Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Antwoorden

Antwoorden werkgroepen Inleiding Belastingrecht

Beoordeling
3.0
(1)
Verkocht
15
Pagina's
68
Geüpload op
16-10-2020
Geschreven in
2020/2021

Dit document bevat de antwoorden op de vragen uit de werkgroepen. Alle antwoorden zijn aangevuld met aantekeningen die door de docent zijn verstrekt.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

ANTWOORDEN OPGAVEN
INLEIDING
BELASTINGRECHT




RIJKSUNIVERSITEIT GRONINGEN
2020-2021

, INHOUDSOPGAVE

Antwoorden formeel belasting recht: p. 2 – 11.
Antwoorden loonbelasting: p. 12 – 24.
Antwoorden omzetbelasting: p. 25 – 32.
Antwoorden inkomstenbelasting: p. 33 – 43.
Antwoorden aanmerkelijk belang: p. 44 – 49.
Antwoorden eigen woning: p. 50 – 55.
Antwoorden vennootschapsbelasting: p. 56 – 63.
Antwoorden schenk- en erfbelasting: p. 64 – 68.

De antwoorden in het zwarte lettertype zijn van mijzelf. De aantekeningen van de docent +
aanvulling van de antwoorden zijn in het groen. Antwoorden die fout zijn, zijn in het rood
verbeterd.




1

, ANTWOORDEN FORMEEL BELASTINGRECHT
Opgave 1:
A: Om te bepalen of Pim en Lara zijn aan te merken als fiscaal partner in de zin van de AWR
dient er te worden gekeken naar art. 5a AWR. In art. 5a AWR wordt het begrip partner
omschreven. Partners zijn:
Sub a: de echtgenoot
Sub b: de ongehuwde meerderjarige persoon waarmee de ongehuwde meerderjarige
belastingplichtige een notarieel samenlevingscontract is aangegaan en met wie hij staat
ingeschreven op hetzelfde woonadres in de basisregistratie personen of een daarmee naar
aard en strekking overeenkomende registratie buiten Nederland.

Art. 2 lid 6 AWR bepaalt dat het geregistreerde partnerschap (fiscaal) gelijkgesteld wordt
met huwelijk, maar dat speelt hier geen rol, want er is geen sprake van een huwelijk of
geregistreerd partnerschap.

Pim en Lara zijn wel als fiscaal partner in de zin van de AWR aan te merken conform art. 5a
lid 1 sub b AWR. Zij staan ingeschreven op hetzelfde woonadres is de basisregistratie en
hebben een notarieel samenlevingscontract. Dus combinatie van 2 vereisten waar je aan
moet voldoen! Dit zijn de vereisten die in sub b worden gesteld en hier wordt door Pim en
Lara aan voldaan, waardoor zij zijn aan te merken als fiscaal partner in de zin van de AWR.

Pim en Lara zijn vanaf 1 juli 2018 aan te merken als fiscaal partner in de zin van de AWR.
Klopt! Art. 5a lid 2 AWR gaat hier niet op; degene die ex lid 1 voor een deel van het
kalenderjaar als partner wordt aangemerkt, wordt ook als partner aangemerkt in andere
perioden van het kalenderjaar, voor zover hij in die perioden op hetzelfde woonadres als de
belastingplichtige staat ingeschreven in de basisregistratie personen. Pim en Lara hadden
eerst een notarieel samenlevingscontract op 1 mei 2018 en pas op 1 juli 2018 is Lara
ingeschreven in de basisregistratie personen. Dus vanaf dan zijn zij fiscaal partner.
Notarieel samenlevingscontract + in hetzelfde woonadres ingeschreven in de basisregistratie
personen + meerderjarig  cumulatief!

B: Kijkend naar lid 2 van art. 5a AWR verandert het antwoord op vraag a. Aangezien Pim en
Lara reeds in november 2017 zijn gaan samenwonen op hetzelfde woonadres en dit uit de
daartoe dienende basisregistratie personen blijkt, worden zij vanaf 1 januari 2018
aangemerkt als fiscaal partner in de zin van de AWR. Pim en Lara hebben op 1 mei 2018 een
notarieel samenlevingscontract, dus vanaf dan zijn zij ex lid 1 sub b AWR partner, maar door
lid 2 wordt dit ook voor andere perioden van het kalenderjaar toegepast en dus is het 1
januari 2018.
In 2017 kunnen zij geen partner zijn, want er is geen notarieel samenlevingscontract.
Lid 2 breidt periode dat je partner bent uit. Als je hele jaar op zelfde adres in registratie bent
ingeschreven en samenwoont en in loop van het jaar notarieel samenlevingscontract dan
ben je gehele jaar partner. Uitbreiding kan dus, omdat zij in de loop van 2018 notarieel
samenlevingscontract sluiten.

