Week Artikel
Week 1 “Kort geding omwonenden vanwege terrasvergunning Café De
Uyl”
Week 2 “De algemene wet bestuursrecht en de terugtredende overheid”
Week 4 “Bestuursrecht na de toeslagenaffaire: hoe nu verder?”
Week 5 “De korte bezwaartermijn belemmert de toegang tot de rechter.
Een smet op het blazoen van de rechtsstaat”
Kennisclips Week I
Kennisclip 1: wat is bestuursrecht
Bestuursrecht ziet op de verhouding tussen de overheid en burgers. De kern van het bestuursrecht is dat de
overheid eenzijdig de rechtspositie van de burgers kan vaststellen -> de overheid oefent dus macht uit.
Algemeen bestuursrecht is de Awb, dit zijn algemene regels. Bijzonder bestuursrecht, dit zijn specifieke regels.
Het bestuursrecht heeft 3 functies: de instrumentele functie (het creëert de bevoegdheden voor de overheid),
normerende functie (normen waaraan het bestuur zich moet houden) en de waarborgfunctie
(rechtsbescherming). De Awb heeft een aantal doelen: bevorderen van de eenheid, systematiseren en
vereenvoudigen van de wetten, codificeren van jurisprudentie en het regelen van algemene onderwerpen.
Kennisclip 2: de drie B’s: belanghebbende introductie
Alleen een belanghebbende kan tegen een besluit een beroep instellen. De belanghebbende is: iedereen met
een ‘feitelijk’ belang bij een besluit -> jij moet geraakt worden door het besluit. OPERA-criteria:
O: objectief belang. Het belang moet op een of andere manier objectief vast te stellen zijn en niet alleen maar
bestaan in de subjectieve belevingswereld van de betreffende persoon.
P: persoonlijk belang. Je moet jezelf voldoende kunnen onderscheiden van de massa; jouw individuele,
persoonlijke belang moet te herkennen zijn uit de vele andere mensen die al dan niet indirect door het besluit
worden getroffen.
E: eigen belang. Je kunt alleen opkomen voor je eigen belangen (het besluit moet jou dus zelf raken), je kunt
wel gemachtigd worden maar dan word je niet zelf alsnog belanghebbend.
R: rechtstreeks geraakt belang. Het belang moet direct betrokken zijn bij het besluit; er moet aldus sprake zijn
van een causale relatie tussen (de gevolgen van) het besluit en het belang.
A: actueel belang. Iemand is alleen belanghebbende als degene ook ten tijde van het nemen van het besluit
ook daadwerkelijk een belang heeft. Dat belang mag niet afhangen van een onzekere toekomstige gebeurtenis.
Kennisclip 3: de drie B’s: belanghebbende (art. 1:2 lid 1 Awb)
Als je de geadresseerde van een besluit bent, ben je altijd belanghebbende. Uitspraak Mestbassin Mechelen:
rechtstreeks feitelijke gevolgen ondervinden -> moeten van enige betekenis zijn. Factoren van het Mestbassin
Mechelen:
Afstand tot;
Zicht op;
Planologische uitstraling van;
Milieugevolgen (geur, geluid, licht, trilling).
Uitspraak minicamping ‘De Heksenketel’: zijn concurrenten belanghebbende? Verstoort het besluit de
concurrentieverhoudingen criteria:
1. Is de ondernemer werkzaam (a) in hetzelfde marksegment en (b) binnen hetzelfde verzorgingsgebied;
2. Ondervindt de ondernemer gevolgen van het besluit, gelet op de aard van het besluit?
Bij het rechtstreekse belang mag het niet gaan om een indirect belang (afgeleid belang), zoals bij een
contractuele relatie (huurovereenkomst, arbeidsovereenkomst). Actueel belang: bij vrees voor een onzekere
toekomstige ontwikkelingen die het gevolg zouden kunnen zijn van een besluit geven geen belang.
Kennisclip 4: de drie B’s: belanghebbende (art. 1:2 lid 2 Awb)
Bestuursorganen kunnen ook een belanghebbende zijn (art. 1:2 lid 2 Awb). Voorbeeld:
De Staatssecretaris van OCW (een a-orgaan) kan Rijksmonumenten aanwijzen.
