WC Ventilatie & perfusie
Oorzaken hypoxemie (arterieel)
- Hoe krijg je arteriële hypoxemie?
o Stoornis in ventilatie-perfusieverhouding
V’/Q’-mismatch
o Diffusiestoornis (over alveolaire membraan)
o Hypoventilatie (heel ondiep ademen)
o Te lage PIO2 (inspiratoire zuurstofdruk); in de bergen, ruimte
met weinig zuurstof (verstikking)
o Hoog O2-verbruik (inspanning)
Eerst wordt de PVO2 laag (gemengd veneuze doordat je veel zuurstof trekt)
Normale saturatie van veneuze bloed= 70%
Bij maximale inspanning= 20% (veel zuurstof onttrokken hieraan)
Gassamenstellingen
- Samenstelling van (droge) lucht op zeeniveau:
o N2 78%, O2 21%, CO2 0,03%
o Samenstelling lucht op top Mount Everest is hetzelfde als de samenstelling op
zeeniveau
- Samenstelling in alveoli:
o N2 75%, O2 14% en CO2 5% en H2O 6%
- Barometerdruk op top van Mount Everest= 225 mmHg
o Relatie tussen barometerdruk en hoogte:
o Barometerdruk daalt met een kwart op 2500 meter omhoog
- Wat is
PIO2
op
zeeniveau en 8848 meter?
o PIO2= zuurstofdruk van de lucht die je inademt (vaak buitenlucht)
o Zeeniveau: 20,9% van de 760 mmHg
Pb= 760 mmHg
FIO2= 20,9%
o Mount Everest 47 mmHg (20,9% van 225 mmHg)
Pb= 225 mmHg
FIO2= 20,9%
Iedere druk in je lichaam is lager
Wat is partiële zuurstofdruk (PO2)?
= druk die 1 gas uitoefent op de wand in situatie dat gas alleen in het compartiment aanwezig is (deel
van totale druk), dus alleen de zuurstofdruk of alleen de co2-druk.
, - Zuurstof gedraagt zich als een ideaal gas; gas waarbij de botsingen van de moleculen
aan de wand volkomen elastisch zijn
o Bij botsing aan de wand verliest molecuul geen energie (constante energie)
o Gaan ervan uit dat het gas leeg is; moleculen raken elkaar dus niet
- Onder deze 2 voorwaarden gelden de wetten:
o Algemene gaswet= PV (druk x volume)= nRT (temperatuur x aantal moleculen)
o Wet van Dalton= 2 ideale gassen beïnvloeden elkaar niet (moleculen van O2 komen
elkaar dus niet tegen)
P1= druk die stof uitoefent als stof alleen in een compartiment zit
(compartiment is bijvoorbeeld de long)
P2= druk van de andere stof
Totale druk= som van deze 2 drukken
- Ideale gassen= co2, o2, stikstof
o Totale= som van deze drukken
Pb= PO2 + PCO2 + PN2
PO2= Pb x FO2 (fractie O2 in die buitenlucht)
o Water gedraagt zich niet als ideaal gas; want is een damp (en moleculen trekken
elkaar wel aan door waterstofbruggen te vormen)
Waterdampdruk
- Druk van (verzadigde) waterdamp hangt af van
temperatuur (Pw= dampdruk van water,
verzadigd)
o Bij volledige verzadiging > dampdruk van
18
Boven deze druk gaat het over in
vloeistof
Dampdruk hangt af van
temperatuur
o Bij meer inademing van lucht > meer
verzadiging > dampdruk 47 mmHg bij 37 graden
37 graden is in het lichaam
Dus holtes met water in het lichaam: dampdruk van 37 mmHg
o Op 100 graden is dampdruk 760 mmHg (gelijk aan buitendruk)
Dit is veel vochtigere lucht
o Bij 0 graden > dampdruk 4,6 mmHg druk
Veel lagere verzadigingsdruk > waardoor lucht dus veel droger is
Dus er is veel minder water verzadigd met de lucht
o DUS: Hoe hoger temperatuur > hoe hoger dampdruk (verzadiging waterdamp) dus
hoe vochtiger de lucht is
- Partiële zuurstofdruk in vochtige lucht=
o Pb= (Po2 + PCo2 + PN2) + Pw
Dus eerste deel is wat de droge lucht inhoudt
+ druk van de verzadiging waterdamp
Pw= druk waterdamp (vochtige lucht)
o Partiële PO2 is af te leiden uit de fractie van droge lucht:
PO2= (Pb- Pw) x FO2
In de buitenlucht is FO2= 20,9%
