Aardrijkskunde Arm & Rijk Hfst. 3 + 4
Paragraaf 3.1, Kennismaking met India en Groot-Brittannië
De kolonie Brits-Indië
- Rond 1900 was Groot-Britannië een wereldmacht. India was als kolonie een
onderdeel van Brits-Indië.
- Industrialisatie en bevolkingsgroei zorgde voor een grote behoefte aan
grondstoffen en afzetmarkten.
- Imperialisme: economische, politieke en culturele macht uitbreiden.
- Binnen het kolonialisme waren twee soorten koloniën:
● India was een exploitatiekolonie: een kolonie die wordt gebruikt voor het
winnen van landbouw voor het moederland.
● Andere landen in het Britse rijk waren een vestigingskolonie: een gebied
waar kolonisten zich blijvend vestigden.
Gevolgen van de dekolonisatie
- Vlak na de Tweede Wereldoorlog werd India onafhankelijk en ontstond
dekolonisatie in India. Ook kwamen er vier nieuwe landen bij India en werd het
land een democratische republiek.
- Groot-Brittannië is mede door Indiase immigranten een multiculturele
samenleving (2,1 miljoen Indiërs en Indische winkels en restaurants).
- India kent ook veel Britse gewoonten (thee drinken en de Engelse taal).
Verschillen in verstedelijking
- Groot-Brittanië is tussen 1800 en 2000 sterk verstedelijkt (84% woont in steden).
- De snelle verstedelijking werd veroorzaakt door de Industriële Revolutie.
- De verstedelijking in India begon veel later dan in Groot-Brittanië (35% woont in
steden).
- India heeft een relatief laag urbanisatietempo en urbanisatiegraad, maar heeft wel
de 2e grootste stad ter wereld.
- Er is een tweedeling in de Indiase steden: gated communities voor de rijken en
favela’s en slums voor de armen.
Van industrie naar diensten
- Na de Tweede Wereldoorlog begon de de-industrialisatie in Groot-Brittannië
● De zware industrie ging naar lagelonenlanden voor goedkopere arbeid en
soepelere milieuwetgeving
● De diensteneconomie kwam in Groot-Brittanië
- De de-kolonisatie begon na 1950 ook in Duitsland (Ruhrgebied), België (rond Luik) en
de VS (Pittsburgh en Detroit).
- Er ontstond hoge werkloosheid en lage inkomsten door:
● Migratie van kansrijke bewoners
● Laagopgeleide achterblijvers
, Toenemende ongelijkheid
- De regionale gelijkheid tussen ‘booming’ Londen en Groot-Brittannië nam steeds
toe.
- Binnen Londen ontstond er ook steeds meer sociale ongelijkheid.
Van planeconomie naar markteconomie
- De planeconomie van India na de dekolonisatie:
● De overheid bepaalt wat, waar en hoeveel er wordt geproduceerd.
● Resultaat: stijgende staatsschuld, corruptie en bureaucratie.
- India werd een vrijemarkteconomie in 1990 en buitenlandse bedrijven waren welkom.
- Vanaf 2000 kwamen er speciale economische zones (sez).
- Voordelen vrijemarkteconomie in India voor multinationals:
● Lage belastingen
● Goede infrastructuur
● Jonge, goed opgeleide, hardwerkende en Engelssprekende beroepsbevolking
● Relatief lage arbeidskosten
● Enorme binnenlandse afzetmarkt en stijgende koopkracht.
- De overheid hoopt dat er minder armoede en werkloosheid zal zijn door sez.
- Nadelen sez:
● Boeren raken landbouwgrond kwijt
● Er zijn alleen banen voor de goed opgeleide middenklasse
Wereldmacht India
- De groeiende economie in India leidt tot investeringen in het buitenland.
- India is nu een grote investeerder in de Britse economie.
Paragraaf 3.1, Kennismaking met India en Groot-Brittannië
De kolonie Brits-Indië
- Rond 1900 was Groot-Britannië een wereldmacht. India was als kolonie een
onderdeel van Brits-Indië.
- Industrialisatie en bevolkingsgroei zorgde voor een grote behoefte aan
grondstoffen en afzetmarkten.
- Imperialisme: economische, politieke en culturele macht uitbreiden.
- Binnen het kolonialisme waren twee soorten koloniën:
● India was een exploitatiekolonie: een kolonie die wordt gebruikt voor het
winnen van landbouw voor het moederland.
● Andere landen in het Britse rijk waren een vestigingskolonie: een gebied
waar kolonisten zich blijvend vestigden.
Gevolgen van de dekolonisatie
- Vlak na de Tweede Wereldoorlog werd India onafhankelijk en ontstond
dekolonisatie in India. Ook kwamen er vier nieuwe landen bij India en werd het
land een democratische republiek.
- Groot-Brittannië is mede door Indiase immigranten een multiculturele
samenleving (2,1 miljoen Indiërs en Indische winkels en restaurants).
- India kent ook veel Britse gewoonten (thee drinken en de Engelse taal).
Verschillen in verstedelijking
- Groot-Brittanië is tussen 1800 en 2000 sterk verstedelijkt (84% woont in steden).
- De snelle verstedelijking werd veroorzaakt door de Industriële Revolutie.
- De verstedelijking in India begon veel later dan in Groot-Brittanië (35% woont in
steden).
- India heeft een relatief laag urbanisatietempo en urbanisatiegraad, maar heeft wel
de 2e grootste stad ter wereld.
- Er is een tweedeling in de Indiase steden: gated communities voor de rijken en
favela’s en slums voor de armen.
Van industrie naar diensten
- Na de Tweede Wereldoorlog begon de de-industrialisatie in Groot-Brittannië
● De zware industrie ging naar lagelonenlanden voor goedkopere arbeid en
soepelere milieuwetgeving
● De diensteneconomie kwam in Groot-Brittanië
- De de-kolonisatie begon na 1950 ook in Duitsland (Ruhrgebied), België (rond Luik) en
de VS (Pittsburgh en Detroit).
- Er ontstond hoge werkloosheid en lage inkomsten door:
● Migratie van kansrijke bewoners
● Laagopgeleide achterblijvers
, Toenemende ongelijkheid
- De regionale gelijkheid tussen ‘booming’ Londen en Groot-Brittannië nam steeds
toe.
- Binnen Londen ontstond er ook steeds meer sociale ongelijkheid.
Van planeconomie naar markteconomie
- De planeconomie van India na de dekolonisatie:
● De overheid bepaalt wat, waar en hoeveel er wordt geproduceerd.
● Resultaat: stijgende staatsschuld, corruptie en bureaucratie.
- India werd een vrijemarkteconomie in 1990 en buitenlandse bedrijven waren welkom.
- Vanaf 2000 kwamen er speciale economische zones (sez).
- Voordelen vrijemarkteconomie in India voor multinationals:
● Lage belastingen
● Goede infrastructuur
● Jonge, goed opgeleide, hardwerkende en Engelssprekende beroepsbevolking
● Relatief lage arbeidskosten
● Enorme binnenlandse afzetmarkt en stijgende koopkracht.
- De overheid hoopt dat er minder armoede en werkloosheid zal zijn door sez.
- Nadelen sez:
● Boeren raken landbouwgrond kwijt
● Er zijn alleen banen voor de goed opgeleide middenklasse
Wereldmacht India
- De groeiende economie in India leidt tot investeringen in het buitenland.
- India is nu een grote investeerder in de Britse economie.