Opgave 1
Geef in de volgende gevallen aan of voor de toepassing van de Wet IB 2001 al dan niet sprake is van
partners.
Opgave 1a
Peter en Wendy wonen ongehuwd samen op hetzelfde adres. Tot hun huishouden behoort een
dochter van 12 jaar uit een eerdere relatie van Wendy.
Uitwerking
Het basis partnerbegrip is opgenomen in art. 5a AWR. Dit artikel zegt o.a. dat ongehuwde
meerderjarigen die een notariële samenlevingsovereenkomst zijn aangegaan, fiscaal partner zijn
indien zij staan ingeschreven op hetzelfde woonadres in de BRP (art. 5a lid 1 sub b AWR). Uit de casus
blijkt niet dat Peter en Wendy een notariële samenlevingsovereenkomst zijn aangegaan. Op basis van
art. 5a AWR zijn Peter en Wendy dus geen fiscale partners van elkaar. De Wet IB 2001 stelt echter in
art. 1.2 lid 1, aanhef Wet IB dat je toch fiscaal partner kunt zijn (voor de Wet IB) als je voldoet aan een
van de bijzondere omstandigheden, ondanks dat je geen notariële samenlevingsovereenkomst bent
aangegaan. Peter en Wendy vallen onder de bijzondere omstandigheid die is opgenomen in art. 1.2 lid
1, aanhef en sub e Wet IB. Peter en Wendy zijn allebei meerderjarig en op hun woonadres staat een
minderjarig kind ingeschreven, namelijk de dochter van Wendy van 12 jaar oud.
Peter en Wendy zijn fiscaal partner voor de Wet IB.
Opgave 1b
Wim (45 jaar) en zijn zoon Fred (23 jaar) hebben samen een huis gekocht dat door hen beiden wordt
bewoond.
Uitwerking
Het basis partnerbegrip is opgenomen in art. 5a AWR. Dit artikel zegt o.a. dat ongehuwde
meerderjarigen die een notariële samenlevingsovereenkomst zijn aangegaan, fiscaal partner zijn
indien zij staan ingeschreven op hetzelfde woonadres in de BRP (art. 5a lid 1 sub b AWR). Wim en Fred
zijn vader en zoon en beschikken niet over een notariële samenlevingsovereenkomst. Op basis van art.
5a AWR zijn Wim en Fred dus geen fiscale partners van elkaar. De Wet IB 2001 stelt echter in art. 1.2
lid 1, aanhef Wet IB dat je toch fiscaal partner kunt zijn (voor de Wet IB) als je voldoet aan een van de
bijzondere omstandigheden, ondanks dat je geen notariële samenlevingsovereenkomst bent
aangegaan. Wim en Fred voldoen in principe aan art. 1.2 lid 1, aanhef en sub d Wet IB. Zij hebben
namelijk samen een huis gekocht. Toch gooit art. 1.2 lid 4 sub a Wet IB nog roet in het eten. Je kunt
namelijk geen partner van elkaar zijn wanneer je een bloed- of aanverwant bent in eerste graad en
een van beide de leeftijd van 27 nog niet heeft bereikt. Fred is 23 jaar, dus kunnen Wim en Fred ook
niet worden aangemerkt als fiscale partners op grond van de Wet IB.