Verwekkers lagere luchtweginfecties
Typisch versus atypisch
- Atypische bacteriële verwekkers: verwekkers die moeilijk te detecteren
zijn met een grampreparaat, moeilijk te kweken zijn met conventionele
methoden en minder gevoelig zijn voor bèta-lactam antibiotica
- Bacteriële soorten die bij de typische verwekkers horen, zijn onder
andere:
o Pneumokokken (streptococcus pneumoniae)
o Haemophilus influenzae
o Moraxella catarrhalis
o Staphylococcus aureus
o Groep A streptokokken
o Aerobe gram-negatieve bacteriën (bv, Enterobacteriaceae
waaronder Klebsiella of Escherichia coli)
o Microaerofiele bacteriën en anaeroben (geassocieerd met aspiratie)
Streptococcus pneumoniae (pneumokok)
- Streptococcus pneumoniae is een grampositieve, gekapselde diplokok
en een commensaal van de bovenste luchtwegen in mensen
o Meest voorkomende typische verwekker van CAP
- Het belangrijkste antigeen van de pneumokok is het kapsel van
polysacharide
- Kinderen < 5 jaar zijn het voornaamste reservoir van S. pneumoniae
- Diagnostiek: sputum en bloedkweek of pneumokokken
(urine-)antigeentest
- Vaccinatie bij kinderen grote daling van ziekten
Invoering pneumokokkenvaccinatie in RVP afname ernstige
pneumokokkenziekten
Pneumokokkenpneumonie (bacteriële pneumonie) met HIV
- Een van de meest voorkomende opname-indicatie bij patiënten met HIV
- HIV patiënten hebben een sterk verhoogd risico op invasieve
pneumokokkenziekte
Pneumokokkenvaccinatie wordt bij alle mensen met HIV geadviseerd,
vooral na eerdere pneumonie of invasieve pneumokokkeninfectie
Haemophilus influenzae
- Haemophilus influenzae is een pleomorfe gramnegatieve coccobacil
(zeer korte staafvormige bacterie)
- Sommige stammen van H. influenzae zijn net als de pneumokok
gecapsuleerd
- Op basis van het kapselpolysacharide worden 6 serotypen
onderscheiden: a t/m f
- Koloniseert vooral de bovenste luchtwegen, maar kan ook op de
conjunctiva (bindvlies van het oog) en genitaliën voorkomen
, - Bacteriële kweek van H. influenzae van luchtwegmaterialen zoals
sputum en pleuravocht kan verricht worden met verrijkte
voedingsbodems en hoeft doorgaans niet specifiek aangevraagd te worden
- Belangrijke oorzaak van longontsteking bij volwassen (vooral ouderen,
COPD patiënten en mensen met verworven immuundeficiënties)
- Thoraxfoto kan infiltratieve afwijkingen tonen met een vlekkerig of lobair
patroon
Legionella pneumophila
- Legionella spp. zijn gramnegatieve, aerobe, niet-sporevormende,
ongekapselde staafjes
- Kunnen alleen op speciale selectieve media gekweekt worden
- L. pneumophila wordt onderverdeeld in 15 serogroepen (overige, non-
pneumophila)
o Serogroep 1 is de meest frequente verwekker
- Kan klinisch niet onderscheiden worden van een longontsteking
veroorzaakt door andere verwekkers
- Leidt relatief vaak tot ziekenhuisopname en verblijf op IC
- Gaat vaak gepaard met een niet-productieve hoest met pijn op de borst
o Vaak ook neuropsychologische stoornissen: hoofdpijn, lethargie,
verwardheid, soms diarree met misselijkheid en/of braken
Diagnostiek
- Meest gebruikte laboratoriumtest: urine-antigeentest
- Luchtwegmaterialen (sputum en pleuravocht) kunnen gebruikt worden
voor kweek (speciale Legionellakweek, want Legionella groeit niet goed op
conventionele bodems)
o Serotypering van gekweekte stammen kan in het kader van
epidemiologisch onderzoek van belang zijn
Bronnen en besmettingswegen
- Legionellabacteriën komen vrij voor in oppervlaktewater en in de bodem
- Ze kunnen zich vermenigvuldigen tussen 20-45°C bij aanwezigheid van
voedingsstoffen
o Onder de 20°C kan de bacterie overleven maar vermenigvuldigt
niet
o Boven de 50°C kan de legionellabacterie niet overleven
- Risico op besmetting bij contact met wateraerosolen (douches, sauna’s,
koeltorens, enz)
o Bij verdampen van aerosolen kunnen de vrije bacteriën ingeademd
worden
o Andere transmissieroute: aspiratie van drinkwater
- Meldingsplicht: artsen melden patiënten met de diagnose legionella aan
de GGD, die de meldingen anoniem doorgeeft aan het RIVM