Toetsmatrijs periode 1.4 – Burgerschap
Bestuursrecht
1. Algemene wet bestuursrecht (Awb) & bevoegdheidstoedeling
Nederlands Bestuursrecht
Privaatrecht
Regelt de juridische relatie tussen burgers onderling.
- Ook wel: burgerlijk recht / civiel recht
- Hebben een horizontale verhouding
Publiekrecht
Regelt de juridische relatie tussen overheid en burger.
- Hebben een verticale verhouding
Bestuursrecht
Geeft regels over hoe de overheid haar bestuurstaak moet uitoefenen. Hierin staan de regels
waaraan de overheid zich moet houden als zij het land bestuurt.
- In het bestuursrecht staat de rechtsverhouding tussen overheid en burger centraal.
Materieel bestuursrecht
Heeft betrekking op de inhoudelijke normen van het bestuursrecht (bv. wat is een besluit etc.)
Formeel bestuursrecht
Het bevat de procedurele voorschriften van het bestuursprocesrecht (bv. hoe dien je een
aanvraag in, wat zijn de termijnen, bij wie dien je een bezwaarschrift in etc.)
- Ook wel bestuursprocesrecht.
Internationaal recht en het EU-recht
Internationaal recht EVRM
EU-recht AVG, Mededelingsplicht
Algemeen bestuursrecht – geldt voor alle bestuurders
Hier vind je de regels die gelden voor alle verschillende bestuurstaken van de overheid. In deze
wet worden materieelrechtelijke en formeelrechtelijke onderwerpen behandeld. Deze regels
gelden altijd, ongeacht met welk deel van de bestuurstaak de overheid bezig is.
Bijvoorbeeld: beschikking, besluit, belanghebbende en geeft regels voor de rechtsbescherming
Bijzonder bestuursrecht – geldt voor specifieke bestuurstaken
Richt zich op de inhoud van de verschillende bestuurstaken, zoals het vreemdelingenrecht, het
milieurecht, het belastingrecht, de ruimtelijke ordering.
Staat niet in Awb. Geldt voor specifieke bestuurstaken.
Het bijzonder bestuursrecht kent voor bijna elk deel van de bestuurstaak (minstens) een eigen
wet, zoals de vreemdelingenwet 2000, werkeloosheidswet, de participatiewet, de wet
inkomstenbelasting 2001, de wet ruimte ordening en de wet algemene bepalingen omgevingswet
(Wabo).
1
, Bijzondere regelgeving gaat voor algemene regelgeving
De Awb geeft algemene regels van bestuursrecht die voor het gehele bestuursrecht gelden, tenzij
een bijzondere wet van deze regels afwijkt. De bijzondere wet gaat altijd voor een algemene wet!!!
Lex specialis
Wijkt de bijzondere wet van de Awb af? dan gaat de bijzondere wet voor!
Lex generalis
Regelt de bijzondere wet niets? dan moet je kijken in de Awb!
Kort samengevat:
Als het niet in de bijzondere wet bestuursrecht staat, dan moet je kijken in de Awb.
Als het wel in de bijzondere wet bestuursrecht staat, dan moet je dat aanhouden.
Als het in de bijzondere wet bestuursrecht staat en ook in de Awb, dan moet je de bijzondere
wet bestuursrecht aanhouden.
Bestuursprocesrecht kun je indelen in:
Non – contentieuze fase
Er is nog geen sprake van een bestuursrechtelijk geschil
- Ook wel primaire besluitvormingsfase (de voorbereiding)
Contentieuze fase
Er is wel sprake van een bestuursrechtelijk geschil.
- De bestuursrechter gaat dan bijv. in bezwaar of (later) in beroep.
Wet matigheid van bestuur = legaliteitsbeginsel
Bestuursorganen mogen bevoegdheden alleen uitoefenen als deze terug zijn te vinden in de wet.
Bevoegdheidstoedeling
Dit is een juridisch instrument van een bestuursorgaan om de samenleving mee t kunnen
besturen.
- Word ook wel mandaat genoemd.
Bestuursorganen komen aan hun bestuursbevoegdheid door attributie of delegatie.
Attributie art. 10:22 e.v. Awb
Er wordt een nieuwe bevoegdheid toegekend aan een bestuursorgaan. Dat gebeurt in een wet.
De wet schept bij attributie zelf een bevoegdheid en kent deze bevoegdheid toe aan een bepaald
bestuursorgaan.