Stel dat het college van burgemeester en wethouders een sloopvergunning voor een monumentaal
gebouw verleent.
Dan is de Staatssecretaris belanghebbende bij dat besluit van het college.
Kennisclip 5: de drie B’s: belanghebbende (art. 1:2 lid 3 Awb)
Een rechtspersoon kan belanghebbende zijn (art. 1:2 lid 3 Awb), indien deze rechtspersoon een algemeen
(organisaties die opkomen voor natuur of cultuur) of collectief (bundeling van individuele belangen) belang
behartigt en dat dit belang blijkt uit een. Uitspraak Stichting Openbare Ruimte (algemeen belang):
a) Hun statutaire doelstelling: mag niet te ruim of te algemeen zijn omschreven:
Territoriale begrenzing (territorium afbakenen)
Functionele begrenzing
, b)Hun feitelijke werkzaamheden: procedeerclubs kunnen niet naar de bestuursrechter. Alleen procederen
is onvoldoende om belanghebbende te kunnen zijn.
Uitspraak LTO-Noord (collectief belang): LTO-Noord komt op voor het belang van haar leden.
Werkgroep I | 31 januari 2025
Besluiten zijn eenzijdige rechtshandelingen vanuit de overheid.
Evenredigheidsbeginsel: besluiten mogen niet meer belangen raken of niet verder reiken dan
noodzakelijk is.
Als je het niet eens bent met een besluit kan je als belanghebbende in bezwaar gaan bij het betreffende
bestuursorgaan (art. 7:1 jo. 8:1 Awb) -> het belanghebbendebegrip is de poort naar de
rechtsbescherming.
Bestuursorgaan (art. 1:1 Awb) -> besluit (art. 1:3 Awb) -> belanghebbende (art. 1:2 Awb).
De OPERA-criteria zijn cumulatief!
Art. 1:2 lid 3 Awb:
Rechtspersonen -> art. 2:3 BW.
Het moet gaan om algemene of collectieve belangen -> LTO-Noord hierin is bepaald dat ten
aanzien van de feitelijke werkzaamheden het al voldoende is dat zo’n organisatie de individuele
belangen bundelen (collectieve belangen). Algemene belangenorganisaties -> Stichting
Openbare Ruimte:
Statuten
Territoriaal
Functioneel
Feitelijke werkzaamheden
Ø Het mag niet gaan om enkel procedeerclubje, er mag niet enkel geprocedeerd worden.
In het bijzonder behartigen. Het mag niet gaan om politieke partijen.
OPERA-criteria:
O: objectief belang -> bepaalbaar/aantoonbaar. Niet subjectief -> gebaseerd op feiten.
P: persoonlijk belang -> in voldoende mate onderscheiden van de rest.
Ruimtelijke belangen -> Mestbassin Mechelen: de ondergrens is dat je rechtstreekse gevolgen
moet ondervinden van enige betekenis. Niet cumulatief, onderlinge samenhang. De factoren zijn:
1. Zicht op;
2. Afstand op;
3. Planologische uitstraling (rekening houden met de omgevingsfeer);
4. Milieuhinder (licht, geluid, geur).
Kijken naar de aard, intensiteit en frequentie.
E: eigen belang -> zelf opkomen voor je belangen, tenzij je een gemachtigde instelt (art. 2:1 lid 2 Awb)
R: rechtstreeks belang -> direct geraakt belang, dus geen afgeleid belang.
Hebben concurrenten een rechtsreeks belang? Minicamping De Heksenketel. Hierin is bepaald
of een concurrent een rechtsreeks belang heeft bij een besluit.
1. Marktsegment -> doelgroep
2. Verzorgingsgebied -> hoe ver verwijdert van elkaar?
3. Rechtstreeks verband/causaliteit maatstraf -> raken de gevolgen van het besluit ook de
belangen van de concurrent?
A: actueel belang -> belang dat nu kenbaar is, geen zuivere toekomstige gebeurtenis.
