ondernemingsrecht
Geen literatuur beschikbaar
College 2. Personenvennootschappen
Sangen – Aansprakelijkheid, draagplicht en verhaal bij
personenvennootschappen
1. Personenvennootschappen en aansprakelijkheid
- De maatschap, vennootschap onder firma (vof) en commanditaire
vennootschap (cv) spelen een grote rol in het Nederlandse
ondernemingsrecht.
- De bestaande regeling (uit 1838) is verouderd en biedt onvoldoende
rechtszekerheid.
- Het ingetrokken wetsvoorstel uit 2011 introduceerde een te zware
hoofdelijke aansprakelijkheid voor vennoten in de maatschap, wat
problematisch was.
2. Voorstel titel 7.13: introductie rechtspersoonlijkheid
- De ingeschreven maatschap, vof en cv verkrijgen rechtspersoonlijkheid,
maar dit verandert niets aan de aansprakelijkheidsregels.
- Rechtspersoonlijkheid verbetert wel de rechtszekerheid en maakt verhaal
door crediteuren eenvoudiger.
- Niet-ingeschreven openbare vennootschappen behouden een aparte status
met een ‘gebonden gemeenschap’ en een ‘afgescheiden vermogen’.
3. Aansprakelijkheid en draagplicht
- Vof en cv: Vennoten zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden van de
vennootschap, tenzij anders overeengekomen.
- Maatschap: Aansprakelijkheid is in beginsel naar evenredigheid van de
aandeelhouders, behalve bij ondeelbare prestaties.
- Toetredende vennoten: In tegenstelling tot de huidige rechtspraak, zijn
toetredende vennoten niet aansprakelijk voor schulden van vóór hun
toetreding, tenzij de schuld pas opeisbaar wordt na toetreding.
- Uittredende vennoten: Zij blijven maximaal vijf jaar aansprakelijk voor
bestaande verplichtingen, tenzij de schulden na uittreding ontstaan.
4. Aansprakelijkheid bij beroepsfouten
- Het voorstel introduceert een uitzondering voor beroepsfouten binnen
maatschappen.
- Alleen de vennoot die de opdracht uitvoert, is aansprakelijk voor
beroepsfouten, niet de andere vennoten.
, - Dit wijkt af van het huidige recht, waarin alle vennoten mogelijk
aansprakelijk kunnen zijn (HR Biek Holdings-arrest).
- De maatschap blijft wel als geheel verhaalbaar voor schulden uit
beroepsfouten.
5. Gevolgen voor crediteuren en faillissement
- Crediteuren kunnen zich verhalen op het vermogen van de vennootschap.
- Faillissement van de vennootschap leidt niet automatisch tot faillissement
van de vennoten.
- Bij faillissement hoeven vennoten het tekort niet aan te zuiveren, tenzij
contractueel anders bepaald.
Conclusie
Het Voorstel titel 7.13 brengt verbeteringen aan in de regeling voor
personenvennootschappen, met name op het gebied van aansprakelijkheid van
toetredende en uittredende vennoten en de beperking van aansprakelijkheid voor
beroepsfouten. De balans tussen crediteurenbescherming en werkbaarheid voor
ondernemers is verbeterd. Toch blijven sommige oude rechtsfiguren, zoals de
‘gebonden gemeenschap’, deels behouden.
College 3. Persoonsgebonden samenwerking
Sangen – Flex-BV
1. Achtergrond van de Wet Flex-BV
- De herziening van het BV-recht werd in gang gezet in 2004 en kwam voort uit
de behoefte aan meer flexibiliteit en minder administratieve lasten.
- Het BV-recht is verder aangepast door de Wet Bestuur en Toezicht (2013) en de
Wet Herziening Enquêterecht.
- Internationale concurrentie en de opkomst van buitenlandse
vennootschapsvormen (zoals de Engelse Limited) speelden een rol bij de
wetgeving.
- De hervorming was geen fundamentele herziening van ondernemingsvormen,
maar een reactie op externe factoren.
2. Belangrijkste wijzigingen door de Wet Flex-BV
Afschaffing kapitaalbeschermingseisen
- Geen minimumkapitaal meer nodig (€1 is voldoende om een BV op te richten).
- Afschaffing van verplichte bank- en accountantsverklaringen bij oprichting.
- Bestuurdersaansprakelijkheid bij oprichting is beperkt tot het niet inschrijven in
het handelsregister.