Het Dwaallicht
, Gegevens
Rayshen Jangbahadoer 5B
Het dwaallicht
Willem Elsschot
18e druk
Uitgeverij Querido’s, Amsterdam 1989
Samenvatting
De hoofdpersoon van het boek, Frans Laarmans, een Christen, loopt net een winkel uit
wanneer hij drie Afghanen tegenkomt. De drie moslimse mannen laten hem een stuk karton
zien met daarop een naam en een adres: Maria van Dam, Kloosterstraat 15. De drie mannen
vragen Frans de weg. Een andere man bemoeit zich ermee en wilt ze waarschijnlijk naar
goedkope prostituees sturen, maar de Afghanen weigeren. Zij willen alleen naar Maria. Na
een tijdje getwijfeld en nagedacht te hebben over het feit dat het lastig kan zijn om de weg
te vragen in het buitenland, besluit Frans hen te helpen.
Wanneer zij in Kloosterstraat 15 aankomen, blijkt dit een winkel te zijn waar men
vogelkooien kan kopen. Van Maria is geen spoor te vinden. Het slechte weer klaart op en
Ali, de leider van de drie mannen zegt: ‘Stars, good hope.’ Frans Laarmans wilt hen toch
verder te helpen en besluit naar het politiebureau te gaan om het adres van deze Maria van
Dam te vragen. De politie geeft hem twee adressen: Zand 15 en de Lange Ridderstraat 71.
Op beide adressen zouden een Maria te vinden moeten zijn.
Zand 15 blijkt een adres te zijn van een Carlton Hotel, een kroeg. Maria woont hier ook niet.
Het gezelschap besluit wat te drinken: Frans Laarmans neemt een borrel terwijl de drie
Afghanen een glas water bestellen. De vier starten een gesprek over religie, waarin het de
Islam tegen het Christendom is. Frans voelt een grote druk tijdens de discussie: omdat hij
zijn ‘zwartjes’ mag, heeft hij er moeite mee zijn eigen religie te verdedigen. Voordat de
mannen vertrekken, geeft Ali een bosje bloemen aan een vrouw met een baby. Frans brengt
de mannen naar de Werf, waar hij afscheid van hun neemt, na een doos sigaretten
ontvangen te hebben van Ali.
Op zijn weg naar huis gaat Frans nog langs de Lange Ridderstraat 71. Hij denkt bij zichzelf
dat dit de plek moet zijn waar Maria woont. Hij zit te twijfelen of hij zal kloppen, maar hij
besluit en niet te doen en zijn weg naar huis voort te zetten.
, Gegevens
Rayshen Jangbahadoer 5B
Het dwaallicht
Willem Elsschot
18e druk
Uitgeverij Querido’s, Amsterdam 1989
Samenvatting
De hoofdpersoon van het boek, Frans Laarmans, een Christen, loopt net een winkel uit
wanneer hij drie Afghanen tegenkomt. De drie moslimse mannen laten hem een stuk karton
zien met daarop een naam en een adres: Maria van Dam, Kloosterstraat 15. De drie mannen
vragen Frans de weg. Een andere man bemoeit zich ermee en wilt ze waarschijnlijk naar
goedkope prostituees sturen, maar de Afghanen weigeren. Zij willen alleen naar Maria. Na
een tijdje getwijfeld en nagedacht te hebben over het feit dat het lastig kan zijn om de weg
te vragen in het buitenland, besluit Frans hen te helpen.
Wanneer zij in Kloosterstraat 15 aankomen, blijkt dit een winkel te zijn waar men
vogelkooien kan kopen. Van Maria is geen spoor te vinden. Het slechte weer klaart op en
Ali, de leider van de drie mannen zegt: ‘Stars, good hope.’ Frans Laarmans wilt hen toch
verder te helpen en besluit naar het politiebureau te gaan om het adres van deze Maria van
Dam te vragen. De politie geeft hem twee adressen: Zand 15 en de Lange Ridderstraat 71.
Op beide adressen zouden een Maria te vinden moeten zijn.
Zand 15 blijkt een adres te zijn van een Carlton Hotel, een kroeg. Maria woont hier ook niet.
Het gezelschap besluit wat te drinken: Frans Laarmans neemt een borrel terwijl de drie
Afghanen een glas water bestellen. De vier starten een gesprek over religie, waarin het de
Islam tegen het Christendom is. Frans voelt een grote druk tijdens de discussie: omdat hij
zijn ‘zwartjes’ mag, heeft hij er moeite mee zijn eigen religie te verdedigen. Voordat de
mannen vertrekken, geeft Ali een bosje bloemen aan een vrouw met een baby. Frans brengt
de mannen naar de Werf, waar hij afscheid van hun neemt, na een doos sigaretten
ontvangen te hebben van Ali.
Op zijn weg naar huis gaat Frans nog langs de Lange Ridderstraat 71. Hij denkt bij zichzelf
dat dit de plek moet zijn waar Maria woont. Hij zit te twijfelen of hij zal kloppen, maar hij
besluit en niet te doen en zijn weg naar huis voort te zetten.