30 open vragen van blok 1
Eigen regie
1. Wat wordt verstaan onder eigen regie of zelfmanagement bij een chronische aandoening?
2. Welke vaardigheden zijn vereist voor succesvol zelfmanagement?
3. Beschrijf de stappen die een patiënt doorloopt in het proces van zelfmanagement, van
probleemherkenning tot het volhouden van nieuw gedrag.
Analyse van gedragsverandering
4. Waarom is het belangrijk om in kaart te brengen wat een patiënt motiveert en welke
verbetering hij wil bereiken bij gedragsverandering?
5. Hoe geeft het Stages of Change-model de verschillende fasen van gedragsverandering weer?
6. welke manier beïnvloedt het ASE-determinantenmodel de intentie om gedrag te veranderen?
7. Wat is het doel van de 'stappenreeks' in de zorgpraktijk en hoe verhoudt deze zich tot de
andere modellen van gedragsverandering?
8. Welke verschillende perspectieven op gedrag en gedragsverandering worden belicht door het
gebruik van 'gedragslenzen'?
Ademhaling
9. Beschrijf de hoofdfunctie van de ademhaling en hoe deze bijdraagt aan het interne milieu.
10. Wat is het verschil tussen alveolaire ventilatie en dode ruimte, en hoe beïnvloeden deze de
gaswisseling in de longen?
11.Leg uit hoe diffusie werkt in de longen en wat de rol is van de diffusiecapaciteit.
12. Hoe verandert de diffusiecapaciteit tijdens inspanning en wat is de reden hiervoor?
13. Beschrijf de verschillende manieren waarop zuurstof en koolstofdioxide in het bloed worden
getransporteerd.
14. Wat is de zuurstofdissociatiecurve en hoe beïnvloeden factoren zoals pH, PCO2 en
temperatuur deze curve?
15. Leg het verschil uit tussen hypoventilatie en hyperventilatie, en hoe deze zich uiten in de
arteriële CO2-spanning (PaCO2).
Regulatie van de ademhaling
16. Welke soorten neuronen in de hersenstam zijn betrokken bij de regulatie van de ademhaling
en wat zijn hun functies?
17.Beschrijf de werking van het ademcentrum en hoe het inspiratie- en expiratiecentrum
samenwerken om het ademritme te genereren.
18.Op welke manier beïnvloeden hogere centra in de hersenstam, zoals het apneustisch en
pneumatisch centrum, de ademhaling?
Eigen regie
1. Wat wordt verstaan onder eigen regie of zelfmanagement bij een chronische aandoening?
2. Welke vaardigheden zijn vereist voor succesvol zelfmanagement?
3. Beschrijf de stappen die een patiënt doorloopt in het proces van zelfmanagement, van
probleemherkenning tot het volhouden van nieuw gedrag.
Analyse van gedragsverandering
4. Waarom is het belangrijk om in kaart te brengen wat een patiënt motiveert en welke
verbetering hij wil bereiken bij gedragsverandering?
5. Hoe geeft het Stages of Change-model de verschillende fasen van gedragsverandering weer?
6. welke manier beïnvloedt het ASE-determinantenmodel de intentie om gedrag te veranderen?
7. Wat is het doel van de 'stappenreeks' in de zorgpraktijk en hoe verhoudt deze zich tot de
andere modellen van gedragsverandering?
8. Welke verschillende perspectieven op gedrag en gedragsverandering worden belicht door het
gebruik van 'gedragslenzen'?
Ademhaling
9. Beschrijf de hoofdfunctie van de ademhaling en hoe deze bijdraagt aan het interne milieu.
10. Wat is het verschil tussen alveolaire ventilatie en dode ruimte, en hoe beïnvloeden deze de
gaswisseling in de longen?
11.Leg uit hoe diffusie werkt in de longen en wat de rol is van de diffusiecapaciteit.
12. Hoe verandert de diffusiecapaciteit tijdens inspanning en wat is de reden hiervoor?
13. Beschrijf de verschillende manieren waarop zuurstof en koolstofdioxide in het bloed worden
getransporteerd.
14. Wat is de zuurstofdissociatiecurve en hoe beïnvloeden factoren zoals pH, PCO2 en
temperatuur deze curve?
15. Leg het verschil uit tussen hypoventilatie en hyperventilatie, en hoe deze zich uiten in de
arteriële CO2-spanning (PaCO2).
Regulatie van de ademhaling
16. Welke soorten neuronen in de hersenstam zijn betrokken bij de regulatie van de ademhaling
en wat zijn hun functies?
17.Beschrijf de werking van het ademcentrum en hoe het inspiratie- en expiratiecentrum
samenwerken om het ademritme te genereren.
18.Op welke manier beïnvloeden hogere centra in de hersenstam, zoals het apneustisch en
pneumatisch centrum, de ademhaling?