Volgens de common sense doen wetenschappers onderzoek dat leidt naar
theorieën over de werkelijkheid, die getoetst worden aan de hand van de
feiten:
Autonoom: geen externe invloeden
Neutraal: geen religieuze of politieke belangen
Onafhankelijk: geen morele oordelen of ideologische opvattingen
Maatschappelijk waardenvrij: on-betrokken bij de wijze waarop
kennis wordt toegepast
Niet-normatief: spreken zich in positieve noch negatieve zin uit
over gevolgen van kennis
In de levenswetenschappen en de geneeskunde kan erbij artikelen van
een ‘standaard opbouw’ gesproken worden.
- Samenvatting - Discussie
- Inleiding - Conclusies
- Materialen en methoden - Referenties
- Resultaten - Dankwoord
Je zou kunnen zeggen dat de algemene opbouw van een wetenschappelijk
artikel de common sense bevestigd.
Hij weerspiegelt de gedachten dat wetenschap een zuiver rationele
onderneming is.
Tot Aristoteles:
1600 Stelde een zoölogische classificatie op met onderscheid
tussen dieren met en zonder bloed
17e Verzameling van schelpen, fossielen, planten, enz…
eeuw
18e Nadruk nauwkeurig beschrijven en classificeren
eeuw Carl Linnaeus:
Indeling in klasse, ordes, geslacht, soorten en variëteiten.
Niet gebaseerd op biologische eigenschappen, maar op
kenmerken.
19e Experimenten:
eeuw Charles darwin Natuur is continue onderheven aan
verandering gestuurd door selectie
1930 Neodarwinistische synthese
De wijze waarop de variatie tussen individuen kan ontstaan
en kan worden overgedragen
Erfelijkheidsleer van Mendel
1
,Geschiedenis van de geneeskunde:
v. Chr.Hippocrates:
Theorie van de lichaamssappen als neutralistisch te
karakteriseren
Gezondheid is de balans tussen de ‘hemeuren, bloed, slijm,
zwartegal en gele gal
2e eeuw
Galenus:
Ging verder met het werk van Hippocrates en dit werd tot in
de late middeleeuwen gebruikt
10e totGeneeskunde was vooral ‘boekengeleerdheid’, hoewel de
15e eeuwrechtvaardiging natuurlijk in de praktische toepasbaarheid was
gelegen
16e Belang empirische kennis werd benadrukt
eeuw Andreas Vesalius: publiceerde de Humani Corporis farbrica
Willem Harvey: hart en de circulaire bloedsomloop
19e Ontstaan moderne ziekenhuizen en gespecialiseerde klinieken
eeuw Claude Bernard: stimulus voor de ontwikkeling van
experimentele fysiologie
Pasteur: inzicht in de werking van levende cellen en micro-
organismen bracht hem tot ontdekken van vaccins
Twee voorbeelden van wetenschap als grillig proces:
1. De vinken van Darwin
De vinken die op ’t eiland voorkwamen verschilden in de vorm van
de snavel. Die diversiteit stond in verband met de zaden die de
vogels konden vinden
Bleek echter niet de waarneming te zijn
De stelling dat de vinken voor het ’t idee van evolutie zorgde
moet worden omgedraaid.
“Pas toen Darwin over evolutie nadacht, kwam hij op het idee dat de
vinken als bewijsmateriaal voor zijn theorie konden dienen”
2. Het geheim van Pasteur
Pasteur werd bekend als degene die de miltvuurepidemie de baas
werd, maar gebruikt daar in eerste instantie de ideeën van zijn
concurrent voor zonder dienst inbreng te vermelden.
Scientistische visie (= de scientist meent dat er maar 1 vorm van
kennis is, namelijk wetenschappelijke kennis, en alle andere vormen
kunnen herleid worden tot wetenschap, of wel het ‘label’ kennis niet waar
zijn.)
2
, Edward O Wilson verdedigt dit, omdat alles dat onderzocht kan
worden volgens hem gebaseerd is op materiële processen en daarom
uiteindelijk te herleiden is tot de wetten van fysica.
Traditionele visie (= er zijn vele vormen van kennis.)
- Goed en kwaad - Genade en schoonheid
- Ethische en artistieke - Menselijke natuur vanuit
waarden geschiedenis en omgang
- Meditatie of religie met naasten
Robert Merton (VS 1942) – Ethos van wetenschap – CUDOS-
normen
Cumminism Wetenschap is een gezamenlijk bezit, alle onderzoek is
toegankelijk voor iedereen
Universalism Wetenschappelijke uitspraken dienen onderworpen te
worden aan onpersoonlijke criteria
Onafhankelijk v/d persoonlijke eigenschappen als ras
en gender
Disinterested De persoonlijkheid van de onderzoeker mag geen
nes invloed hebben op de resultaten van iemands
onderzoek
Organized Het moet mogelijk zijn om wantrouwen te hebben
Scepticism tegenover wetenschappelijke resultaten
Peer reviews
Het standaardbeeld van wetenschap
Het doel van wetenschapsbeoefening is volgens het standaardbeeld het
ontwikkelen van ware kennis over de ons omringende werkelijkheid.
Het gaat in het wetenschappelijk onderzoek om de vorming van
ware theorieën, waarmee de empirische verschijnselen uit de wereld
om ons heen verklaard kunnen worden
Theorieën zijn netwerken van zulke natuurwetten voor een bepaald gebied
en brengen zo orde aan in een op zichzelf vaak nogal chaotische wereld
van verschijnselen. Ze leveren inzichten in de wereld doordat ze verklaren
hoe iets gebeurt.
Een theorie is wetenschappelijk als ze geverifieerd kan
worden door feiten die door theorievrije waarnemingen zijn
verkregen
Logica en feiten vormen de pijlers van de wetenschappelijke rationaliteit:
3
, Logicapijler eist dat het wetenschappelijk
redeneren/argumenteren volgens de regels van logica
o Wetenschappelijk redeneren moet zindelijk zijn
o Een theorie moet logisch consistent zijn
Feiten: empirische theorie moet verifieerbaar zijn door een
beroep op feiten
Vormen tezamen de empirische basis waarop het kennisbouwwerk
rust en zijn ’t resultaat van een directe onbevooroordeeld,
onvooringenomen en theorievrije waarneming.
o Op welke manier onderzoekers ook tot hun inzichten komen,
als zij die eenmaal hebben, dan zullen die inzichten tegenover
de openbaarheid moeten worden gerechtvaardigd en die
rechtvaardiging eist logische argumentatie en verificatie op
grond van feiten
Wetenschappelijke objectiviteit (= onderzoeker moet eigen theorieën,
vooroordelen, overtuigingen, enz… bij het waarnemen thuislaten en de
feiten voor zichzelf laten spreken.)
De empirische basis van feiten
Alle empirische kennis gaat uiteindelijk terug op een basis van
waarnemingen of een empirische basis van feiten. Het verzamelen van
feiten wordt gestuurd door de theoretische context waarin het onderzoek
plaats vindt.
Hypothesevorming
Theorievormin 3. deductie
g
Verklarin
Theorie, Confirmati
e
g T
2. Empirische 4. nieuwe
wetten empirische
(Universeel) wetten
(Universeel)
Voorspelling
verklaren Conformati
Confirmatie e Voorspellin
inductie
g
1. Empirische
basis van
feiten
(Singulier)
4