klimaat FO2
Aisja
1038008
24-11-2023
Veilig pedagogisch klimaat B2
SWOVPK01JV
Cijfer 8
,Inhoudsopgave
Inleiding ................................................................................................................................................... 3
Beschrijving KBS ...................................................................................................................................... 4
Vraag ........................................................................................................................................................ 5
Persoonlijk niveau ............................................................................................................................... 5
Organisatorisch niveau ........................................................................................................................ 5
Normatieve niveau .............................................................................................................................. 6
Interview Gedragsdeskundige ................................................................................................................. 8
Antwoord met behulp van FO (twee bronnen) ..................................................................................... 10
Conclusie ............................................................................................................................................... 12
,Inleiding
Ik loop stage bij de Raad voor de Kinderbescherming als Raadsonderzoeker. Gedurende mijn stage
doe ik onderzoek naar de veiligheid en opvoed- en opgroeisituatie naar de leeftijd van 0 t/m 23 jaar.
Als Raadsonderzoeker schrijf in een onderzoeksrapport waarin ik een advies uitbreng aan de rechter
over wat er nodig is voor een kind of jeugdige om veilig op te groeien. In dit verslag benader ik de
situatie dan ook vanuit mijn rol als Raadsonderzoeker.
,Beschrijving KBS
Situatiebeschrijving
Een jongen van 15 (hierna: kind X.) heeft op zijn 13de strafbare feiten gepleegd waarvoor hij naar de
jeugdgevangenis Hartelborgt moest in voorarrest. Kind X. werd voor het eerst opgepakt door de politie
op verdenking van diefstal met geweld of bedreiging. Ten tijde van het incident woonde hij al in een
crisisopvang vanwege de thuissituatie. Kind X. woonde in een buurt waar veel geweld plaatsvond en
bendes actief waren. Hij werd voor het strafbare feit op straat gepest en in elkaar geslagen. Hierin
speelde het eigen gedrag van Kind X. ook mee. Hij heeft ADHD en is lichtverstandelijk beperkt wat
hem een makkelijk slachtoffer maakt voor anderen in de buurt. Doordat hij zich vanwege zijn eigen
problematiek afwijkend gedraagt naar anderen, roept zijn gedrag reacties op bij jongens in de buurt.
Door zijn beperkingen maakt hij soms opmerkingen naar anderen wat verkeerd valt en wordt
vervolgens in elkaar geslagen.
Thuissituatie
Thuis ontstond er een negatieve dynamiek tussen moeder en zoon. Hun relatie is verstoord geraakt.
Moeder probeerde vanuit goede bedoelingen haar zoon te beschermen door hem van de straat te
houden, omdat hij heel beïnvloedbaar was. Ze sloot hem op in zijn kamer en pakte zijn telefoon af. Dit
werkte juist averechts. Kind X. begon zich af te zetten door te dreigen met geweld en probeerde zich
los te maken van zijn moeder en te ontsnappen uit zijn kamer. Moeder kon geen grip meer op hem
krijgen. Kind X. heeft zich uit huis gevochten en is opnieuw de straat op gegaan. Vanwege de
thuissituatie is kind X. naar een crisisopvang gebracht. Omdat hij van die crisisopvang bleef weglopen,
is hij vervolgens overgeplaatst naar een crisisopvang in een andere stad. Kind X. is daar opnieuw
weggelopen en zou toen een minderjarig meisje hebben verkracht. Hij werd opgepakt door de politie
en moest in totaal 70 dagen in voorarrest in Hartelborgt zitten. In die periode keek de RvdK wat ze
konden doen om de jongen zo goed mogelijk te helpen en ondersteunen voor ontwikkeling om veilig
gevangenis te verlaten, zodat hij een veiligheid voor zichzelf en de samenleving zou woeden.
Onveiligheid
Terwijl kind X. vast zat, werd hij regelmatig mishandelt door jongeren op de groep. De jongen
probeerde aansluiting bij de groep te vinden, maar deed dit op een verkeerde manier. Vanwege zijn
beperkingen maakte hij opmerkingen over jongeren hun moeder bijvoorbeeld. Door zijn gedrag
triggerde hij andere jongeren die hem daarvoor in elkaar geslagen. Kind X. kreeg medische hulp,
omdat hij in elkaar werd geslagen, bewusteloos is geslagen en een gescheurde lip, door andere
jongeren in de gevangenis. Vanwege een gebrek aan bewijs is de verkrachtingszaak teruggetrokken
en zag de rechtercommissaris geen reden om hem nog langer vast te houden. Kind X. is zonder
hulpverlening en bandherstel met moeder weer naar huis gestuurd. Er waren veel professionals
betrokken die er samen niet uitkwamen om de jongen uit de gevangenis te halen. Een aantal
professionals wilde de jongen niet helpen, vanwege de verdenking op verkrachting. Na twee weken
thuis te zijn, is hij opnieuw opgepakt voor verdenking op een gewelddadige overval met een wapen.
Hiervoor moeten kind X. opnieuw langere tijd voorarrest in Hartelborgt zitten, terwijl er zich al veel
incidenten daar hadden afgespeeld.
