1. Een grondig overzicht van de belangrijkste raakvlakken tussen psychiatrie en
(straf-)recht.
2. Voldoende kennis van de psychiatrie in relatie tot strafrecht maar ook tot
andere relevante juridische deelgebieden zoals patiënten rechten,
arbeidsrecht, vreemdelingenrecht en medisch tuchtrecht.
3. Grondige kennis aangaande de wisselwerking tussen psychologie, psychiatrie
en het recht.
4. Een essentieel overzicht van de psychiatrische en psychologische diagnostiek
en behandeling.
5. De vaardigheid om een diagnose te stellen gebaseerd op een
gevalsbeschrijving.
6. Afdoende vaardigheden om psychiatrische en psychologische rapporten
kritisch te kunnen beoordelen.
7. Afdoende vaardigheden om het verbale en schriftelijke vertoog van de
psychiatrie en de psychologie te begrijpen
8. Afdoende begrip voor de manier waarop psychiaters en psychologen denken
en handelen voor zover relevant voor diverse rechtsgebieden.
● Het tentamen bestaat uit 10 open vragen. Voor elke vraag zijn 10 punten te verdienen.
● Tentamenstof:
○ Alle opgegeven literatuur: dus alle artikelen en het hele leerboek (De
psychiatrie in het Nerderlandse recht, achtste of negende druk)
○ De colleges (de powerpoint-sheets en het gesproken woord tijdens de colleges)
● Halverwege het semester geef ik een voorbeeld en zet dat online in Canvas.
Aanvullende literatuur 4 vragen
Sheets PowerPoint 3 vragen
Leerboek 3 vragen
Hoorcollege:
1. Inleiding en transculturele forensische psychiatrie - hst 1
2. Psychiatrie en strafrecht - hst 2 en Nijman
3. Toerekeningsvatbaarheid - hst 5 en Bijlsma gelijktijdigheidsvereiste
4. Rapporteren Pro Justitia: de psychiater en psycholoog - hst 6 en 7
5. Risicotaxatie - hst 13 en Kamorowski
6. Ervaringsdeskundige - hst 11 en 12
7. Forensisch-psychiatrische zorg - hst 9 en 10
8. Vreemdelingenrecht en psychiatrie - hst 8 en Braakman onderdelenvereiste ABRvS 2
april 2025
9. Wet verplichte GGz - hst 4
10. Medisch tuchtrecht - hst 3 en Gerritse
11. Arbeidsongeschiktheid en psychiatrie - Faas
12. Kinder en jeugdpsychiatrie - hst 14 en 15
Samenvatting:
, Hoorcollege 1:
Waarom is bij verdachten met een migratieachtergrond extra aandacht voor medicatie
belangrijk? Antwoord (10 pnt): Sommige etnische groepen zijn gevoeliger voor
bijwerkingen van bepaalde medicijnen (bijv. lithium, carbamazepine). Dit kan leiden tot
onbedoelde gedragsveranderingen die van invloed zijn op de
toerekeningsvatbaarheid, wat van belang is voor het opstellen van een Pro Justitia-
rapport
Hoorcollege 2:
Psychose = toestandsbeeld met verlies van realiteitszin, met o.a.:
● Wanen: oncorrigeerbare denkstoornis (bv. beïnvloedingswaan,
achtervolgingswaan)
● Hallucinaties: zintuiglijke waarneming zonder externe prikkel (bv. stemmen
horen)
● Formele denkstoornissen, desorganisatie, agitatie
Een waan is een vaststaande, onjuiste overtuiging die niet strookt met de werkelijkheid en
die niet corrigeerbaar is door logische argumenten of bewijs. De persoon gelooft er rotsvast
in, zelfs als er geen enkel bewijs voor is of als het bewijs het tegendeel aantoont.
Een hallucinatie is een zintuiglijke waarneming zonder externe prikkel. De persoon hoort,
ziet, voelt, ruikt of proeft iets dat er in werkelijkheid niet is, maar het wordt als echt ervaren.
Schizofrenie = langdurige psychiatrische aandoening met psychoses én:
● Negatieve symptomen: affectvervlakking, spraakarmoede, anhedonie
● Cognitieve symptomen: geheugen- en concentratieproblemen
● Affectieve symptomen: depressie, angst
Wat is het verschil tussen een psychose en schizofrenie? Antwoord (10 pnt):
Psychose = toestand van verstoorde realiteit (bijv. hallucinaties, wanen).
Schizofrenie = psychiatrische stoornis waarbij psychoses optreden, vaak chronisch,
met bijkomende negatieve, cognitieve en affectieve symptomen.
Waarom kent de psychiatrische diagnostiek geen gouden standaard? Antwoord (10 pnt):
Omdat er geen objectieve test of biologische marker bestaat; diagnoses worden gesteld
op basis van gedragsobservatie, zelfrapportage en consensus over symptomen
Psychiatrische diagnostiek is meer interpretatief, terwijl medische diagnostiek meer fysiek
en meetbaar is. Toch zijn beide essentieel in hun eigen domein, met duidelijke
methodologische richtlijnen.
Het verschil in diagnoses komt voort uit de subjectieve aard van psychiatrische
beoordeling, en de interpretatieruimte in classificaties. De gevolgen kunnen juridisch en
maatschappelijk zeer groot zijn — vooral in strafzaken waar het verschil tussen tbs of
gevangenisstraf, of zelfs vrijspraak, op het spel staat.
Drie belangrijke verschillen tussen psychotische en niet-psychotische TBS-patiënten volgens
Nijman et al.:
1. Achtergrond – Opvoeding en jeugdomstandigheden:
Psychotische TBS-patiënten groeiden veel vaker op in hun oorspronkelijke
biologische gezinssituatie (85%) dan de niet-psychotische (meestal