Coman
De student kan de specifieke cornea onderzoeken, behandelt in de les en de verplichte literatuur
benoemen (weten)
Zie de rest van de leerdoelen van bijeenkomst 2.
De student kan de indicaties voor het meten van de cornea gevoeligheid benoemen (weten)
Indicaties testen corneagevoeligheid:
- Unilateraal rood oog
- Droge ogen
- DM
- Fuch’s dystrofie
- Refractiechirurgie
- N. V
- RGP
- ABI/TBI
- Corneatransplantatie
- Migraine
- Topicale NSAID
- Atypische keratitis
De student kan de indicaties voor een endotheelcel meting benoemen (weten)
Alles waarbij er een risico is op endotheelbeschadigingen (bv. oude CTL, operaties, DM, droogte,
uveitis en Fuch’s)
De student kan onderscheid maken tussen normale en abnormale endotheelcel dichtheid (inzien en
toepassen)
De student kan de indicaties voor de confocal scanning microscoop benoemen (weten)
Indicaties: alle corneaziekten (bv. dystrofie, ectasie, CTL, operatie, etc.)
De student kan middels plaatjes benoemen welke laag van de cornea in beeld is gebracht (inzien en
toepassen)