o PIO2’= partiële PO2 van de lucht die de alveoli binnengaat
(verzadigd met waterdamp bij T= 37 graden)
, Drukdaling naarmate je dichter bij alveoli komt
- Bij inademen lucht > vrij droog (lage dampdruk)
o Volledig verzadigd met waterdamp > opgewarmd tot 37 graden
o Dus bij inademen stijgt waterdampdruk
o In droge compartiment > kan je partiële zuurstofdruk van de gassen bij elkaar
optellen
o In je lichaam wordt PIO2 lager in vergelijking met lucht buiten door verwarming van
de lucht waardoor Pw toeneemt
- Wet van Henry: C= alfa x P
o Zuurstof heeft lage alfa (oplosbaarheidsconstante) > lage oplosbaarheid
CO2 in water lost beter op dan O2 (waardoor O2 Hb nodig heeft)
o Hoe hoger druk in compartiment van lucht > hoe meer er op zal lossen
o Hoeveel er op lost hangt af van de oplosbaarheidsconstante
In bloed
Content van O2 en CO2 in het bloed
- O2-content= hoeveelheid zuurstof vrij opgelost en gebonden aan Hb
o Dus eigenlijk de hoeveelheid gas die uit bloed vrijgemaakt kan worden
o Uitgedrukt in ml/gas per liter bloed
Ml gas onder bepaalde standaard condities (want bij hogere druk wordt
volume weer kleiner)
= STPD-condities: bij 0 graden, 760 mmHg, droog (geen extra water)
Dus hoeveelheid zuurstof bepalen aan volume onder deze condities
o 22.40 ml gas (STPD) komt overeen met 1 mmol
- Normale arteriële O2-content is ongeveer 200 ml/L
o Content betekent hoeveelheid zuurstof + alle
moleculen waaruit je O2 kan vrijmaken (dus
ook HbO2 wordt hiertoe gerekend want hier
zit O2 aan gebonden)
o Bij oplopende PO2 > neemt saturatie toe
(HbO2)
o 100% saturatie; hangt af van Hb maar heb je
bepaalde hoeveelheid zuurstof in het bloed
Deze hoeveelheid wordt uitgedrukt
in volume O2 (gasvolume; alleen te
gebruiken als nauwkeurig
gedefinieerd onder welke condities
dit is, STPD)
o Dus O2-content komt vooral door HbO2
- Co2-content= vrij opgelost CO2 + bicarbonaat en HbCO2
, Anemie
- Hb is hier lager (4,0)
o De curve heeft wel dezelfde vorm alleen er
is minder zuurstof gebonden bij 100%
saturatie
o Dat komt omdat er minder Hb aanwezig is
waar O2 aan kan binden
- De PO2 kan wel goed blijven (80 mmHg) en zelfs de
saturatie kan goed zijn; maar echter is maar 4 Hb
volledig gesatureerd in plaats van 8
o Dus hoeveelheid O2 is wel de helft minder
o Dus bij anemie kan de PO2 nog steeds goed
zijn
- Let op: linkeras geldt niet voor de anemiecurve (want saturatie is evengoed 100%)
o Want saturatie= gedeelte van Hb-moleculen voorzien van zuurstof
o Dus alle moleculen zijn voorzien (alleen minder moleculen totaal aanwezig)
o Dus lagere O2-content want Hb is lager
Casus
- Mevrouw 38 jaar, acute pijn op de borst vast aan ademhaling, kortademig nam toe in loop
van de dag, medicatie alleen de pil
- LO: kortademig, hartfrequentie 104, normale RR
- X-thorax: geen afwijkingen
- Lab: normaal Hb, CRP en leuko’s
o D-dimeer 1,3 (verhoogd)
o = afbraakproduct fibrine
- DD: extra-uteriene graviditeit, longembolie, klaplong (thoraxfoto sluit dit uit)
- Diagnose= longembolie
o CT: zwart is lucht in de long, wit is contrast
o Grote witte is contrast in pulmonalis arterie (ziet een deel zwart in dit vat > stolsel)
Stolsel zit om stolsel van rechter/ linkerpulmonalisarterie
= ruiterembolie
Arteriële bloedgas:
- PH 7,5 (alkalose, te hoog)
o Respiratoir want CO2 te laag is
o Dus diegene hyperventileert
- PaCO2 3,1 (23 mmHg) > hypocapnisch
- PaO2 7,2 (45 mmHg) > hypoxisch (80-100 mmHg is normaal)