L1 Verbintenissen uit de wet: inleiding en samenloop
Studieboek
T. Hartlief e.a., Verbintenissen uit de wet en Schadevergoeding, Deventer: Wolters Kluwer
2024, nrs. 1-12.
Aanvullende verplichte literatuur
F. Ruitenbeek-Bart, En de veroorzaker dan? Een empirisch-juridisch onderzoek naar de
plaats van de veroorzaker in de civiele letselschadepraktijk (dissertatie Rotterdam), Den
Haag: Boomjuridisch 2023, par. 2.1.2. Hier te raadplegen.
De plaats van het aansprakelijkheidsrecht in het verbintenissenrecht
1 Verbintenissen uit de wet en schadevergoeding
Deze cursus richt zich op buitencontractuele aansprakelijkheid (het delictuele
aansprakelijkheidsrecht). Dit worden verbintenissen uit de wet genoemd. Bij niet
nakoming van een verbintenis uit een overeenkomst, spreken we van contractuele
aansprakelijkheid (6:74 BW). Deze cursus behandelt met behulp van het leerboek
achtereenvolgens:
Hoofdstuk 1: Algemene inleiding
Hoofdstuk 2: Aansprakelijkheid voor eigen gedrag: De onrechtmatige daad
Hoofdstuk 3: Kwalitatieve aansprakelijkheden: personen, zaken en stoffen
Hoofdstuk 4: Productaansprakelijkheid
Hoofdstuk 5: Aansprakelijkheid voor motorrijtuigen
Hoofdstuk 6: Oneerlijke handelspraktijken, misleidende reclame, elektronisch
rechtsverkeer en mededingingsrecht
Hoofdstuk 7: De onrechtmatige overheidsdaad
Hoofdstuk 8: Aansprakelijkheid voor bedrijfsongevallen en beroepsziekten
Hoofdstuk 9: Schadevergoedingsrecht
Hoofdstuk 10: De tijdelijke regeling verhaalrechten
Hoofdstuk 11: Zaakwaarneming
Hoofdstuk 12: Onverschuldigde betaling
Hoofdstuk 13: Ongerechtvaardigde verrijking
Hoofdstuk 14: Op onrechtmatige daad gebaseerde collectieve acties
Hoofdstuk 15: Verjaring
3 Plaats van verbintenissen uit de wet, in de wet
De artikelen 6:74 (wanprestatie) BW en 6:162 (onrechtmatige daad) BW zijn voorbeelden
verbintenissen uit de wet. Voor verbintenissen uit de wet gelden in ieder geval de
artikelen 6:1 BW tot en met 161 BW.
Artikel 6:74 BW e.v. omvat de verbintenis tot schadenvergoeding bij niet-nakoming van
de verbintenis. Dit wordt ook wel de wanprestatie genoemd.
Titel 6.3. Onrechtmatige daad
1. De eerste afdeling van 6.3 bevat algemene bepalingen over aansprakelijkheid
voor eigen onrechtmatig handelen.
2. De tweede afdeling van 6.3 bevat kwalitatieve aansprakelijkheid voor personen en
zaken.
3. De derde afdeling van 6.3 regelt een bijzondere kwalitatieve aansprakelijkheid. Die
van de producent bij gebrekkige producten.
3a. De afdeling 3A is gewijd aan een bijzondere vorm van onrechtmatig handelen:
oneerlijke handelspraktijken
4. De vierde afdeling is gewijd aan misleidende en vergelijkende reclame.
4a. Bevat een regeling van de aansprakelijkheid bij informatiediensten.
, 5. De vijfde afdeling bevat regels die verhaalsmogelijkheden van particulier en
sociale verhaalnemers beperken
Titel 6.4.
Bevat de overige verbintenissen uit de wet, namelijk andere verbintenissen dan uit een
overeenkomst of onrechtmatige daad. Verbintenissen die strekken tot schadevergoeding,
kunnen ook hun bron hebben in andere wetten dan het BW. Denk hierbij bijvoorbeeld aan
de Wegenverkeerswet.
5 Rechtvaardiging voor het ontstaan van verbintenissen
Omdat alle verbintenissen ontstaan uit artikel 6:1 is er sprake van een gesloten stelsel
van verbintenissen. Denk aan verbintenissen uit niet-nakoming, uit overeenkomst en uit
onrechtmatige daad. De aansprakelijkheid ontstaat dan uit het rechtsbeginsel dat iemand
geen schade mag toebrengen aan een ander of een ander zijn zaken.
Ontstaat er wel schade door een ander? Dan wordt er gebruik gemaakt van:
- rechtsbeginselen als het profijtbeginsel; wie het meeste profijt heeft van de
verbintenis, draagt in sommige gevallen een hoger risico.
- de gevaartheorie; voorzorgsmaatregelen, eigen schuld
- wie de schade het beste kan dragen vanwege verzekering.
8 Onderscheid en samenhang met het strafrecht
Civiel aansprakelijkheidsrecht regelt schadeherstel naar de oorspronkelijke toestand.
Strafrecht regelt de publiekrechtelijke reactie op strafrechtelijk handelen, door de dader
te bestraffen en preventieve maatregelen toe te passen ter voorkoming van herhaling of
navolging. In het strafrecht geldt het legaliteitsbeginsel van artikel 1 Sr, terwijl men in het
aansprakelijkheidsrecht ook aansprakelijk kan zijn op grond van het ongeschreven recht.
De overeenkomst tussen de rechtsgebieden is dat strafbaar handelen in beginsel ook
onrechtmatig is en tot schadevergoeding kan leiden. De staat garandeert bovendien zelfs
in zekere mate de betaling van strafrechtelijke schade.
Naast de omvang van de schade kan de normschending ook een rol spelen bij het
bepalen van een schadevergoeding uit privaatrechtelijke rechtsverhoudingen,
bijvoorbeeld als de aard van de aansprakelijkheid hierbij een rol speelt, zoals bij
opzettelijke vernieling.
9 Aansprakelijkheid en verzekering
First-party verzekeraars verzekeren de schade waarvoor benadeelde zichzelf heeft
verzekerd, zoals ziektekosten - artikel 7:925 BW
Verzekeren tegen de financiële gevolgen van aansprakelijkheid jegens derden kan via
third-party verzekeringen. In dat geval worden de financiële gevolgen van het feit dat
men door een derde aansprakelijk wordt gesteld, onder in de polis omschreven
voorwaarden gedekt door de aansprakelijkheidsverzekeraar. Dit leidt ertoe dat derden
zich direct tot de verzekeraar van de aansprakelijke kunnen wenden voor het verhalen
van schade – artikel 7:954 BW.
De combinatie van aansprakelijkheidsverzekeringen en first-partyverzekeringen, leiden
vaak tot het ontstaan van een regresrecht ten behoeve van de verzekeraar of
uitkeringsinstantie. Een regresrecht is het uit handen geven van het verhalen van de
schade door dit uit handen te geven aan de verzekeraar.
Er vindt daarmee een wisselwerking plaats tussen de schade die de benadeelde heeft
geleden, de aansprakelijkheidsverzekeraars, de first-party verzekeraars en de
schadeveroorzakende partij.
10 Maatschappelijke en juridische ontwikkeling
Maatschappelijke opvattingen en opvattingen over het recht kunnen tot juridische
ontwikkelingen leiden. Bijvoorbeeld de invoering van de bewijspositie van artikel 6:177a
,BW, naar aanleiding van de gaswinning in Groningen of de opvatting over smartengeld.
Ook de rechter kan door jurisprudentie regels stellen.
Wel is het zo dat aansprakelijkheid volgens rechtspraak wordt beoordeeld aan de hand
van de normen die golden op het moment van handelen of nalaten.
11 Europeanisering
Europese wetgeving uniformeert de aansprakelijkheidswetgeving. Dit geeft richting aan
nationale normen door middel van richtlijnen, zoals de consumentenrichtlijn.
12 Rechtsvergelijking
Nederlandse buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht vindt zijn oorsprong in allerlei
verschillende rechten, zoals Duits, Frans en Engels. Het Engelse ‘commonlawstelsel’ komt
er ook in terug. Het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht is niet alleen te vergelijken met
buitenlandse stelsels, maar ook vergelijkbaar met Nederlands recht zoals bestuurs- en
strafrecht. Dit is het onderscheidt tussen de interne en externe
rechtsvergelijking.
Het onderscheid tussen contractueel- en buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht
‘Uit vaste rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat de benadeelde zijn vordering zowel op
wanprestatie als op onrechtmatige daad mag baseren (hij mag dus kiezen) wanneer de
gedraging ook onafhankelijk van de contractuele verhouding als (zelfstandige)
onrechtmatige daad is te kwalificeren.’
4 Samenloop wanprestatie en onrechtmatige daad
Verbintenissen ontstaan:
1. Ten eerste uit de primaire verplichtingen van een overeenkomst.
2. Ten tweede ontstaan verbintenissen uit de wet, als er sprake is van een
wanprestatie of een onrechtmatige daad.
Onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking kunnen
samenlopen met een onrechtmatige daad, als aan diens wettelijke vereisten is
voldaan.
Uit 6:74 en 6:119 blijkt samen dat het niet nakomen van schade uit een onrechtmatige
daad een wanprestatie oplevert. Er is dan dus sprake van samenloop van;
- het niet betalen van de schade uit onrechtmatige daad;
- en de wettelijke rente die daaruit voortvloeit.
Doelen en functies van het aansprakelijkheidsrecht
6 Vertrekpunt: ieder draagt zijn eigen schade – waar kan afwenteling van schade
De aansprakelijkheid kan worden onderverdeeld in de vestiging van de aansprakelijkheid
en de omvang van de aansprakelijkheid (artikel 6:95 BW).
Eenieder draagt in beginsel zijn eigen schade (en verzekert zich daarvoor door
bijvoorbeeld via een zorgverzekering, inboedelverzekering en
arbeidsongeschiktheidsverzekering).
Buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht kent hier uitzonderingen op. Wanneer iemand
anders op grond van een verbintenis uit de wet verantwoordelijk kan worden gehouden
voor de schade, kan de schade op hem worden afgewenteld. Dit kent hoge drempels,
, zoals een aansprakelijkheidsgrond, een aansprakelijke partij, bewijs van
aansprakelijkheid, causaal verband ect.
Na het vestigen van de aansprakelijkheid moet er bewezen worden dat er schade is
geleden als gevolg van de gebeurtenis waarop de aansprakelijkheid is gevestigd, het
causale verband.
7 Doelen van het aansprakelijkheidsrecht
Aansprakelijkheidsrecht heeft als hoofddoel aanspraken vast te stellen en te handhaven
door te bepalen wie onder welke voorwaarden aansprakelijk kan worden gehouden voor
schade (passieve zijde van de verbintenis, aanspraken vaststellen) en wie welke
aanspraken geldend kan maken (actieve zijde van de verbintenis die samenvalt met een
subjectief recht, zoals eigendomsrecht, aanspraken handhaven).
Aansprakelijkheid bepaald welk gedrag wel of niet geoorloofd is, ‘het gedragsrecht’.
Aansprakelijkheidsrecht heeft ook een instrumentele functie doordat het bijdraagt aan
regulering van gedrag of het reguleren van kosten van gedrag. Er vindt een afweging
plaats tussen welke schade, in welke mate, wanneer, voor rekening komt van de
benadeelde, dan wel de schadeveroorzakende partij, de afwenteling.
Het aansprakelijkheidsrecht heeft ook 4 subdoelen: compensatie van schade, preventie van normschending,
erkenning van emotioneel leed in de vorm van genoegdoening, en distributie van risico's. In hoeverre het die
doelen bereikt, verschilt per geval.
Aanvullende literatuur leereenheid 1
2.1.2: Enkele opmerkingen over doelen en functies van het aansprakelijkheidsrecht
2.1.2.1 Handhaving van rechten en belangen
De hoofddoelstelling van het aansprakelijkheidsrecht is het geldend maken van
het recht waarop men aanspraak heeft. Dit doel hangt dus samen met
rechtshandhaving.
Het aansprakelijkheidsrecht bepaalt welke rechten en belangen bescherming genieten,
hoe ver deze bescherming reikt, en hoe schendingen moeten worden hersteld. Het zoekt
een balans tussen het principe dat iedereen zijn eigen schade draagt en het principe dat
men geen schade aan anderen mag toebrengen. In deze context vervult het
aansprakelijkheidsrecht een sturende, beschermende en herstellende rol, waarbij de
bescherming van rechten en belangen wordt afgewogen tegen de vrijheid van handelen.
Het aansprakelijkheidsrecht draagt bij aan de verwezenlijking van verschillende functies,
zoals:
Preventie: Voorkomen van schade en beschermen van slachtoffers.
Compensatie: Vergoeding van schade aan slachtoffers.
Genoegdoening: Morele of immateriële erkenning van het aangedane leed.
Andere functies, zoals slachtofferbescherming en kostenallocatie, zijn varianten of
combinaties van deze drie hoofdfuncties.
Het civiele aansprakelijkheidsrecht wordt voornamelijk beheerst door twee
rechtvaardigheidstheorieën:
corrigerende/vereffenende rechtvaardigheid
en distributieve /verdelende rechtvaardigheid.
Corrigerende/vereffende rechtvaardigheid - Schadeherstel
Dit houdt in dat een onrechtmatige verstoring van het evenwicht tussen slachtoffer en
normschender herstel van dit evenwicht wordt nagestreefd. Dit gebeurt door de
veroorzaker te verplichten tot schadevergoeding aan het slachtoffer, waarbij een
evenwicht wordt gezocht tussen de daad en de remedie, en tussen dader en slachtoffer.