Trauma
Toen kind X. opnieuw vast zat liet hij afwijkend gedrag zien. Hij keek veel om zich heen, had een
alerte houding en sliep slecht, omdat hij last van zijn hoofd omdat hij bewusteloos was geslagen. Zijn
houding was afkomstig van trauma’s van de mishandelingen. De jongen is inmiddels opnieuw
opgepakt vanwege een gewapende overval op een tankstation en moet opnieuw terug de gevangenis
in. De RvdK maakt zich zorgen dat de mishandelingen opnieuw zullen plaatsvinden en de trauma’s
alleen maar versterkt zullen worden. Kind X. zal opnieuw in gevaar komen door zijn eigen gedrag en
door de jongeren met verhard gedrag. De jongen vormt een gevaar voor zichzelf en anderen.
, Vraag
Mijn vraag richt zich op wat welke maatregelen ik kan nemen in een situatie waarin een minderjarige
vastzit voor een strafbaar feit, maar daar te maken krijgt met kindermishandeling. Mijn vraag luidt:
Wat is er nodig om kind X. te beschermen tegen de mishandelingen in de gevangenis en het bieden
veiligheid- ontwikkelingsmogelijkheden, gezien zijn cognitieve beperkingen en het risico op herhaling
van strafbare feiten?
Persoonlijk niveau
Wat mij deze casus raakt is, dat kind X. zich niet in zowel zijn eigen omgeving als in de
jeugdgevangenis veilig kan voelen, ook al zit hij daar vanwege strafbare feiten. Ik vind het belangrijk
dat een kind zich zowel thuis als in een instelling of gevangenis veilig moet voelen. Normen en
waarden die ik daarin belangrijk vind, is bescherming tegen alle vormen van geweld. Ik ben van
mening dat ieder kind beschermd moeten worden tegen iedere vorm van geweld. Dit maakt ook dat ik
stageloop bij de RvdK. Door mijn stage hoop ik een bijdrage te kunnen leveren aan het veilig
opgroeien en ontwikkeling van kinderen. In mijn jeugd heb ik vaak fysiek en verbaal geweld gezien.
Niet in mijn thuissituatie, maar ik ben wel op straat, in de buurt of bij familie getuige geweest van
geweld. Deze ervaringen hebben wel een impact op mij gehad. Wat ik aan mijzelf merk wanneer
iemand fysiek of verbaal agressief wordt, is dat ik gespannen en alert wordt. In zulke situaties probeer
ik de ander met rust te laten en de situatie te vermijden. Door deze ervaringen ben ik mij bewust van
de gevolgen die geweld op lichamelijk en psychisch niveau met zich mee kan brengen.
Om beter te begrijpen waarom veiligheid zo belangrijk voor iemand is, probeer ik mijzelf altijd in de
schoenen van een ander te verplaatsen. Als ik zelf in een jeugdgevangenis terecht zou komen tussen
andere jongeren die ouder zijn dan ik en verhard gedrag vertonen, zou ik mij direct geïntimideerd
voelen. Dit gevoel wordt alleen maar versterkt en zou bij mij zelfs tot angst leiden als ik ook nog eens
regelmatig mishandeld zou worden. Ik zou daar het liefst zo snel mogelijk weg willen en terug naar
huis gaan. In dit geval heeft kind X. ADHD en een licht verstandelijke beperking. Dit maakt dat hij
vanwege zijn cognitieve beperkingen minder goed in staat is om ingrijpende gebeurtenissen, zoals het
geweld en de pesterijen goed te kunnen verwerken. Deze gebeurtenissen kunnen dus een impact op
zijn mentale en emotionele ontwikkeling hebben
Belemmeringen die ik in deze casus ervaar, is dat ik niet weet wat er binnen het strafrechtelijk kader
gedaan kan worden, dus wat zijn de mogelijkheden voor een minderjarige die vast moet zitten. Wat is
er eigenlijk mogelijk voor een jongere die vanwege een strafbaar feit vastzit? En hoe zit het met zijn
rechten? Kind X. heeft strafbare feiten gepleegd, daarvoor moet hij dan ook gestraft worden. Maar het
feit dat hij zich niet veilig in de jeugdgevangenis kan voelen, maakt dat ik wil uitzoeken welke
mogelijkheden er zijn om hem gezien zijn problematiek uit die onveilige situatie te halen.
Organisatorisch niveau
In het Kwaliteitskader van de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK, 2023) staat vermeld dat de
organisatie verschillende wettelijke taken heeft wanneer een jeugdige wordt verdacht van een
strafbaar feit. Als het strafbaar feit tot een strafzaak komt, zoals in de casus, is de RvdK
casusregisseur. Dit houdt in dat zij de jeugdige in alle fasen van het strafproces in beeld houden en
bewaken de termijnen en procedures. Ook bewaakt de RvdK de inhoudelijke samenhang tussen de
activiteiten van de diverse ketenpartners om tot een positieve reactie op het gedrag van de jeugdige te
komen. De RvdK kijkt niet alleen mee als casusregisseur naar de straf, maar ook naar de situatie
waarin een jeugdige zich bevindt. Als blijkt dat er hulpverlening nodig is, moet de RvdK gemeentelijke
instanties (de GI’s) bewegen om die passende hulpverlening te realiseren. Op basis van het
onderzoek adviseert de RvdK de (kinder)rechter over wat pedagogisch gezien de beste straf en/of
zorg is voor de jeugdige gezien de omstandigheden en de ontwikkelingsfase waarin een jeugdige zich
verkeert.