relatie tussen de edentate kaken:
Materiaal & Tandtechniek 2 - Tandprothetiek Leerjaar 2024-2025
Gemaakt door: Stefan Tijssen
Opleiding: Tandprothetiek
Cursusperiode: Blok C
Naam Cursus: Materiaal & Tandtechniek 2
Leerjaar: 2024-2025
Type bestand: Oefentoets
Welkom bij het naslagwerk van de cursus Materiaal & Tandtechniek 2. Hierin staan
meerkeuzevragen over H8 van het boek van kalk. De vragen zijn getracht te formuleren op
HBO-niveau. Alle rechten van afbeeldingen en dergelijke literatuur zijn niet van mij en gaan
naar de originele auteur.
“© 2001 Prof. dr. W. Kalk, Prof. dr. M.A.J. van Waas, Dr. J.H. van Os, Drs. N. Postema en
Bohn Stafleu Van Loghum Houten. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag
worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar
gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën,
opnamen, of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de
uitgever”. (kalk; et al, 2001)
Let op! Het kan zijn dat bepaalde onderdelen niet zijn gemaakt of zijn overgeslagen. Dit is
gemaakt binnen het tijdsbestek van 10 weken. Gebruik het als naslagwerk tijdens het
studeren. Veel succes met leren!
Bij het behalen van meer dan 40 correcte vragen, kan worden gesteld dat je de kennis goed
beheerst over Hoofdstuk 8.
De gebruikte bronnen voor deze oefentoets zijn:
Aarab, G., Wetselaar, P., & Lobbezoo, F. (2015). Begrippen en definities. In F. Lobbezoo, &
C. de Baat (Eds.), Occlusie en articulatie: wetenschappelijk bewijs en klinisch handelen (pp.
48-61). Prelum. http://www.prelum.nl/product/occlusie-en-articulatie
Kalk, W., van Waas, M. A. J., van Os, J. H., & Postema, N. (2001). De volledige
gebitsprothese in woord en beeld. Uitgangspunten voor diagnostiek en behandeling van de
edentate patiënt. Bohn Stafleu Van Loghum.
,Oefentoets H8 - Registratie van de relatie tussen de edentate kaken:
Vraag 1 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 1 - Inleiding):
“Het registreren en vastleggen van de relatie tussen de edentate onder- en bovenkaak is
een lastig onderdeel van de vervaardiging van een volledige gebitsprothese”. Welk antwoord
geeft de definitie voor de term “beetregistratie”?
A. De registratie of vastlegging van een bepaalde stand van de mandibula ten opzichte
van de schedel.
B. De registratie of vastlegging van een bepaalde stand van de maxilla ten opzichte van
de schedel.
C. De occlusiepositie van de mandibula ten opzichte van de maxilla in de centrale
relatie.
D. Gelaatshoogte die wordt bepaald door de maximale occlusie.
Vraag 2 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 2 - De beweging van de mandibula):
“De juiste plaats van de mandibula ten opzichte van de schedel wordt in 2 fasen
vastgelegd”. Wat wordt vastgelegd in de eerste fase?
A. (Beethoogte) Bepaling van de horizontale relatie; (Vastleggen juiste horizontale
afstand)
B. Bepaling van de centrale relatie; (De stand van de bovenkaak in zowel transversale
als sagittale zin vastgelegd t.o.v. de onderkaak).
C. (Beethoogte) Bepaling van de verticale relatie; (Vastleggen juiste verticale afstand)
D. Bepaling van de centrale relatie; (De stand van de onderkaak in zowel transversale
als sagittale zin vastgelegd t.o.v. de bovenkaak).
E. De registratie of vastlegging van een bepaalde stand van de mandibula ten opzichte
van de schedel.
Vraag 3 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 2 - De beweging van de mandibula):
“De juiste plaats van de mandibula ten opzichte van de schedel wordt in 2 fasen
vastgelegd”. Wat wordt vastgelegd in de tweede fase?
A. (Beethoogte) Bepaling van de horizontale relatie; (Vastleggen juiste horizontale
afstand)
B. Bepaling van de centrale relatie; (De stand van de bovenkaak in zowel transversale
als sagittale zin vastgelegd t.o.v. de onderkaak).
C. (Beethoogte) Bepaling van de verticale relatie; (Vastleggen juiste verticale afstand)
D. Bepaling van de centrale relatie; (De stand van de onderkaak in zowel transversale
als sagittale zin vastgelegd t.o.v. de bovenkaak).
E. De registratie of vastlegging van een bepaalde stand van de mandibula ten opzichte
van de schedel.
Vraag 4 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 2 - De beweging van de mandibula):
Wat is de juiste definitie van de hoek van Bennett?
A. Verwijst naar het pad dat de gewrichtsknobbel van de onderkaak (de condylus) volgt
tijdens bewegingen in het kaakgewricht.
, B. De hoek die wordt bepaald door het bovenste punt van de buitenste gehoorgang
beiderzijds en het laagste punt van de linker orbita.
C. De hoek die de baan van het caput mandibulae aan de niet-werkende zijde maakt
met het sagittale vlak bij laterotrusie.
D. De figuur die wordt gevormd door de grensbewegingen van het incisiefpunt in het
sagittale vlak.
Vraag 5 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 2 - De beweging van de mandibula):
Wat is de juiste definitie van het Frankfurter vlak?
A. Verwijst naar het pad dat de gewrichtsknobbel van de onderkaak (de condylus) volgt
tijdens bewegingen in het kaakgewricht.
B. Het vlak dat wordt bepaald door het bovenste punt van de buitenste gehoorgang
beiderzijds en het laagste punt van de linker orbita.
C. De hoek die de baan van het caput mandibulae aan de niet-werkende zijde maakt
met het sagittale vlak bij laterotrusie.
D. De figuur die wordt gevormd door de grensbewegingen van het incisiefpunt in het
sagittale vlak.
Vraag 6 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 2 - De beweging van de mandibula):
Wat is de juiste definitie van de condylusbaan?
A. Verwijst naar het pad dat de gewrichtsknobbel van de onderkaak (de condylus) volgt
tijdens bewegingen in het kaakgewricht.
B. De hoek die wordt bepaald door het bovenste punt van de buitenste gehoorgang
beiderzijds en het laagste punt van de linker orbita.
C. De hoek die de baan van het caput mandibulae aan de niet-werkende zijde maakt
met het sagittale vlak bij laterotrusie.
D. De figuur die wordt gevormd door de grensbewegingen van het incisiefpunt in het
sagittale vlak.
Vraag 7 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 2 - De beweging van de mandibula):
“De centrale relatie is een reproduceerbaar punt van waaruit nog laterale bewegingen
mogelijk zijn”. Is deze uitspraak waar of niet waar?
A. Waar
B. Niet waar
Vraag 8 (Hoofdstuk 8; Paragraaf 2 - De beweging van de mandibula):
Wat is de juiste definitie voor de centrale relatie?
A. De positie van de mandibula die zich bevindt op de habituele sluitingsbaan en die
wordt ingenomen als de tot het orofaciale systeem behorende spieren op
comfortabele wijze ontspannen zijn en het hoofd zich bevindt in het Frankfurter vlak
B. De relatie van de mandibula ten opzichte van de schedel waarvan het Frankfurter
vlak horizontaal verloopt, waarbij het caput mandibulae zich beiderzijds in de
ongedwongen, meest dorsale stand in de fossa articularis bevindt.