Leereenheid 8: Fundamentele rechten
8.1 Inleiding
Fundamentele rechten worden ook wel grondrechten of mensenrechten genoemd.
Er is, op de invloed van Europees recht na waarschijnlijk geen duidelijker voorbeeld van de
gelaagdheid van de Nederlandse rechtsorde dan de bescherming van fundamentele
rechten.
Fundamentele rechten doen 2 dingen:
1. Ze stellen grenzen aan wat de wetgever en het bestuur mogen doen.
2. Ze zijn een opdracht om bepaalde dingen juist wel te doen.
8.2 De ratio van fundamentele rechten
Het is aanmerkelijk ingewikkelder om een kort overzicht te geven van rechtvaardigingen van
fundamentele rechten, omdat:
1. Er zijn veel verschillende fundamentele rechten en er komen steeds meer bij.
2. Er zijn verschillende theorieën over de grondslag van fundamentele rechten, de
verscheidenheid van visies op de ratio van fundamentele rechten is veel groter dan
die over de ratio van de democratie en de rechtsstaat.
Aantal fundamentele grondrechten:
1. recht op gelijke behandeling
2. recht op onderwijs
3. het kiesrecht
4. de vrijheid van meningsuiting
5. de godsdienstvrijheid
6. het legaliteitsbeginsel
Meta-teleologische interpretatie: of de grondrechtelijke begrippen aansluiten bij de
beginselen en doelstellingen die aan het EVRM ten grondslag liggen. Volgens het EHRM
zijn deze onderliggende waarden:
● Menselijke waardigheid;
● Persoonlijke autonomie; en
● democratie.
Er zijn 3 typen rechtvaardigingen van fundamentele rechten:
1. Instrumentele
2. Intrinsieke
3. Politieke
Worden hieronder uitgelegd.
, Instrumentele rechtvaardiging = Fundamentele rechten worden als afgeleide beschouwd van
andere, meer fundamentele waarden of belangen. Ze dienen om deze waarden of belangen
te beschermen. Fundamentele rechten zijn dus middelen tot een doel; ze zijn geen doel op
zich.
● 2 voorbeelden van instrumentalistische theorieën: die van James Griffin (wordt
hieronder uitgelegd) en John Tasioulas
● John Tasoulas:
○ Fundamentele rechten dienen ter bescherming van wat hij noemt universele
menselijke belangen.
○ Zaken die de kwaliteit van leven in een bepaald opzicht verbeteren, eigen zijn
aan mensen en belangrijk worden gevonden door het gemiddelde individu in
de moderne samenleving.
○ Haalbaarheid. De naleving van plichten die fundamentele rechten opleggen,
moet mogelijk zijn, gelet op de beperkingen van de menselijke natuur en van
maatschappelijke, sociale en economische verhoudingen in een bepaald land
of in een bepaalde regio in een bepaald tijdsgewricht.
○ Het zijn deze universele menselijke belangen die fundamentele rechten
beschermen.
Intrinsieke rechtvaardiging = Fundamentele rechten zijn geen instrumenten, maar een doel
op zichzelf. Volgens Kamm en Nagel, die deze benadering hebben verdedigd, drukken
fundamentele rechten de waarde van de persoon uit. Fundamentele rechten geven gestalte
aan het idee dat het verkeerd is om mensen op een bepaalde manier te behandelen en hun
persoon geweld aan te doen. Fundamentele rechten beschermen de status van de mens, de
menselijke waardigheid.
Politieke rechtvaardiging = Auteurs die deze benadering verdedigen, vragen zich af welke
normatieve uitgangspunten ten grondslag liggen aan deze politieke en juridische praktijk van
mensenrechtenbescherming.
Waar zijn fundamentele rechten voor bedoeld? Waarom doet het ertoe?
2 theorieën:
1. James Griffin. Fundamentele rechten zijn van belang om 3 redenen:
a. Autonomie
i. Fundamentele rechten stellen mensen in staat om zelf te beslissen
over hoe zij hun leven willen inrichten.
ii. Art. 8 EVRM
b. Vrijheid
i. Dat je kunt doen wat je wilt doen.
ii. Fundamentele rechten kunnen de overheid belemmeren om burgers
in hun vrijheid te beperken. De overheid kan bijvoorbeeld burgers niet
dwingen om een bepaalde godsdienst te volgen.
c. Welzijn
i. Fundamentele rechten zijn ervoor om een bepaald niveau van welzijn
te genereren.