Opgave 1a: is mevrouw Weber belanghebbende? Kijken naar OPERA-criteria.
O: er is sprake van een objectief belang, want haar huis is slecht geïsoleerd dus gehorig. Dit berust op
feiten.
P: Mestbassin Mechelen -> aan het criterium zicht op kan niet voldaan worden. Afstand op kan wel aan
voldaan worden, ze woont in de straat. Milieuhinder, ze gaat last hebben van het geluid en misschien van
de geur. Aan twee van de drie factoren is sowieso wel voldaan. De aard/omvang is aan voldaan, groot
terras. Intensiteit, geluid kan best wel hard zijn. Frequentie, het café zal voor het overgrote gedeelte van de
week geopend zijn. Kortom aan alle criteria zijn voldaan, dus er is zeker sprake van een persoonlijk belang.
E: het gaat om haarzelf, dus een eigen belang.
R: mevrouw Weber wordt direct geraakt, dus er is een rechtsreeks belang.
A: in het verleden heeft ze last gehad van het geluid, dus niet zuiver toekomstig.
Opgave 1b: is Café de Kraai uit Leiderdorp een belanghebbende, zoals in art. 1:2 Awb? Kijken naar OPERA-
criteria.
O: is het aantoonbaar dat zij een deel van hun klandizie zullen kwijtraken? Ja, dit zou zeker kunnen.
P: Minicamping De Heksenketel -> kijkend naar het marktsegment wel, zelfde branche (horeca).
Verzorgingsgebied niet, Leiderdorp en Leiden liggen ver uit elkaar. Er is geen sprake van een persoonlijk
belang.
E: Café de Kraai komt op voor hun eigen belangen.
R: Causaliteitsmaatstraf: doordat Café de Uyl gevestigd wordt kan Café de Kraai klandizie kwijtraken.
Klanten hebben meer keuze en kunnen ook voor Café de Uyl kiezen.
A: kan aan worden voldaan, want het belang is niet zuiver toekomstig aantoonbaar. Het belang is wel al
bekend dat dit gaat opspelen.
Opdracht 1c: kwalificeren de indieners als belanghebbende? Artikel 1:2 lid 3 Awb.
, De criteria van lid 3 nagaan. Er is dan aan persoonlijk en eigen belang (OPERA-criteria) voldaan. Is Stichting
Vrienden van de Hooglandse Kerk een rechtspersoon? -> Ja (art. 2:3 BW). Het gaat om een algemeen belang,
want het gaat om een historische/culturele waarde. De kerk kan niet voor zichzelf opkomen, de stichting komt
voor de kerk op. Stichting Vrienden van de Hooglandse Kerk is een algemene belangenorganisatie. Territoriaal
is aan voldaan, ziet op de kerk in Leiden. Functioneel hetzelfde. Feitelijke werkzaamheden duiden erop dat het
meer is dan alleen een procedeerclubje, aan de feitelijke werkzaamheden is dus voldaan. Stichting Vrienden van
de Hooglandse Kerk is geen politieke partij. P + E (OPERA-criteria) is aan voldaan. Er is sprake van een objectief
belang, het gaat om de façade van de kerk. Rechtsreeks belang, is er een causaal verband? -> ja, de kerk kan
kapotgaan, toegang tot de kerk kan beperkt worden. Actueel belang is er ja, dit zou in de toekomst problemen
kunnen opleveren.
Opdracht 2: representativiteitsvereiste -> de algemene of collectieve belangenorganisatie moet
vertegenwoordigend zijn voor de groep waarvoor zij opkomt.
1. geen vereiste -> [bezwaar] de wetgever wil het wel
2. kwantitatieve interpretatie
3. kwalitatieve interpretatie -> beoordelen van de kennis, middelen, achterban en expertise
Actualiteitencollege I | 5 februari 2025
Wat is de rol van het bestuursrecht bij (het oplossen van) de huisvestingscrisis?
Grondhuisvesting is een grondwettelijke verplichting van de overheid
Als we het over huisvesting hebben, moeten we het ook hebben over stikstof.