C: De aanslagbelastingen worden geheven door middel van het vaststellen van een aanslag,
die op grond van art. 11 AWR door de inspecteur wordt vastgesteld. Door middel van de
aanslag stelt de inspecteur de belastingschuld vast. De belastinginspecteur moet de aanslag

2

, binnen 3 jaar na het ontstaan van de belastingschuld opleggen (art. 11 lid 3 AWR). De
inspecteur kan uitstel verlenen voor het indienen van een aangifte.

Pim en Lara moeten voor 1 mei 2019 aangifte inkomstenbelasting doen over het jaar 2018.
Op 31 december 2018 ontstaat de inkomstenbelastingschuld. Volgens art. 11 lid 3 AWR
heeft de inspecteur na het ontstaan van de belastingschuld 3 jaar de tijd om de aanslag op te
leggen. De aanslag moet dus uiterlijk op 31 december 2021 zijn opgelegd. MAAR Pim en Lara
hebben uitstel van aangifte gekregen, nu moeten zij voor 1 augustus 2019 aangifte doen. Dit
is een uitstel van 3 maanden. Pim en Lara betalen echter na 1,5 maand al. Maar voor de
verlenging van de 3-jaarstermijn is uitsluitend van belang voor welke periode uitstel is
verleend. Dit is dus 3 maanden. Daarom heeft de inspecteur nu tot 31 maart 2022 de tijd om
de aanslag definitief vast te stellen. Voor 1 april 2022 moet de aanslag zijn opgelegd! Klopt!
Art. 11 AWR  er is aangifte gedaan (niet altijd verplicht), en bij aanslag wordt
belastingschuld vastgesteld door inspecteur.
Bij art. 11 AWR gaat het om aanslagbelastingen, inkomstenbelasting is aanslagbelasting!
De 3 jaren beginnen te lopen vanaf het moment dat belastingschuld ontstaat. Is lastig, want
inkomstenbelasting wordt gedurende 2018 opgebouwd. Zie lid 4: belasting wordt geacht te
zijn ontstaan aan einde van het tijdvak; 31 december 2018 om 00:00.

Opgave 2:
Art. 4 lid 1 AWR stelt: waar iemand woont en waar een lichaam gevestigd is, wordt naar
omstandigheden beoordeeld.
Om de woonplaats van een natuurlijk persoon te bepalen, zijn de feitelijke omstandigheden
van belang. Belangrijke vragen hierbij zijn:
 Waar is de persoon ingeschreven in het bevolkingsregister?
 Waar verblijft het gezin?
 Waar gaan de kinderen naar school?
 Waar is de persoon lid van (sport)verenigingen?

Op deze manier wordt voor de belastingplichtige het duurzame middelpunt/duurzame band
van persoonlijke aard van zijn persoonlijke levensbelangen bepaald. Alle omstandigheden
worden gelijkelijk meegewogen, geen enkele omstandigheid is doorslaggevend.

De fiscale woonplaats van Matthias is Uithoorn in 2018 en 2019. Matthias werkt in
Nederland, woont vanaf juli 2018 in Nederland en ging alleen ’s weekends naar Duitsland.
Dat hij lid is van de sportclub in Frankfurt doet daar niet aan af. Zijn middelpunt is in
Uithoorn. Als een gezin besluit om naar Nederland te verhuizen, en 1 van de gezinsleden
gaat alvast eerder dan de rest en gaat in NL wonen, en de rest voegt zich later bij de eerste
die naar Nederland is gekomen, dan wordt ervan uitgegaan dat de eerste die er komt wonen
in Nederland woont vanaf het moment dat hij er ook gaat wonen; in casu juli 2018. Matthias
is vanaf juli 2018 geacht in Nederland woonachtig te zijn. Gebaseerd op vaste rechtspraak.
Het feit dat hij regelmatig naar Frankfurt gaat, doet daar niet aan af.

De fiscale woonplaats van Helena en de kinderen is in 2018 Frankfurt. Zij werkt in Frankfurt,
de kinderen gaan daar naar school en Helena is lid van de sportclub.




3

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
16 oktober 2020
Aantal pagina's
68
Geschreven in
2020/2021
Type
Antwoorden
Persoon
Onbekend

Onderwerpen

$8.38
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
3 jaar geleden

3.0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Elsemiek61 Rijksuniversiteit Groningen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
378
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
255
Documenten
1
Laatst verkocht
2 maanden geleden

4.3

21 beoordelingen

5
10
4
7
3
4
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen