Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Burgerlijk Recht 3 (hoorcolleges RUG + handboek)

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
95
Geüpload op
08-06-2025
Geschreven in
2024/2025

Een uitgebreide samenvatting van de hoorcolleges van het vak Burgerlijk Recht 3 (RUG) aangevuld met stof uit het handboek.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Week 1| hoorcollege 1
Onrechtmatige gedragingen
Uitgangspunt
Ieder draagt zijn eigen schade, tenzij afwentelingsmechanisme (bv. Aansprakelijkheid).

Aansprakelijkheidsrecht
Via het aansprakelijkheidsrecht kan schade worden afgewenteld op de veroorzaker. De schade wordt dus
verplaatst van slachtoffer naar veroorzaker. Maar omdat men tegenwoordig een aansprakelijkheidsverzekering
heeft, wordt de schade weer verspreid over een grote groep verzekerden. Doelstelling is om schade van het
slachtoffer geheel te compenseren: het slachtoffer in de positie brengen waarin hij zou hebben verkeerd indien
de schadeveroorzakende gebeurtenis niet had plaatsgevonden. Slachtoffer krijgt slechts aanspraak op de
schade die niet vergoed is.

Persoonlijke en kwalitatieve aansprakelijkheid
Een onderscheidt moet worden gemaakt tussen persoonlijke en kwalitatieve aansprakelijkheid

 Persoonlijke aansprakelijkheid  aansprakelijkheid voor eigen onrechtmatige gedraging, omdat men
zelf het schade verwekkend gebeuren heeft doen ontstaan;
o Persoonlijk (toerekening) en schuld (in zekere mate van objectivering).

 Kwalitatieve aansprakelijkheid  in een bepaalde hoedanigheid, omdat men heeft in te staan voor:
o Personen tot wie men in een bepaalde betrekking staat;
o Zaken waarvan men eigenaar, bezitter, beheerder, producent of gebruiker is.

Kwalitatieve aansprakelijkheid wordt vaak aangemerkt als risicoaansprakelijkheid.

Vestigings- en omvangsfase
Indien voldaan is aan de vereisten van een bepaalde grondslag voor aansprakelijkheid, dan is de
aansprakelijkheid gevestigd. Vervolgens dient de schade nog in omvang te worden bepaald. Hierbij zijn de
bepalingen van afdeling 6.1.10 BW van belang.


Ter rechtvaardiging van risicoaansprakelijkheid is gewicht toekend aan:
 Het gevaar dat van een zaak uitgaat: wie een groter gevaar veroorzaakt, heeft een grotere
aansprakelijkheid. Denk aan zaken zoals auto’s en gevaarlijke stoffen;
 Het profijt dat iemand heeft: wie de lusten heeft, moet ook de lasten dragen. Denk aan
ondergeschikten, tamme dieren en gebouwen;
 Vermogen om de schade te dragen: het is beter om de schade te verhalen op de producent,
ongedacht of de producent schuld heft. Hij kan zich beter verzekeren.
 Verzekerbaarheid.


Functies aansprakelijkheidsrecht
Door middel van aansprakelijkheidsrecht wordt evenwicht gevonden tussen twee fundamentele menselijke
behoeften: veiligheid en vrijheid. Meer concreet heeft het de onderstaande functies:

 Compensatie: bepalen in welke gevallen recht bestaat op compensatie.

 Preventie: welke regel voorzichtig gedrag stimuleren.

 Defensieve/rechtshavende functie: handhaven van bestaande rechtsposities. Mensen die
onrechtmatig in hun gezondheid of vermogen zijn aangestast, kunnen dmv aansprakelijkheidsrecht
hun schade vergoed krijgen, waardoor hun rechten worden bevestigd en gehandhaafd.

,  Offensieve functie: de onrechtmatige daad bescherming niet alleen de rechten die vooraf zijn
vastgelegd.

 Ventielfunctie: men kan zich verzekeren en de premies via hogere prijzen aan de groep van afnemers
doorberekenen. Ontevredenheid die onvoldoende door de politiek wordt weggenomen, wordt soms
via het aansprakelijkheidsrecht opgelost.

Voorbeeld: Urgenda-uitspraak: daarbij vorderde de stichting Urgenda dat de Staat CO2-uitstoot verder
moet reduceren. Het hof en de rechtbank wezen de vordering toe. Hierbij toetsen ze aan de
Kelderluik-criteria. De rechter meende dat dit mogelijk was, doordat het hof en de rechtbank niet op
de stoel van de wetgever gingen zitten: het betrof geen bevel tot wetgeving.