In het bestuursrecht kan de Staat der Nederlanden zelf niet aangeklaagd worden (privaatrechtelijke
procedure), het moet gericht zijn tegen een bestuursorgaan (minister, college van B&W, college van
gedeputeerde staten etc.).
Een besluit waartegen geprocedeerd wordt is typerend voor het bestuursrecht.
Eigendomsregulering is volgens art. 1 EVRM toegestaan als dit in het algemeen belang is. Toch stuiten
nieuwe regels over bijvoorbeeld duurzaamheid en huurdersbescherming op veel weerstand.
Als er in de wet staat “er is een” -> dit wijst op een a-orgaan. Tenzij de rechtspersoon
privaatrechtelijk is.
Ø “Er is een Autoriteit woningcorporaties, die onder Onze Minister ressorteert” -> Ambtelijke
verlengstuk van de minister. De minister is dan verantwoordelijk voor de besluiten van de
Autoriteit woningcorporaties.
Ø Het RIVM is ook een ambtelijk verlengstuk van de minister van volksgezondheid.
Ø Art. 61Ia Woningwet: De Algemene Rekenkamer is een uitzondering. Uitzonderingen zijn te
vinden in 1:1 lid 2 Awb, dit zijn geen bestuursorganen.
Het hebben van een huurcontract is een privaatrechtelijke overeenkomst (huurder en verhuurder), maar
tegenwoordig ook bestuursrechtelijk want de gemeenten moeten toezicht houden.
Het belanghebbende begrip is niet alleen van belang voor bezwaar/beroep -> ook van belang bij een
handhavingsverzoek trachten om de toezichthouder te bewegen handhavend op te treden.
ECLI:NL:CBB:2022:343 Kan de Vereniging Eigen Huis (VEH) een handhavingsverzoek doen aan De
Nederlandsche Bank? De VEH is belanghebbende, omdat het voldoende link had met de
activiteiten met die vereniging. De belangen moeten overeenkomen met het doel van de
wet.
ECLI:NL:CBB:2024:498 Omwonenden kunnen bij de minister van Landbouw, Visserij,
Voedselzekerheid en Natuur geen handhavingsverzoek indienen wegens geuroverlast, omdat de
regelgeving waarvan zij handhaving verzoeken niet strekt tot bescherming van hen ingeroepen
persoonlijke belangen.
Take away’s van deze week
Bijzonder bestuursrecht speelt een belangrijke rol bij de implementatie van beleid.
Dit is zeker ook het geval rond de huisvestigingscrisis.
Volkshuisvesting is een beleidsterrein waarop vele publieke en private partijen moeten samenwerken.
Dit gebeurt met gebruik van verschillende juridische instrumenten
De begrippen ‘belanghebbende’ en ‘bestuursorgaan’ spelen
Kennisclips Week II
Kennisclip 1: het a-orgaan
Waarom is het zijn van bestuursorgaan van belang? ->
Ø De Awb is alleen van toepassing op het handelen van bestuursorganen
Ø Geen bestuursorgaan, dan ook geen besluit (art. 1:3 Awb)
Ø Geen besluit, dan ook geen bestuursrechtelijke rechtsbescherming (bezwaar, beroep)
De bestuursrechtspraak is:
a. Laagdrempelig (geen verplichting om advocaat in te schakelen, lage griffierechten, relatief informele
procedure).
b. Procedurele rechtvaardigheid (lage eisen aan beroepschrift, actieve rol van de bestuursrechter,
ongelijkheidscompensatie).
Criteria van een a-orgaan:
Orgaan van een
Rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld (publiekrechtelijke rechtspersoon)
Een publiekrechtelijke rechtspersoon (art. 2:1 BW of in bijzondere wetten), wat de overheid kan. Een
privaatrechtelijk rechtspersoon (art. 2:3 BW), zijn rechtspersonen die iedereen zou kunnen beginnen. Een
orgaan is een onderdeel van rechtspersonen die taken uitvoeren. Organen oefenen uiteindelijk de
bevoegdheden uit. Onderscheid tussen de rechtspersoon en de organen: