De doelen van het strafrecht:
- Vergelding: lijden voor hetgeen wat je hebt gedaan. Door leedtoevoeging
- Generale preventie: voorkomen dat andere een dergelijk strafbaar feit plegen
- Speciale preventie: recidive voorkomen
Structuur van het strafrecht
- Materieel: Wat is een strafbaar feit?
- Formeel: welke regels zijn van toepassing? wanneer is er sprake van een strafbaar
feit?
- Sanctierecht: voorwaarden voor het opleggen van een straf.
Het materieel strafrecht bepaalt welk gedrag niet is toegestaan en welke personen daarvoor
kunnen worden gestraft.
- Wetboek van strafrecht
- Drie boeken
- 1. Algemene bepalingen
- 2. Misdrijven
- 3. Overtredingen.
Het formele strafrecht bepaalt welke regels moeten worden gevolgd wanneer een norm van
het materiële strafrecht (vermoedelijk) is overtreden. Wetboek van strafvordering.
Het legaliteitsbeginsel
→ Geen feit is strafbaar dan op de grond van een daaraan voorafgaande
wettelijke strafbepaling.
De deelbeginselen van het legaliteitsbeginsel:
- Bepaling moet duidelijk zijn. (ex certa) Welk specifiek gedrag onder welke
voorwaarden strafbaar.
- Verbod van terugwerkende kracht (nulla poena) Kan niet worden gestraft voor
gedragingen die ten tijde van het begaan niet strafbaar was.
- Verbod op gewoonterecht (lex scripta) De bepaling moet opgeschreven zijn.
- Verbod van analogie.
De vier interpretatiemethoden.
1. Wetshistorische methode: waar is de wet voor gemaakt → memorie van
toelichting
2. Grammaticale interpretatie: Wat staat letterlijk in de wet
3. Systematische interpretatie
4. Teleologische interpretatie: Wat is het doel van de wetgever
Het verbod op de analogische interpretatie.
- De rechter mag strafbepalingen niet analogisch interpreteren.
- Verbod op analogie: verbod aan de strafrechter opgelegd, om feiten die niet zwart op
wit strafbaar zijn gesteld, toch onder een strafbaar feit te brengen.
- Elektriciteitsarrest: Het aanmerken van het aftappen van elektriciteit als het
, wegnemen van van een goed ex 310 Sr is geen analogische interpretatie.
Soorten delicten
Misdrijven vs overtredingen
- Misdrijven: Delicten die indruisen tegen fundamentele normen en waarden in de
maatschappij bijv. moord, diefstal, verkrachting. Over het algemeen ernstige feiten.
- Overtredingen: Delicten, gedragingen die strafbaar zijn gesteld om de maatschappij
te ordenen en niet zo zeer om de fundamentele normen en waarden schenden.
Belang van het onderscheidt tussen deze twee:
- Procesrechtelijke: welke rechter is bevoegd?
- Materieelrechtelijk: poging/ medeplichtig strafbaar? bij misdrijven wel en
overtredingen niet.
- Nij vervolgen van een misdrijf zijn andere en verdergaande
opsporingsbevoegdheden van toepassing die ingrijpend kunnen zijn voor de
verdachte.
Commissie vs Omissie.
- Commissie: delicten die doen, een handelen strafbaar stellen
- Omissie: Delicten door nalaten. bv 450 Sr.
Materieel vs Formeel
- Formeel: staan in de wet omschreven als een handeling, dus een specifiek
omschreven activiteit.
- Materieel: Niet de handeling is strafbaar, maar het veroorzaken van het gevolg.
Gekwalificeerde vs geprivilegieerde
- Gekwalificeerd: delict met straf bezwarend bestanddeel.
- Geprivilegieerd: delict me een strafverlichtend bestanddeel.
Het ‘vierlagenmodel’
- Menselijke gedragingen
- Handelen of nalaten van de mens
- Zekere mate van van wils gestuurd handelen
- Delictsomschrijving
- Gedragingen zijn pas strafbaar als zij in strafwetten te vinden zijn
- De feitelijke gedragingen moeten een juridische duiding hebben
- Wederrechtelijk
- In strijd met het recht
- De gedraging moet in strijd zijn met het recht
- Beperkingen → rechtvaardigingsgronden
- Verwijtbaarheid
- Niemand mag gestraft worden zonder (een bepaalde mate) van schuld.
- Schuld = verwijtbaarheid
- Wegnemen van schuld → schulduitsluitingsgronden.
Vormen van schuld
, - Schuld als bestanddeel (culpa zoals in do)
- Schuld als element (verwijtbaarheid)
Opzet
- Opzet met bedoeling: enige doel of streven is het verrichten van de strafbare
handeling
- Voorwaardelijke opzet: je neemt de aanmerkelijke kans voor lief dat door een
gedraging ook een ander gevolg in zal treden, dan het beoogde gevolg.