Samenvattingen Kennisclips
Nieuws & Journalistiek 2019
Inleidende Kennisclip en Kennisclip 00 - Nieuwswaarden
Nieuws gaat over het ‘ongewone’ en is selectief.
Dit roept 2 vragen op:
- Wat is het aan een verhaal dat het nieuws maakt?
- Waarom wordt de ene gebeurtenis wel en de andere niet nieuws?
Nieuwswaarden: poging om kenmerken van een nieuwsgebeurtenis
te vangen.
Klassiek artikel over nieuwswaarden: Galtung & Ruge 1965.
1. Frequentie (stampt af van de radio metafoor): kan de
nieuwsorganisatie berichten over de gebeurtenis -> tegenwoordig zijn
deze praktische zaken door het internet geen probleem.
2. Drempelwaarde: hoe omvangrijker en sensationeler een gebeurtenis,
hoe eerder het nieuws wordt.
3. Ondubbelzinnigheid: duidelijk interpreteerbare gebeurtenis.
4. Betekenis: hoe meer voorkennis en culturele verwantschap we met
een gebeurtenis hebben, hoe eerder het nieuws wordt.
5. Harmonie: komt de gebeurtenis overeen binnen ons
verwachtingspatroon.
6. Uitzonderlijkheid: onverwachte en zeldzame gebeurtenissen.
7. Continuïteit: eenmaal verschenen, blijft een gebeurtenis nieuws.
8. Compositie: samenstelling en verhouding van verschillende
gebeurtenissen (genoeg afwisseling)
9. Elitelanden
10. Elitepersonen
11. Personificatie: nieuws dat terug te voeren is tot bepaalde personen.
12: Negativiteit
Hoe meer criteria een gebeurtenis scoort, hoe groter de kans dat het
nieuws wordt.
Nieuwswaarden hebben veel verschillende lijsten -> worden opgesteld
vanuit de nieuwsgebeurtenis -> weinig aandacht voor de ideologische
achtergrond van het gebruik van nieuws.
Nieuwswaarden geven inzicht waarom iets nieuws is -> maar niet
zaligmakend.
Recentere nieuwswaarden:
Harcup & O’Neill 2001:
1. Verwijzingen naar elite: 4. Verrassing: een verhaal met
individuen, organisaties, landen. een verassend element.
2. Verwijzingen naar 5. Slecht nieuws: conflict,
beroemdheden. tragedie.
3. Entertainment 6. Goed nieuws
, 7. Omvang: impact of veel 9. Follow-up: wat is het nieuws is,
mensen zijn betrokken. zal weer nieuws worden
8. Relevantie (continuïteit)
10. Newspaper agenda: zelfde als
frequentie.
Hetherington 1985: hoofdredacteur Guardian.
1. Interesse 5. Seks, scandalen en misdrijf
2. Drama 6. Nummers
3. Verrassing 7. Nabijheid
4. Personen
Eilders 2006: 5 categorieën voor meerdere nieuwswaardecriteria
1. Stabiele nieuwsfactoren
2. Extra journalistieke focus
3. Extra publieke focus
4. Minder aandacht voor follow-up nieuws
5. Extra nieuwsfactoren
Kennisclip 03
Artikel Hallin & Mancini samenvatting
Kennisclip 04 - De commerciële context van nieuws
Nieuwsproducten: bijzondere producten
- Symbolische waarde: informatie krijgt pas bij gebruik waarde; geen
intrinsieke waarde
- Informatie is (mede)deelbaar; verliest niet in waarde bij delen.
- Doorgegeven informatie stijgt in waarde naarmate hij meer gedeeld
wordt.
- Materiële waarde: fysiek product zoals een krant.
Kenmerken van nieuwsproducten bepalen de economische
mogelijkheden van die producten.
Mediaproducten: economische kenmerken
Algemeen:
- Niet-rivaliserend: informatie raakt niet op, geen schaarste.
- ‘First copy costs’: kosten eerste exemplaar zijn het hoogte:
investeren van verzamelen van informatie.
- Duaal product: opereren op 2 markten -> publiek (interesseert in
symbolische waarde) en adverteerder (interesseert in de aandacht
van het publiek).
- Ervaring product: naast inhoud ook beleving van belang
Algemene kenmerken toepassen om economisch een product op de markt
te zetten
VB -> relatief nieuw medium gratis dagbladen:
- Inhoud van het nieuws staat los van drager
Nieuws & Journalistiek 2019
Inleidende Kennisclip en Kennisclip 00 - Nieuwswaarden
Nieuws gaat over het ‘ongewone’ en is selectief.