Voorbeeld: Art. 2.4 WABO bepaald dat het college van B&W beslist over de aanvraag van een
bouwvergunning. Hiermee verleent de wetgever het college van B&W de bevoegdheid om een
bouwvergunning af te geven.
Van de gemeente is het college van B&W een bestuursorgaan.
2
, Delegatie Art. 10:13 Awb
Een bestuursorgaan draagt een bestaande bestuursbevoegdheid over aan een ander
bestuursorgaan. Dit laatste bestuursorgaan oefent zijn bestuursbevoegdheid na de delegatie
zelfstandig uit.
Bestuursorgaan mag alleen zijn bevoegdheid overdragen aan een bestuursorgaan op hetzelfde
niveau of lager!!! Dus gemeente mag niet overdragen aan minister, omdat dat hoger is.
Sub delegatie
Delegatie van een gedelegeerde bevoegdheid; het overheidsorgaan kan de bevoegdheid tot
regelgeving die een hoger orgaan aan hem heeft gegeven (gedelegeerd), soms weer overdragen
aan een lager overheidsorgaan.
Voorbeeld: de Provinciale Staten geeft de gedelegeerde bevoegdheid door aan de Gemeenteraad
van de gemeente Groningen.
Delegans = Het bestuursorgaan dat zijn bestuursbevoegdheid delegeert (overdraagt).
Delegataris = Het bestuursorgaan dat de bevoegdheid door delegatie heeft gekregen.
Voorbeeld: als de gemeente het overdraagt aan een andere gemeente.
Kenmerken delegatie
De delegans is na zijn delegatie zijn bevoegdheid kwijt. De delegans mag zijn bevoegdheid nu
zelf niet meer uitoefenen. Dat mag alleen nog de delegataris. Art. 10:17 Awb
De delegans is niet meer verantwoordelijk voor de manier waarop de bevoegdheid wordt
uitgeoefend. De delegans mag ook geen aanwijzingen geven hoe de delegataris zijn
bevoegdheden moet uitoefenen. Wel mag de delegans algemene wijzingen geven onder de
manier waarop de bevoegdheid moet worden uitgeoefend. Dit gebeurt in beleidsregels. Art.
10:16 Awb
De delegans kan zijn delegatie weer intrekken. Art. 10:18 Awb
Gevolg de delegans kan zijn bevoegdheid weer zelf uitoefenen. Dit gaat wel via een
bestuursrechtelijke procedure.
Een bestuursorgaan mag alleen zijn bevoegdheid delegeren als de wet dit mogelijk maakt.
Art. 10:15 Awb
Art. 10:14 Awb verbiedt delegatie aan ondergeschikten.
Mandaat art. 10:1 Awb
De bevoegdheid om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen, maar zonder de daarbij
verantwoordelijkheid.
Voorbeeld: een ambtenaar van de gemeente kan besluiten nemen in naam van het college van
B&W.
Onder mandaat
Bestuursorgaan draagt uitvoering van gemandateerde bevoegdheid op aan persoon of college;
mandaatgever blijft verantwoordelijk.
Mandaatverlener of mandans = Het bestuursorgaan dat het mandaat verleent.
Gemandateerde of mandataris = De persoon die het mandaat ontvangt.
Kenmerken mandaat
Bestuursorgaan blijft zelf verantwoordelijk voor de besluiten die in zijn naam worden
genomen.
Er is geen wettelijke grondslag vereist, omdat de bevoegdheid niet wordt overgedragen.
In sommige gevallen is mandaat verboden art. 10:3 lid 2 Awb
Een algemeen mandaat moet schriftelijk worden gegeven, maar een mandaat in een concreet
geval mag ook mondeling worden gegeven. Art. 10:5 Awb
3
, Verschillen delegatie en mandaat
Delegatie Mandaat
Delegataris oefent de Mandataris oefent bevoegdheid
bevoegdheid zelfstandig en uit naam en onder
onder eigen verantwoordelijkheid van de
verantwoordelijkheid uit. mandans uit.
Besluiten gelden als besluiten Besluiten van de mandataris
van de delegataris gelden als besluiten van de
mandans
Delegatie is alleen mogelijk als Voor mandaat is geen
de wet dit toestaat wettelijke grondslag nodig.
Delegans mag zijn Mandans mag bevoegdheid
bevoegdheid niet meer zelf ook zelf blijven uitoefenen.
uitoefenen
Autonomie en medebewind
Lagere overheden = provincie, gemeente en waterschappen
Hogere overheden = de regering en het rijk
Autonomie art. 124 lid 1 Grondwet
Dit is de bevoegdheid van lagere overheden om eigen beleid voor het eigen gebied te maken. Dit
is zelfbestuur.
Voorbeeld: bestemmingsplan, gemeentelijke strafvorderingen, hondenuitlaat terrein,
parkeerbeleid.
Medebewind art. 124 lid 2 Grondwet
Dit is de plicht van lagere overheden om medewering te geven aan de uitvoering van regelingen
van de hogere overheid. Hoger orgaan geeft zijn taak door aan een lager orgaan.
Voorbeeld: een gemeente moet meehelpen aan de uitvoer van de wet op de sociale zekerheid als
een persoon daar volgens de rijksoverheid voor in aanmerking komt.
2. Bestuursrechtelijke basisbegrippen & abbb’s
Bestuursorgaan art. 1:1 Awb
A. Dit is een orgaan van een publiekrechtelijke rechtspersoon (onderdeel van rijk, provincie of
gemeente) die bestuurstaken uitvoeren.
B. Dit zijn andere personen en organisaties die met openbaar gezag bekleed zijn.
Privaatrechtelijke rechtspersoon. bijvoorbeeld: CBR, APK keuringsstation
Er zijn 2 omschrijvingen van een bestuursorgaan art. 1:1 Awb
A orgaan Een orgaan van een rechtspersoon dat krachtens publiekrecht is ingesteld
B orgaan Een andere persoon of ander college met enig openbaar gezag bekleed
A orgaan Orgaan van een publiekrechtelijke rechtspersoon (openbare lichaam) art. 2:1 BW
Dit zijn de bestuursorganen van publiekrechtelijke rechtspersonen behorende bij
openbare lichamen, zoals gemeente, provincie of de staat.
De openbare lichamen zijn belangrijk voor het privaatrechtelijk handelen van
overheden, de bestuursorganen voor het bestuursrecht. Een Awb-besluit wordt dan
ook niet genomen door het openbare lichaam, bijvoorbeeld gemeente, maar door het
bestuursorgaan van die gemeente, bijvoorbeeld het college van B&W.
Bestuursorganen van het publiekrechtelijke rechtspersoon gemeente art. 6
Gemeentewet
De burgemeester
Gemeenteraad
College van Burgemeesters en wethouders (college van B&W)
4
Bestuursrecht
1. Algemene wet bestuursrecht (Awb) & bevoegdheidstoedeling
Nederlands Bestuursrecht
Privaatrecht
Regelt de juridische relatie tussen burgers onderling.
- Ook wel: burgerlijk recht / civiel recht
- Hebben een horizontale verhouding
Publiekrecht
Regelt de juridische relatie tussen overheid en burger.
- Hebben een verticale verhouding
Bestuursrecht
Geeft regels over hoe de overheid haar bestuurstaak moet uitoefenen. Hierin staan de regels
waaraan de overheid zich moet houden als zij het land bestuurt.
- In het bestuursrecht staat de rechtsverhouding tussen overheid en burger centraal.
Materieel bestuursrecht
Heeft betrekking op de inhoudelijke normen van het bestuursrecht (bv. wat is een besluit etc.)
Formeel bestuursrecht
Het bevat de procedurele voorschriften van het bestuursprocesrecht (bv. hoe dien je een
aanvraag in, wat zijn de termijnen, bij wie dien je een bezwaarschrift in etc.)
- Ook wel bestuursprocesrecht.
Internationaal recht en het EU-recht
Internationaal recht EVRM
EU-recht AVG, Mededelingsplicht
Algemeen bestuursrecht – geldt voor alle bestuurders
Hier vind je de regels die gelden voor alle verschillende bestuurstaken van de overheid. In deze
wet worden materieelrechtelijke en formeelrechtelijke onderwerpen behandeld. Deze regels
gelden altijd, ongeacht met welk deel van de bestuurstaak de overheid bezig is.
Bijvoorbeeld: beschikking, besluit, belanghebbende en geeft regels voor de rechtsbescherming
Bijzonder bestuursrecht – geldt voor specifieke bestuurstaken
Richt zich op de inhoud van de verschillende bestuurstaken, zoals het vreemdelingenrecht, het
milieurecht, het belastingrecht, de ruimtelijke ordering.
Staat niet in Awb. Geldt voor specifieke bestuurstaken.
Het bijzonder bestuursrecht kent voor bijna elk deel van de bestuurstaak (minstens) een eigen
wet, zoals de vreemdelingenwet 2000, werkeloosheidswet, de participatiewet, de wet
inkomstenbelasting 2001, de wet ruimte ordening en de wet algemene bepalingen omgevingswet
(Wabo).
