Agressie: Het doet mij (n)iets?
Auteur: Gerard de Bruin
Hf 2: Grensoverschrijdend gedrag en agressie
Agressie is afkomstig van aggressus, wat ‘ergens gericht op afgegaan’ betekent.
Agressie = elk verbaal, non-verbaal of fysiek gedrag dat dreigend is of daadwerkelijk fysieke of psychische
schade aanricht aan de cliënt zelf, anderen of objecten.
Agressie bestaat uit 3 elementen:
1) Gedrag = verbaal, non-verbaal als fysiek gedrag.
2) Effect van het gedrag = er moet een zekere dreiging van het gedrag uitgaan. Het gedrag moet je
het gevoel geven dat de ander niet veel goeds in de zin heeft, dat het vervelende gevolgen kan
hebben.
- Fysieke schade: iets of iemand wordt letterlijk beschadigd of vernield.
- Psychische schade: (blijvende) gevoelens van angst, stress, onveiligheid etc.
3) Gerichtheid van het gedrag = op zichzelf, anderen of objecten.
Positieve agressie is een middel om je doel te bereiken. Dit houdt in op je doel afgaan, daarvoor hard
werken en strijden.
Destructieve agressie is agressie waarbij anderen mentaal of fysiek beschadigd worden (zowel bewust als
onbewust).
Soorten agressie:
Frustratie-agressie is een uiting (een reactie) op innerlijke frustratie. Bij deze uiting gaat het om het
ventileren van emoties. Het is de druppel die de emmer doet overlopen, de controle over de
emoties is weg. Het kenmerk van deze vorm van agressie is dat het ongecontroleerd en zeer heftig
kan zijn.
Instrumentele agressie: Hierbij wordt agressief gedrag ingezet om een gewenst doel/belang te
realiseren. Er is een uitstekende controle over de emoties, deze worden heel doelbewust ingezet.
Het agressieve gedrag wordt als instrument gebruikt.
Willekeurige agressie = Agressie onder invloed van alcohol/drugs/medicijnen. Door het gebruik van
deze verdovende, stimulerende of bewustzijnsveranderende middelen kan het voorkomen dat
mensen ineens niet meer voor rede vatbaar zijn en agressief gedrag vertonen. Door al deze
middelen kan de gebruiker de controle over zichzelf kwijtraken. Paniek kan plotseling omslaan in
een aanval van blinde woede. Bij psychotische mensen, mensen die hallucineren of ziekelijke
waandenkbeelden hebben, is er ook vaak angst in het spel. Deze mensen kunnen iedereen
wantrouwen en zijn dan dus eigenlijk alleen agressief uit zelfbescherming.
Grensoverschrijdend gedrag = het overschrijden van algemeen geldende of persoonlijke fatsoensnormen.
Het veroorzaakt een ongemakkelijk gevoel (geen vorm van dreiging of geweld).
Hf 3: Herkennen van gedrag en inschatten van situaties
Emotieballon = praktisch hulpmiddel om gedrag en situaties snel te kunnen herkennen en in te schatten.
Z-gedrag (Zichzelf) = op zichzelf gericht gedrag, bijv. klagen en zeuren over persoonlijke ellende,
zichzelf de schuld geven, de nadruk ligt op ‘ik’.
O-gedrag (Organisatie) = op de organisatie of objecten van de organisatie gericht gedrag. De
schuld wordt gelegd bij de ander, met de nadruk op ‘jullie’.
P-gedrag (Persoon) = op een ander persoon gericht gedrag. De schuld wordt bij een persoon
gelegd, met de nadruk op ‘jij’.
► De invloed van emoties
1