Dit roept 2 vragen op:
- Wat is het aan een verhaal dat het nieuws maakt?
- Waarom wordt de ene gebeurtenis wel en de andere niet nieuws?
Nieuwswaarden: poging om kenmerken van een nieuwsgebeurtenis
te vangen.
Klassiek artikel over nieuwswaarden: Galtung & Ruge 1965.
1. Frequentie (stampt af van de radio metafoor): kan de
nieuwsorganisatie berichten over de gebeurtenis -> tegenwoordig zijn
deze praktische zaken door het internet geen probleem.
2. Drempelwaarde: hoe omvangrijker en sensationeler een gebeurtenis,
hoe eerder het nieuws wordt.
3. Ondubbelzinnigheid: duidelijk interpreteerbare gebeurtenis.
4. Betekenis: hoe meer voorkennis en culturele verwantschap we met
een gebeurtenis hebben, hoe eerder het nieuws wordt.
5. Harmonie: komt de gebeurtenis overeen binnen ons
verwachtingspatroon.
6. Uitzonderlijkheid: onverwachte en zeldzame gebeurtenissen.
7. Continuïteit: eenmaal verschenen, blijft een gebeurtenis nieuws.
8. Compositie: samenstelling en verhouding van verschillende
gebeurtenissen (genoeg afwisseling)
9. Elitelanden
10. Elitepersonen
11. Personificatie: nieuws dat terug te voeren is tot bepaalde personen.
12: Negativiteit
Hoe meer criteria een gebeurtenis scoort, hoe groter de kans dat het
nieuws wordt.
Nieuwswaarden hebben veel verschillende lijsten -> worden opgesteld
vanuit de nieuwsgebeurtenis -> weinig aandacht voor de ideologische
achtergrond van het gebruik van nieuws.
Nieuwswaarden geven inzicht waarom iets nieuws is -> maar niet
zaligmakend.
Recentere nieuwswaarden:
Harcup & O’Neill 2001:
1. Verwijzingen naar elite: 4. Verrassing: een verhaal met
individuen, organisaties, landen. een verassend element.
2. Verwijzingen naar 5. Slecht nieuws: conflict,
beroemdheden. tragedie.
3. Entertainment 6. Goed nieuws
, 7. Omvang: impact of veel 9. Follow-up: wat is het nieuws is,
mensen zijn betrokken. zal weer nieuws worden
8. Relevantie (continuïteit)
10. Newspaper agenda: zelfde als
frequentie.
Hetherington 1985: hoofdredacteur Guardian.
1. Interesse 5. Seks, scandalen en misdrijf
2. Drama 6. Nummers
3. Verrassing 7. Nabijheid
4. Personen
Eilders 2006: 5 categorieën voor meerdere nieuwswaardecriteria
1. Stabiele nieuwsfactoren
2. Extra journalistieke focus
3. Extra publieke focus
4. Minder aandacht voor follow-up nieuws
5. Extra nieuwsfactoren
Kennisclip 03
Artikel Hallin & Mancini samenvatting
Kennisclip 04 - De commerciële context van nieuws
Nieuwsproducten: bijzondere producten
- Symbolische waarde: informatie krijgt pas bij gebruik waarde; geen
intrinsieke waarde
- Informatie is (mede)deelbaar; verliest niet in waarde bij delen.
- Doorgegeven informatie stijgt in waarde naarmate hij meer gedeeld
wordt.
- Materiële waarde: fysiek product zoals een krant.
Kenmerken van nieuwsproducten bepalen de economische
mogelijkheden van die producten.
Mediaproducten: economische kenmerken
Algemeen:
- Niet-rivaliserend: informatie raakt niet op, geen schaarste.
- ‘First copy costs’: kosten eerste exemplaar zijn het hoogte:
investeren van verzamelen van informatie.
- Duaal product: opereren op 2 markten -> publiek (interesseert in
symbolische waarde) en adverteerder (interesseert in de aandacht
van het publiek).
- Ervaring product: naast inhoud ook beleving van belang
Algemene kenmerken toepassen om economisch een product op de markt
te zetten
VB -> relatief nieuw medium gratis dagbladen:
- Inhoud van het nieuws staat los van drager