Verjaring
Rechtsvorderingen uit onrechtmatige daad kunnen niet eeuwig worden ingesteld. Daarom bestaan er
verjaringstermijnen, om zo de schuldenaar te bescherming. Na verstrijken van de verjaringstermijn blijft er een
natuurlijke verbintenis bestaan (art. 6:3 lid 2 sub a BW). Een rechter mag een verjaringstermijn niet ambtshalve
toepassen (art. 3:322 lid 1 BW). Als een verjaringstermijn nog niet is verstreken, kunnen de redelijkheid en
billijkheid de rechtsuitoefening in de weg staan. Dit noemt met rechtsverwerking.

 Korte verjaringstermijn  subjectieve verjaringstermijn  5 jaar, vanaf het moment dat de
schuldeiser met het bestaan van de vordering en met de persoon van de schuldenaar bekend is
geworden (art. 3:310 BW).

- HR oordeelde dat aanvang niet start indien de benadeelde niet in staat is een vordering in te
stellen en de oorzaak van deze onmacht kwam door de aansprakelijke. De benadeelde moet dus
daadwerkelijk in staat zijn om een vordering in te stellen. Iemand moet daadwerkelijk bekend zijn
met de schade en aansprakelijke persoon.

 Lange verjaringstermijn  objectieve verjaringstermijn  voor enkele situaties gelden andere
termijnen. Bv. 20 jaar.

- Soms kan de redelijkheid van art. 6: in de weg staan dat iemand zich beroep op verjaring.


Stuiting
De verjaringstermijn kan door stuiting opnieuw beginnen (art. 3:319 BW). Dit kan op verschillende manieren:
 Door middel van een eis (art. 3:316 BW);
- Gaat om een eis en iedere andere daad van rechtsvervolging. Denk hierbij aan het uitbrengen van
een dagvaarding.

 Door een schriftelijke mededeling of aanmaning (art. 3:317 BW);
- Onder schriftelijke mededeling valt ook een beding. Denk aan een beding in een
vaststellingsovereenkomst waarin staat dat over bepaalde schade een arbitrageprocedure zal
worden uitgevoerd.

 Door erkenning (art. 3:318 BW).
- Voorbeeld hiervan is een beding in een aansprakelijkheidsverzekering, op basis waarvan de
afwikkeling aan een verzekeraar wordt overgelaten.




Persoonlijke aansprakelijkheid  Onrechtmatige daad

Artikel 6:162 BW

2

, 1. Hij die jegens een ander een onrechtmatige daad pleegt, welke hem kan worden toegerekend, is
verplicht de schade die de ander dientengevolge lijdt, te vergoeden.
2. Als onrechtmatige daad worden aangemerkt een inbreuk op een recht en een doen of nalaten in
strijd met een wettelijke plicht of met hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk
verkeer betaamt, een en ander behoudens de aanwezigheid van een rechtvaardigingsgrond.
3. Een onrechtmatige daad kan aan de dader worden toegerekend, indien zij te wijten is aan zijn schuld
of aan een oorzaak welke krachtens de wet of de in het verkeer geldende opvattingen voor zijn
rekening komt.


Uit artikel 6:162 BW vloeien 5 vereisten
voort:

1. Onrechtmatigheid (art. 6:162 lid 2 BW).

2. Toerekening (art. 6: 162 lid 3 Bw).

3. Causaliteit (conditio sine qua non).

4. Relativiteit (art. 6:163 Bw).

5. Schade


1. Onrechtmatigheid
Artikel 6:162 lid 2 BW: drie onrechtmatige gedragingen:

a. Inbreuk op een recht;
b. Doen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht;
c. Doen of nalaten in strijd met het ongeschreven recht dat in het maatschappelijke verkeer betaamt 
in strijd met (maatschappelijke) zorgvuldigheidsnorm!


a. Inbreuk op een recht
Het moet gaan om een inbreuk op een subjectief recht = een bijzondere door het recht aan iemand
toegekende bevoegdheid die hem wordt verleend om zijn belang te dienen. Als subjectief recht wordt
aangemerkt:

 Absolute vermogensrechten = eigendomsrecht, auteursrecht, merkenrecht.

 Persoonlijkheidsrechten = lichamelijke integriteit, eer, goede naam, persoonlijke vrijheid.

 Het gaat om gedragingen die de rechthebbende in de uitoefening van zijn recht belemmeren of die zijn
exclusieve bevoegdheid aantasten. Maar ook het gedrag zelf als inbreuk of gevolg als inbreuk.

