Minor voeding, hogeschool Utrecht
Boek: Ons Voedsel. Frans M. de Jong (2017).
Koolhydraten Pagina 2-5
- O.a. vezels
Eiwitten Pagina 6-10
- O.a. spieropbouw
Vetten Pagina 11-16
- O.a. cholesterol
In vet oplosbare vitamines Pagina 17-19
In water oplosbare vitamines Pagina 20-24
Mineralen en spoorelementen Pagina 25-31
- O.a. natrium kalium pomp
Water Pagina 32-33
Alcohol Pagina 34-35
Zoetstoffen Pagina 37-38
Spijsvertering Pagina 39-41
Voedingsadvies en Pagina 42-43
welvaartziekten
1
, Koolhydraten
Ons voedsel, hoofdstuk 2
Koolhydraten zijn onmisbare bestandsdelen van een goede voeding
Energievoorziening van het lichaam:
Koolhydraten Snelle energievoorziening. Glucose is direct beschikbaar als brandstof
Vetten Dienen als opslag voor de energievoorraad
Eiwitten Mindere mate van energievoorziening
Koolhydraten (suikers of sachariden genoemd) = koolstof (C) + waterstof (H) + zuurstof (O)
Monosacharide Kleinste/enkelvoudige Glucose - Fruit
n / enkelvoudige koolhydraat keten, de Fructose - Honing
sachariden basis voor alle grotere - Groente
ketens.
Disachariden / Dubbele verbindingen Sacharose (glucose - Zuivel (lactose)koek
tweevoudige van koolhydraat + fructose) (sucrose)
sachariden ketens. Lactose - Gebak (sucrose)
Sucrose - suikerhoudende
dranken (sucrose)
Maltose
Polysachariden / Dit zijn de grotere Zetmeel - Groente (zetmeel)
meervoudige koolhydraat ketens, Amylose - Rijst (voedingsvezels)
sachariden vaak zijn er meer dan Glycogeen - Aardappel (zetmeel,
20 monosachariden (dierlijke zetmeel) voedingsvezels)
- Brood (zetmeel)
aanwezig. Dit aantal Voedingsvezel
- Peulvruchten
kan oplopen tot (cellulose, pectine)
(zetmeel,
duizenden ketens. voedingsvezels )
Polysachariden zijn - Havermout/granen
over het algemeen niet (voedingsvezels)
zoet en moeizamer te - Pasta (amylose)
verteren voor het
lichaam (wel belangrijk
voor de stoelgang).
Monosachariden zijn gelijk opneembaar, de andere disachariden en polysachariden moeten
eerst worden omgezet naar glucose. Vezels (poly) worden onverteerbare koolhydraten
genoemd. Zetmeel (poly) moet ook eerder bewerkt worden (bakken, koken, enzovoort…) om
het te kunnen verteren
Koolhydraten zijn essentiële suikers voor de dagelijkse energiebehoefte. In tijden van
schaarste is het lichaam in staat de kleinste hoeveelheden suikers uit onderdelen van
eiwitten en vetten te halen, helaas is dit niet voldoende voor een dagelijkse basis.
2
, Koolhydraten omgezet naar glucose voor energie voor de cel
- Bij het omzettingsproces komt energie vrij voor de dagelijkse levensbehoefte en er
komt warmte vrij voor de dagelijkse lichaamstempratuur
Het vrijmaken van energie uit glucose
Met zuurstof (aeroob) bij de oxidatie (verbranding) van glucose komt koolzuurgas
en water vrij. Het vrijkomen hiervan zorgt voor energie vorming.
Zonder zuurstof (anaeroob) bij omzetting van glucose zonder zuurstof ontstaat er
melkzuur. Als het lichaam te weinig energie heeft om de energiebehoefte te voldoen
gaat men over op anaerobe omzetting, hierbij komt melkzuur vrij wat men niet snel
genoeg kan afvoeren. Het melkzuur hoopt zich op in de spieren wat men voelt als
een vermoeid gevoel en spierpijn. Bij te veel melkzuur kan de kramp en spierpijn tot
dagen aanhouden.
Koolhydraten en ons lichaam
Bij verbranding van koolhydraten komen er 4 kcal vrij per gram
De maag heeft agressieve zuren waardoor afbraak van koolhydraten niet echt
voorkomt, de afbraak en omzetting vind voornamelijk plaats in de (dunne) darm.
Monosachariden (glucose) kunnen direct gebruikt worden door het lichaam. De
andere monosachariden zoals fructose en galactose dienen eerst omgezet te worden
naar glucose in de lever. Andere vormen van koolhydraten zoals disachariden,
polysachariden worden eerst kleiner gemaakt naar monosachariden in de darmen.
De poortader vervoert uiteindelijk alle koolhydraten naar de lever om af teven in de
bloedbaan.
Teveel aan glucose wordt in de vorm van glycogeen opgeslagen in de lever en
spieren. Uiteindelijk kan een overmatige hoeveelheid glucose zorgen voor omzetting
naar vetopslag waardoor iemand gewichtstoename kan krijgen
o Tekort aan glucose = opgeslagen glycogeen wordt omgezet naar glucose
o Tekort aan glycogeen = teveel glucose wordt omgezet naar glycogeen
o De lever kan 150 gram en de spieren kunnen 150 gram glycogeen opslaan
voordat het overige glucose wordt opgeslagen in de vorm van vetweefsel.
Bij een tekort aan glucose zal het lichaam overgaan op vetverbranding, hier wordt
dan de opgeslagen energie uitgehaald. Men valt af.
Zetmeel kan zonder voorbehandeling (bakken, koken....) ook niet worden
opgenomen door het lichaam. Het kauwen en toevoegen van amylase (vanuit
speeksel) zorgt meteen al voor een kleine afbraak van zetmeel, de langere ketens
worden ingekort.
Koolhydraten komen in de meeste voedingsmiddelen voor met uitzondering van eieren,
vlees, oliën, vetten en vis.
Een koolhydraatrijke maaltijd zorgt voor een vullend gevoel, helaas is dat ook weer snel
verdwenen vanwege de snellere vertering en opname. Verder kan koolhydraatrijke voeding
zorgen voor gasontwikkeling in de darmen, denk aan bonen en erwten.
De hersencellen kunnen alleen werken op glucose. Als men (tijdelijk) een te laag
glucosegehalte heeft kan men concentratieproblemen of duizeligheid ervaren
3