8.1 Inleiding
Fundamentele rechten worden ook wel grondrechten of mensenrechten genoemd.
Er is, op de invloed van Europees recht na waarschijnlijk geen duidelijker voorbeeld van de
gelaagdheid van de Nederlandse rechtsorde dan de bescherming van fundamentele
rechten.
Fundamentele rechten doen 2 dingen:
1. Ze stellen grenzen aan wat de wetgever en het bestuur mogen doen.
2. Ze zijn een opdracht om bepaalde dingen juist wel te doen.
8.2 De ratio van fundamentele rechten
Het is aanmerkelijk ingewikkelder om een kort overzicht te geven van rechtvaardigingen van
fundamentele rechten, omdat:
1. Er zijn veel verschillende fundamentele rechten en er komen steeds meer bij.
2. Er zijn verschillende theorieën over de grondslag van fundamentele rechten, de
verscheidenheid van visies op de ratio van fundamentele rechten is veel groter dan
die over de ratio van de democratie en de rechtsstaat.
Aantal fundamentele grondrechten:
1. recht op gelijke behandeling
2. recht op onderwijs
3. het kiesrecht
4. de vrijheid van meningsuiting
5. de godsdienstvrijheid
6. het legaliteitsbeginsel
Meta-teleologische interpretatie: of de grondrechtelijke begrippen aansluiten bij de
beginselen en doelstellingen die aan het EVRM ten grondslag liggen. Volgens het EHRM
zijn deze onderliggende waarden:
● Menselijke waardigheid;
● Persoonlijke autonomie; en
● democratie.
Er zijn 3 typen rechtvaardigingen van fundamentele rechten:
1. Instrumentele
2. Intrinsieke
3. Politieke
Worden hieronder uitgelegd.
, Instrumentele rechtvaardiging = Fundamentele rechten worden als afgeleide beschouwd van
andere, meer fundamentele waarden of belangen. Ze dienen om deze waarden of belangen
te beschermen. Fundamentele rechten zijn dus middelen tot een doel; ze zijn geen doel op
zich.
● 2 voorbeelden van instrumentalistische theorieën: die van James Griffin (wordt
hieronder uitgelegd) en John Tasioulas
● John Tasoulas:
○ Fundamentele rechten dienen ter bescherming van wat hij noemt universele
menselijke belangen.
○ Zaken die de kwaliteit van leven in een bepaald opzicht verbeteren, eigen zijn
aan mensen en belangrijk worden gevonden door het gemiddelde individu in
de moderne samenleving.
○ Haalbaarheid. De naleving van plichten die fundamentele rechten opleggen,
moet mogelijk zijn, gelet op de beperkingen van de menselijke natuur en van
maatschappelijke, sociale en economische verhoudingen in een bepaald land
of in een bepaalde regio in een bepaald tijdsgewricht.
○ Het zijn deze universele menselijke belangen die fundamentele rechten
beschermen.
Intrinsieke rechtvaardiging = Fundamentele rechten zijn geen instrumenten, maar een doel
op zichzelf. Volgens Kamm en Nagel, die deze benadering hebben verdedigd, drukken
fundamentele rechten de waarde van de persoon uit. Fundamentele rechten geven gestalte
aan het idee dat het verkeerd is om mensen op een bepaalde manier te behandelen en hun
persoon geweld aan te doen. Fundamentele rechten beschermen de status van de mens, de
menselijke waardigheid.
Politieke rechtvaardiging = Auteurs die deze benadering verdedigen, vragen zich af welke
normatieve uitgangspunten ten grondslag liggen aan deze politieke en juridische praktijk van
mensenrechtenbescherming.
Waar zijn fundamentele rechten voor bedoeld? Waarom doet het ertoe?
2 theorieën:
1. James Griffin. Fundamentele rechten zijn van belang om 3 redenen:
a. Autonomie
i. Fundamentele rechten stellen mensen in staat om zelf te beslissen
over hoe zij hun leven willen inrichten.
ii. Art. 8 EVRM
b. Vrijheid
i. Dat je kunt doen wat je wilt doen.
ii. Fundamentele rechten kunnen de overheid belemmeren om burgers
in hun vrijheid te beperken. De overheid kan bijvoorbeeld burgers niet
dwingen om een bepaalde godsdienst te volgen.
c. Welzijn
i. Fundamentele rechten zijn ervoor om een bepaald niveau van welzijn
te genereren.