Een jongensoorlog
Schrijfster: J. Bernlef
Gepubliceerd: 2005
Aantal blz.: 132
Genre: Oorlog
Roman: psychologische
Naam+klas:
Datum:
1
, samenvatting
Michiel is net klaar in het ziekenhuis, want zijn keelamandelen werden zonder verdoving
weggehaald en dat deed ongelofelijk erg veel pijn. Toen hij klaar was ging hij samen met zijn
vader naar huis met de ponytax. Eenmaal thuis kreeg Michiel een warme groet van zijn
moeder en werd hem verteld dat hij de volgende ochtend weg ging en naar het platteland
moest om daar te schuilen totdat de oorlog voorbij was, omdat daar meer eten is en het
daar veiliger is. Hij wil zijn ouders niet verlaten, maar hij heeft geen keus.
Michiel gaat op weg naar de familie Tulp in het boerendorp Driewoude en word opgehaald
door Jan Tulp. Wanneer hij in Driewoude aankomt wordt hij welkom geheten door een dikke
vrouw genaamd tante Merel. Later ontmoet hij ook de 2 dochters van de familie tulp. De
jongste heet Gerie en is 8 jaar oud en is een echte pestkop, de oudste heet Alie en vind
Michiel een beetje leuk. Michiel slaapt in de kamer van Jan Tulp, hij is de oudste zoon van de
familie Tulp. Hij krijgt echte klompen en moet de volgende dag bij oom Johan helpen, want
hij werkt in de suikerbieten stroop fabriek.
De volgende dag wanneer hij zit te werken bij oom Johan hoort hij één of andere boze Jan
over dat Diens vader stroop levert aan de buurman die een NSB’er is. De volgende dag
maakt Michiel een rondje door het dorp en hoort de stem van Jan Tulp en ziet hem seks
hebben met ene Dulieu die NSB’er is.
Michiel schrikt erg van wat hij ziet en begrijpt niet goed wat er aan de hand is. Hij weet nog
maar weinig van seks en voelt zich raar over wat Jan met Christine doet. De volgende dag
helpt hij weer bij oom Johan in de fabriek, maar die is boos, omdat zijn grote ketel waar hij
stroop mee maakt, door de Duitsers wordt meegenomen. Oom Johan denkt dat de buurman
Soutenbakker hem heeft verraden, want hij is een NSB’er. Michiel wordt daarna door
Christine aangesproken. Ze stelt vreemde vragen en doet alsof ze meer weet, maar Michiel
weet niet wat hij moet zeggen en vlucht naar school.
Op school spelen de jongens elke woensdag oorlog na. Michiel moet van Verkerk, die de
leider is, de buurman Soutenbakker in de gaten houden. Ze willen weten of hij iets doet met
Liza, een meisje met blonde krullen. Michiel verzint verhalen over wat hij zogenaamd heeft
gezien, dat ze naakt waren en dingen deden, en de andere jongens vinden dat interessant.
Op een dag komt er een vliegtuig over en wordt de brug in het dorp gebombardeerd. Michiel
is bang en denkt dat zijn moeder nu niet meer kan komen, want die brug was de enige weg
naar hem toe. Die avond leest hij weer in zijn boek over Hagar en Ismaël. Hij voelt zich
alleen, net als Ismaël in het verhaal.
2