havermaat Van der Sluis te
bellen. Hij spreekt op diens antwoordapparaat in dat hij “over een paar kwesties niet blij
is.”
Uiteindelijk treffen de partijen elkaar in het kantoor van Van der Sluis in de eerste week
van november en bespreken de kwestie nader. Hun standpunten zijn zo verschillend dat
ze niet tot een oplossing komen. Door omstandigheden op zijn werk laat Havermaat de
zaak even rusten, maar in december 2019 spreekt hij Van der Sluis in rechte aan. Hij
vordert ontbinding en aanvullende schadevergoeding wegens non-conformiteit.
Subsidiair vordert hij vernietiging van de overeenkomst wegens bedrog. Aanvullend
vordert hij schadevergoeding op grond van onrechtmatige daad wegens misleiding. Van
der Sluis voert het verweer dat Havermaat niet tijdig heeft geklaagd over de door hem
gestelde gebreken. Door het inhuren van de loodgieter en de stukadoor heeft Van der
Sluis bovendien niet de mogelijkheid gehad de gebreken zelf in ogenschouw te nemen.
Mocht de rechter echter van mening zijn dat Havermaat wel tijdig heeft geklaagd, dan
heeft hij in ieder geval te laat een procedure gestart, zo betoogt Van der Sluis.
Havermaat betwist dat hij te laat heeft geklaagd en verwijst daarbij naar de ontmoeting
op het tankstation en zijn boodschap op het antwoordapparaat. Daarnaast neemt hij