CAT – Welke behandeling is het meest effectief voor lage rugklachten bij atleten?
Meike Baarda, 399890 – 17-02-2025
1. Patiënten casus
Mevrouw X is een 19-jarige sportieve vrouw met sinds enkele weken zeurende lage rugklachten zonder
duidelijk trauma. De pijn verergert bij buigen, draaien en sportactiviteiten. Ze wordt momenteel behandeld
met manuele therapie, wat enige verlichting geeft, maar klachten blijven aanwezig. Ze vraagt zich af of
oefentherapie effectiever is om pijn te verminderen en haar sport weer klachtenvrij te kunnen hervatten.
2. Klinische vraag
Bij een sportieve 19-jarige patiënte met aanhoudende lage rugklachten (P), is oefentherapie (I) effectiever dan
manuele therapie (C) in het verminderen van pijn (O)?
3. Zoekactie
Op 17 februari ’25 is er gezocht naar Systematic Reviews (SR). Hiervoor is de database PubMed gebruikt. De
zoekstring die is gebruikt:
- ((("Low Back Pain"[Mesh]) AND ("Exercise Therapy"[Mesh])) AND ("Musculoskeletal
Manipulations"[Mesh])) AND ((reduce pain) OR (reducing pain))
Dit leverde 46 resultaten op, vervolgens heb ik gefilterd naar systematic reviews en artikelen niet ouder dan 10
jaar. Dit leverde 7 resultaten op. Er is 1 artikel die aansluit op de patient specifieke casus en is geschreven in
2021. Daarom is er gekozen om gebruikt te maken van dit systematic review met meta-analyse:
- Jane S Thornton, J P Caneiro, Jan Hartvigsen, Clare L Ardern, Anders Vinther, Kellie Wilkie, Larissa
Trease, Kathryn E Ackerman, Kathryn Dane, Sarah-Jane McDonnell, David Mockler, Conor Gissane,
Fiona Wilson. Treating low back pain in athletes: a systematic review with meta-analysis. DOI:
10.1136/bjsports-2020-102723
4. Samenvatting studie(s)
Thornton et al. includeerden 14 RCT’s met in totaal 541 atleten.
9 studies onderzochten oefentherapie zoals core stability training, motor control oefeningen en functionele
krachttraining.
- 7 van deze 9 toonden statistisch significante pijnvermindering (Cohen’s d = 0.5–0.9 → matig tot groot
effect).
- De overige 2 vonden geen significante effecten.
5 studies onderzochten manuele therapie (mobilisaties/manipulaties).
- Slechts 2 studies lieten een klein significant effect zien (Cohen’s d ± 0.3).
- Bewijs voor manuele therapie was overwegend zwak en inconsistente qua kwaliteit.
5. Evaluatie
Op basis van de AMSTAR 2 beoordelingslijst voor systematische reviews (gericht op interventies) is de interne
validiteit van deze review beoordeeld. De belangrijkste beoordelingscriteria:
1. Adequate vraagstelling: Ja. De onderzoeksvraag was helder geformuleerd: Wat is de effectiviteit van
verschillende interventies, waaronder oefentherapie en manuele therapie, bij atleten met lage
rugklachten?
2. Zoekactie: Ja. Er is een uitgebreide zoekstrategie beschreven waarbij meerdere databanken (o.a.
MEDLINE, EMBASE, SPORTDiscus) zijn doorzocht. Zoektermen, inclusiecriteria en zoekperiodes zijn
gespecificeerd.
3. Selectieprocedure: Ja. Twee onafhankelijke beoordelaars selecteerden studies op basis van vooraf
gedefinieerde criteria (RCT’s bij sporters met lage rugpijn, effect van een interventie op pijn en
functie). Het proces is transparant weergegeven, inclusief PRISMA-flowdiagram.
4. Kwaliteitsbeoordeling geïncludeerde studies: Gedeeltelijk. De methodologische kwaliteit van de RCT's
werd beoordeeld, maar er werd geen gestructureerd instrument zoals de PEDro of Cochrane RoB-tool
gebruikt. Er wordt wel melding gemaakt van bias (selectie, uitval), maar niet systematisch per studie.
5. Data-extractie: Ja. De data-extractie werd door meerdere onderzoekers uitgevoerd met een vooraf
opgestelde datasheet, gericht op primaire en secundaire uitkomstmaten (zoals pijnreductie en
functionele score).