 Inbreuk op een recht impliceert niet altijd onrechtmatigheid. Er moet worden bepaald of een inbreuk al
voldoende is of dat meer nodig is, zoals bijv. onzorgvuldigheid. Hierover bestaan verschillende opvattingen. De
HR spreekt zich niet duidelijk uit over welke opvatting hij volgt. Wel wordt duidelijk dat het onvoorzichtig
toebrengen van letsel- of zaakschade, niet automatisch leidt tot inbreuk op een subjectief recht. Zie arrest
Zwiepende tak.




3

, Arrest Zwiepende tak: tijdens een wandeling schopt een jongen zonder omkijken tegen een tak. Deze zwiept
terug en raakt het rechteroog van degene achter de jongen. Volgens de rechtbank is sprake van een directe
inbreuk op een subjectief recht, maar deze is enkel onrechtmatig als sprake is van onzorgvuldigheid. De HR
oordeelt dat niet de enkele mogelijkheid van een ongeval als verwezenlijking van aan een bepaald gedrag
inherent gevaar, maakt dat gedrag onrechtmatig is. Van onrechtmatigheid is pas sprake indien de mate van
waarschijnlijkheid van een ongeval (ontstaan van letsel) zodanig groot is door het gedrag, dat de dader zich
naar maatstaven van zorgvuldigheid van dat gedrag had moeten onthouden (OSVO)!

b. Strijd met een wettelijke plicht
Een wettelijke plicht is elke algemene verbindende regeling uitgaande van een bevoegd gezag. Daarbij gaat het
bijvoorbeeld om bepalingen uit:
- Hinderwet vergunning;
- Strafrechtelijke bepalingen;
- Wegenverkeerswet 1994.

c. Doen of nalaten in strijd met het ongeschreven recht dat in het maatschappelijke verkeer betaamt  in
strijd met (maatschappelijke) zorgvuldigheidsnorm!
Een gedraging is ook onrechtmatig als deze in strijd is met de maatschappelijke zorgvuldigheid.
Onzorgvuldigheid is een vaag begrip. Het geeft weinig concrete aanwijzingen over hoe mensen zich moeten
gedragen om aansprakelijkheid te voorkomen. Maatschappelijke zorgvuldigheid lijkt te verwijzen naar de
opvatting in de maatschappij. Het is echter een normatief oordeel: de rechter gaat niet daadwerkelijk
onderzoeken wat de maatschappij van iets vindt. De rechter mag niet naar willekeur oordelen. Op basis van
jurisprudentie oordeelt de rechter of iets voldoet aan de maatschappelijke zorgvuldigheid.

Rechtvaardigingsgronden
Als er sprake is van een rechtvaardigingsgrond, dan kan de gedraging niet als onrechtmatig worden
bestempeld!
- Noodweer;
- Overmacht;
- Noodtoestand;
- Bevoegd gegeven ambtelijk bevel;
- Vergunning? Dat je een vergunning ergens voor hebt, betekent niet dat er niet onrechtmatig
gehandeld kan worden!

Onrechmatigheid: historisch overzicht
Zie daarvoor de arresten Zutphense waterjuffer en Lindebauw Cohen.  Niet verplicht.

2. Toerekening
De toerekening ziet op de dader. Art. 6:162 lid 3 BW kent drie gronden voor toerekening:
a. Schuld;
b. Risico;
c. Wet.

3. Causaliteit
Hierbij gaat het om het causale verband tussen de gedraging en de schade. Indien de schade niet zou zijn
ontstaan als de gedraging niet zou hebben plaatsgevonden, is hieraan voldaan.

4. Relativiteit
Art. 6:163 BW bevat de relativiteitseis. Een relatie moet bestaan tussen de geschonden norm en de schade
zoals die door een bepaalde benadeelde is geleden. Als iemand een beroep doet op een norm die bijvoorbeeld
dient om het milieu te beschermen, dan wordt he lastig om te spreken van relativiteit.




4

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
8 juni 2025
Bestand laatst geupdate op
1 september 2025
Aantal pagina's
95
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$6.18
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
AnniekEnt Rijksuniversiteit Groningen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1306
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
919
Documenten
31
Laatst verkocht
1 maand geleden
Rechtsgeleerdheid: samenvattingen, college aantekeningen en stappenplannen

Samenvattingen, college aantekeningen en stappenplannen van de opleiding juridisch administratief medewerker, hbo-rechten, pre-master Nederlands recht en de master privaatrecht.

4.3

226 beoordelingen

5
116
4
75
3
21
2
6
1
8

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen