week 1
Juridische definitie van een staat:
- Er is sprake van een bevolking,
- een territorium,
- een overheid die effectief gezag uitoefent,
- een overheid die betrekkingen kan onderhouden met andere staten.
Een staat hoeft niet erkend te worden, maar moet dus wel kunnen samenwerken met andere staten.
Macht: de mogelijkheid om anderen te dwingen.
Effectief gezag: gezag is gelegitimeerde macht macht die we accepteren. Gezag wordt verkregen
via een bepaalde procedure, bijvoorbeeld het koningshuis. Macht is gelegitimeerd
als zij door burgers wordt geaccepteerd: door traditie, charisma en ‘het werkt’ (het
heeft zin en beschermt onze vrijheid. En wat beschermt onze vrijheid rechtsstaat
en democratie. Rechtsstaat en democratie legitimeert dus de macht.
De rechtsstaat in vogelvlucht:
- Machtenscheiding en machtenspreiding trias politica
- Legaliteit overal moet een wettelijke grondslag voor zijn en moet daar ook naar handelen.
- Grondrechten rechten jegens de overheid
- Rechtsbescherming bij een onafhankelijke rechter
De constitutie:
- Er is een verschil tussen de constitutie en the Constitution. Is het met een hoofdletter, spreek
je van de Grondwet.
Bij de Nederlandse constitutie gaat het om:
- de grondwet basisdocument voor de overheid, regels over de organisatie van de
Nederlandse Staat, erfopvolging en natuurlijk de grondrechten.
- het Statuut van het Koninkrijk der Nederlanden Nederland en het Koninkrijk der
Nederlanden (BES-eilanden), hierin staan de organisatieregels van het Koninkrijk.
- Internationaal en Europees recht mensenrechtenverdragen en recht van de EU
- organieke wetten Gemeentewet, Provinciewet, Waterschapswet etc. Organieke wetten
zijn wetten waarin de Grondwet opdracht toe geeft.
- ongeschreven recht en conventies vertrouwensregel, politieke conventies: ze moeten zich
er aan houden maar zijn minder hard.
, Aantekeningen kennis- en informatieclips,
week 2
Definitie Democratie:
‘Government of the people (volkssoevereiniteit), by the people (het volk kiest het bestuur), for the
people (in het belang voor de burger)’.
Wetenschappelijke definitie:
De bevolking (demos) oefent beslissende invloed uit op de regering van het land:
- door verkiezing van die regering;
- en/of van een vertegenwoordigend orgaan (parlement)
- of door direct zelf beslissingen te nemen.
Waarom democratie?
- De democratie is niet het slimste idee bij een snelle besluitvorming of bij een crisis. De
democratie eist dat we er rustig over denken, praten en stemmen. Democratie hebben we
omdat het de uitdrukking is van dat we allemaal gelijkwaardig zijn. Democratie gaat boven
het recht uit.
- Democratie is een praktische beslisregel. Dit betekent niet dat de meerderheid ook gelijk
heeft, maar dat ze mentaal het sterkst zijn.
- De rechtsstaat is vooral belangrijk in de pragmatische visie op de democratie.
Directe democratie (Zwitserland):
- Volksvergaderingen;
- Referendum;
- Burgerinitiatief.
Representatieve democratie:
- Volksvertegenwoordiging;
- Parlement.
1. Staatsrechtelijke begrippen
Regering (uitvoerende macht en wetgevende macht):
De Koning en ministers vormen de regering (art. 42 Gw) de Kroon
In theorie behoren de staatssecretarissen ook tot de regering, ook al staat dat niet in de Grondwet.
Ministerraad (uitvoerende macht):
Alleen de ministers (art. 45 Gw) die wekelijks vergaderen.
Kabinet (uitvoerende macht):
Ministers en secretarissen minister en staatssecretaris vormen de top van het ministerie.
Je hebt ministers van bijv. infrastructuur en waterstaat en je hebt ministers voor bijv. medische zorg.
Die laatste zijn ministers zonder portefeuille.
Parlement/Staten-Generaal (wetgevende macht):