1
, Bijzondere regelgeving gaat voor algemene regelgeving
De Awb geeft algemene regels van bestuursrecht die voor het gehele bestuursrecht gelden, tenzij
een bijzondere wet van deze regels afwijkt. De bijzondere wet gaat altijd voor een algemene wet!!!
Lex specialis
Wijkt de bijzondere wet van de Awb af? dan gaat de bijzondere wet voor!
Lex generalis
Regelt de bijzondere wet niets? dan moet je kijken in de Awb!
Kort samengevat:
Als het niet in de bijzondere wet bestuursrecht staat, dan moet je kijken in de Awb.
Als het wel in de bijzondere wet bestuursrecht staat, dan moet je dat aanhouden.
Als het in de bijzondere wet bestuursrecht staat en ook in de Awb, dan moet je de bijzondere
wet bestuursrecht aanhouden.
Bestuursprocesrecht kun je indelen in:
Non – contentieuze fase
Er is nog geen sprake van een bestuursrechtelijk geschil
- Ook wel primaire besluitvormingsfase (de voorbereiding)
Contentieuze fase
Er is wel sprake van een bestuursrechtelijk geschil.
- De bestuursrechter gaat dan bijv. in bezwaar of (later) in beroep.
Wet matigheid van bestuur = legaliteitsbeginsel
Bestuursorganen mogen bevoegdheden alleen uitoefenen als deze terug zijn te vinden in de wet.
Bevoegdheidstoedeling
Dit is een juridisch instrument van een bestuursorgaan om de samenleving mee t kunnen
besturen.
- Word ook wel mandaat genoemd.
Bestuursorganen komen aan hun bestuursbevoegdheid door attributie of delegatie.
Attributie art. 10:22 e.v. Awb
Er wordt een nieuwe bevoegdheid toegekend aan een bestuursorgaan. Dat gebeurt in een wet.
De wet schept bij attributie zelf een bevoegdheid en kent deze bevoegdheid toe aan een bepaald
bestuursorgaan.
Voorbeeld: Art. 2.4 WABO bepaald dat het college van B&W beslist over de aanvraag van een
bouwvergunning. Hiermee verleent de wetgever het college van B&W de bevoegdheid om een
bouwvergunning af te geven.
Van de gemeente is het college van B&W een bestuursorgaan.
2
, Delegatie Art. 10:13 Awb
Een bestuursorgaan draagt een bestaande bestuursbevoegdheid over aan een ander
bestuursorgaan. Dit laatste bestuursorgaan oefent zijn bestuursbevoegdheid na de delegatie
zelfstandig uit.
Bestuursorgaan mag alleen zijn bevoegdheid overdragen aan een bestuursorgaan op hetzelfde
niveau of lager!!! Dus gemeente mag niet overdragen aan minister, omdat dat hoger is.
Sub delegatie
Delegatie van een gedelegeerde bevoegdheid; het overheidsorgaan kan de bevoegdheid tot
regelgeving die een hoger orgaan aan hem heeft gegeven (gedelegeerd), soms weer overdragen
aan een lager overheidsorgaan.
Voorbeeld: de Provinciale Staten geeft de gedelegeerde bevoegdheid door aan de Gemeenteraad
van de gemeente Groningen.
Delegans = Het bestuursorgaan dat zijn bestuursbevoegdheid delegeert (overdraagt).
Delegataris = Het bestuursorgaan dat de bevoegdheid door delegatie heeft gekregen.
Voorbeeld: als de gemeente het overdraagt aan een andere gemeente.
Kenmerken delegatie
De delegans is na zijn delegatie zijn bevoegdheid kwijt. De delegans mag zijn bevoegdheid nu
zelf niet meer uitoefenen. Dat mag alleen nog de delegataris. Art. 10:17 Awb
De delegans is niet meer verantwoordelijk voor de manier waarop de bevoegdheid wordt
uitgeoefend. De delegans mag ook geen aanwijzingen geven hoe de delegataris zijn
bevoegdheden moet uitoefenen. Wel mag de delegans algemene wijzingen geven onder de
manier waarop de bevoegdheid moet worden uitgeoefend. Dit gebeurt in beleidsregels. Art.
10:16 Awb
De delegans kan zijn delegatie weer intrekken. Art. 10:18 Awb
Gevolg de delegans kan zijn bevoegdheid weer zelf uitoefenen. Dit gaat wel via een
bestuursrechtelijke procedure.
