1
,Inhoud
Inhoud ....................................................................................................................................2
Deel 1 – Doelgroepsbeschrijving ............................................................................................ 3
Deel 2 - Rijke teksten .............................................................................................................4
Tekst 1 – Zo ziet het zwarte gat in het hart van de Melkweg eruit........................................4
Tekst 2 – De maan drijft weg ...............................................................................................8
Tekst 3 – De indringer met lichtgevende tatoeages .............................................................9
Deel 3 Leeractiviteiten .......................................................................................................... 16
3.1: Leeractiviteit 1 ............................................................................................................ 16
Werkblad 1 bij tekst 1: Samenvatting en begrippenlijst .................................................. 18
Woordenlijst met Nieuwe Termen .................................................................................. 20
Uitgewerkte modeling bij tekst 1 – leeractiviteit 1........................................................... 21
Uitgeschreven werkvorm 1 – Samenwerking in kleine groepen – 10 minuten................ 23
Uitgeschreven werkvorm 2 – Samenvatting maken – 10 minuten.................................. 24
3.2: Leeractiviteit 2 ............................................................................................................ 25
Uitgewerkte modeling bij tekst 2 – leeractiviteit 2........................................................... 26
Werkblad 1 bij tekst 2 - Woordenlijst.............................................................................. 28
Werkblad 2 bij tekst 2 -Samenvatting Maken en Reflectie ............................................. 29
3.3: Leeractiviteit 3 ............................................................................................................ 30
Uitgewerkte modeling bij tekst 3 – leeractiviteit 3........................................................... 31
Werkblad 1 bij tekst 3 - Fantasie en Wetenschap Onderscheiden ................................. 33
Deel 4 Bewijzen van uitgevoerde praktijkopdrachten 2 en 3 ................................................. 36
Bewijs afgetekende praktijkopdracht 2 .............................................................................. 36
Bewijs afgetekende praktijkopdracht 3 .............................................................................. 37
2
,Deel 1 – Doelgroepsbeschrijving
Algemeen
De doelgroep bestaat uit vmbo-leerlingen die de kaderberoepsgerichte (vmbo kader) en de
basisberoepsgerichte leerweg (vmbo basis) volgen. Na het behalen van hun eindexamen
moeten deze leerlingen minimaal niveau 2F beheersen voor de vaardigheden schrijven,
luisteren, spreekvaardigheid en lezen. De Tobiasstroom maakt deel uit van een grotere
scholengemeenschap, waarbij de onderbouw samenwerkt met een speciaal basisonderwijs
(de Tobiasschool). De school is geen voortzetting van het SBO, maar biedt
leerwegondersteuning op vmbo-niveau. Het voortgezet onderwijs bevat vijf klassen, met klas
7 als eerste leerjaar en klas 11 als eindexamenjaar. De school maakt momenteel gebruik van
de methode Talent van Malmberg voor alle klassen, met plannen om deze methodes meer
als richtlijn te gebruiken. De focus verschuift naar het gebruik van Vlekkeloos Nederlands en
Goedgebekt voor de examenklassen, omdat de leerlingen deze methodes prettiger vinden
vanwege de duidelijke uitleg en oefeningen. De huidige methode Talent wordt als te
afleidend ervaren door de leerlingen. Voor de examenklassen blijft Talent belangrijk als
ondersteuning voor de voorbereiding op het eindexamen.
Lezerskenmerken
De leesmotivatie van vmbo-leerlingen is vaak laag, wat hun leesprestaties negatief
beïnvloedt. Leerlingen lezen minder voor hun plezier en hebben vaak negatieve gevoelens
over lezen, wat bijdraagt aan hun prestaties in leesvaardigheid. Dit is een veelvoorkomend
probleem in het vmbo, waar leerlingen doorgaans minder gemotiveerd zijn om te lezen dan
hun leeftijdsgenoten in andere onderwijstypes. Deze lage leesmotivatie kan leiden tot een
vicieuze cirkel: door minder te lezen, ontwikkelen leerlingen een kleinere woordenschat en
hebben ze meer moeite met begrijpend lezen, wat weer leidt tot een achterstand in
leesvaardigheid. Om deze vicieuze cirkel te doorbreken, moeten docenten actief werken aan
het verhogen van de leesmotivatie. Het aanbieden van functionele en relevante teksten,
zoals teksten die aansluiten bij de interesses of de beroepspraktijk van de leerlingen, kan de
betrokkenheid vergroten. Daarnaast is het belangrijk om metacognitief leren toe te passen,
zodat leerlingen leren hoe ze hun eigen leesproces kunnen monitoren en verbeteren.
Gevarieerd leesmateriaal, zoals fictie en non-fictie, helpt leerlingen verschillende
leesstrategieën te oefenen. Samenwerkend leren, waarbij leerlingen in groepjes werken, kan
de motivatie eveneens versterken. In de klas met zwakkere lezers, inclusief leerlingen met
dyslexie, autisme en ADHD, is differentiatie essentieel. Het lesmateriaal moet afgestemd
worden op het individuele niveau van de leerlingen. Extra tijd voor stillezen en het gebruik
van digitale teksten zijn nuttige strategieën om de leesvaardigheid te verbeteren, terwijl ze
tevens bijdragen aan de ontwikkeling van digitale geletterdheid.
3
, Deel 2 - Rijke teksten
Tekst 1 – Zo ziet het zwarte gat in het hart van de Melkweg eruit
Referentieniveau: 2F
4