Meike Baarda, 399890 – 17-02-2025
1. Patiënten casus
Mevrouw X is een 19-jarige sportieve vrouw met sinds enkele weken zeurende lage rugklachten zonder
duidelijk trauma. De pijn verergert bij buigen, draaien en sportactiviteiten. Ze wordt momenteel behandeld
met manuele therapie, wat enige verlichting geeft, maar klachten blijven aanwezig. Ze vraagt zich af of
oefentherapie effectiever is om pijn te verminderen en haar sport weer klachtenvrij te kunnen hervatten.
2. Klinische vraag
Bij een sportieve 19-jarige patiënte met aanhoudende lage rugklachten (P), is oefentherapie (I) effectiever dan
manuele therapie (C) in het verminderen van pijn (O)?
3. Zoekactie
Op 17 februari ’25 is er gezocht naar Systematic Reviews (SR). Hiervoor is de database PubMed gebruikt. De
zoekstring die is gebruikt:
- ((("Low Back Pain"[Mesh]) AND ("Exercise Therapy"[Mesh])) AND ("Musculoskeletal
Manipulations"[Mesh])) AND ((reduce pain) OR (reducing pain))
Dit leverde 46 resultaten op, vervolgens heb ik gefilterd naar systematic reviews en artikelen niet ouder dan 10
jaar. Dit leverde 7 resultaten op. Er is 1 artikel die aansluit op de patient specifieke casus en is geschreven in
2021. Daarom is er gekozen om gebruikt te maken van dit systematic review met meta-analyse:
- Jane S Thornton, J P Caneiro, Jan Hartvigsen, Clare L Ardern, Anders Vinther, Kellie Wilkie, Larissa
Trease, Kathryn E Ackerman, Kathryn Dane, Sarah-Jane McDonnell, David Mockler, Conor Gissane,
Fiona Wilson. Treating low back pain in athletes: a systematic review with meta-analysis. DOI:
10.1136/bjsports-2020-102723
4. Samenvatting studie(s)
Thornton et al. includeerden 14 RCT’s met in totaal 541 atleten.
9 studies onderzochten oefentherapie zoals core stability training, motor control oefeningen en functionele
krachttraining.
- 7 van deze 9 toonden statistisch significante pijnvermindering (Cohen’s d = 0.5–0.9 → matig tot groot
effect).
- De overige 2 vonden geen significante effecten.
5 studies onderzochten manuele therapie (mobilisaties/manipulaties).
- Slechts 2 studies lieten een klein significant effect zien (Cohen’s d ± 0.3).
- Bewijs voor manuele therapie was overwegend zwak en inconsistente qua kwaliteit.
5. Evaluatie
Op basis van de AMSTAR 2 beoordelingslijst voor systematische reviews (gericht op interventies) is de interne
validiteit van deze review beoordeeld. De belangrijkste beoordelingscriteria:
1. Adequate vraagstelling: Ja. De onderzoeksvraag was helder geformuleerd: Wat is de effectiviteit van
verschillende interventies, waaronder oefentherapie en manuele therapie, bij atleten met lage
rugklachten?
2. Zoekactie: Ja. Er is een uitgebreide zoekstrategie beschreven waarbij meerdere databanken (o.a.
MEDLINE, EMBASE, SPORTDiscus) zijn doorzocht. Zoektermen, inclusiecriteria en zoekperiodes zijn
gespecificeerd.
3. Selectieprocedure: Ja. Twee onafhankelijke beoordelaars selecteerden studies op basis van vooraf
gedefinieerde criteria (RCT’s bij sporters met lage rugpijn, effect van een interventie op pijn en
functie). Het proces is transparant weergegeven, inclusief PRISMA-flowdiagram.
4. Kwaliteitsbeoordeling geïncludeerde studies: Gedeeltelijk. De methodologische kwaliteit van de RCT's
werd beoordeeld, maar er werd geen gestructureerd instrument zoals de PEDro of Cochrane RoB-tool
gebruikt. Er wordt wel melding gemaakt van bias (selectie, uitval), maar niet systematisch per studie.
5. Data-extractie: Ja. De data-extractie werd door meerdere onderzoekers uitgevoerd met een vooraf
opgestelde datasheet, gericht op primaire en secundaire uitkomstmaten (zoals pijnreductie en
functionele score).