Een bestuursorgaan mag alleen zijn bevoegdheid delegeren als de wet dit mogelijk maakt.
Art. 10:15 Awb
Art. 10:14 Awb verbiedt delegatie aan ondergeschikten.
Mandaat art. 10:1 Awb
De bevoegdheid om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen, maar zonder de daarbij
verantwoordelijkheid.
Voorbeeld: een ambtenaar van de gemeente kan besluiten nemen in naam van het college van
B&W.
Onder mandaat
Bestuursorgaan draagt uitvoering van gemandateerde bevoegdheid op aan persoon of college;
mandaatgever blijft verantwoordelijk.
Mandaatverlener of mandans = Het bestuursorgaan dat het mandaat verleent.
Gemandateerde of mandataris = De persoon die het mandaat ontvangt.
Kenmerken mandaat
Bestuursorgaan blijft zelf verantwoordelijk voor de besluiten die in zijn naam worden
genomen.
Er is geen wettelijke grondslag vereist, omdat de bevoegdheid niet wordt overgedragen.
In sommige gevallen is mandaat verboden art. 10:3 lid 2 Awb
Een algemeen mandaat moet schriftelijk worden gegeven, maar een mandaat in een concreet
geval mag ook mondeling worden gegeven. Art. 10:5 Awb
3
, Verschillen delegatie en mandaat
Delegatie Mandaat
Delegataris oefent de Mandataris oefent bevoegdheid
bevoegdheid zelfstandig en uit naam en onder
onder eigen verantwoordelijkheid van de
verantwoordelijkheid uit. mandans uit.
Besluiten gelden als besluiten Besluiten van de mandataris
van de delegataris gelden als besluiten van de
mandans
Delegatie is alleen mogelijk als Voor mandaat is geen
de wet dit toestaat wettelijke grondslag nodig.
Delegans mag zijn Mandans mag bevoegdheid
bevoegdheid niet meer zelf ook zelf blijven uitoefenen.
uitoefenen
Autonomie en medebewind
Lagere overheden = provincie, gemeente en waterschappen
Hogere overheden = de regering en het rijk
Autonomie art. 124 lid 1 Grondwet
Dit is de bevoegdheid van lagere overheden om eigen beleid voor het eigen gebied te maken. Dit
is zelfbestuur.
Voorbeeld: bestemmingsplan, gemeentelijke strafvorderingen, hondenuitlaat terrein,
parkeerbeleid.
Medebewind art. 124 lid 2 Grondwet
Dit is de plicht van lagere overheden om medewering te geven aan de uitvoering van regelingen
van de hogere overheid. Hoger orgaan geeft zijn taak door aan een lager orgaan.
Voorbeeld: een gemeente moet meehelpen aan de uitvoer van de wet op de sociale zekerheid als
een persoon daar volgens de rijksoverheid voor in aanmerking komt.
2. Bestuursrechtelijke basisbegrippen & abbb’s
Bestuursorgaan art. 1:1 Awb
A. Dit is een orgaan van een publiekrechtelijke rechtspersoon (onderdeel van rijk, provincie of
gemeente) die bestuurstaken uitvoeren.
B. Dit zijn andere personen en organisaties die met openbaar gezag bekleed zijn.
Privaatrechtelijke rechtspersoon. bijvoorbeeld: CBR, APK keuringsstation
Er zijn 2 omschrijvingen van een bestuursorgaan art. 1:1 Awb
A orgaan Een orgaan van een rechtspersoon dat krachtens publiekrecht is ingesteld
B orgaan Een andere persoon of ander college met enig openbaar gezag bekleed
A orgaan Orgaan van een publiekrechtelijke rechtspersoon (openbare lichaam) art. 2:1 BW
Dit zijn de bestuursorganen van publiekrechtelijke rechtspersonen behorende bij
openbare lichamen, zoals gemeente, provincie of de staat.
De openbare lichamen zijn belangrijk voor het privaatrechtelijk handelen van
overheden, de bestuursorganen voor het bestuursrecht. Een Awb-besluit wordt dan
ook niet genomen door het openbare lichaam, bijvoorbeeld gemeente, maar door het
bestuursorgaan van die gemeente, bijvoorbeeld het college van B&W.
Bestuursorganen van het publiekrechtelijke rechtspersoon gemeente art. 6
Gemeentewet
De burgemeester
Gemeenteraad
College van Burgemeesters en wethouders (college van B&W)
4