HOOFDSTUK 9; TIJD VAN WERELDOORLOGEN 1900-1950
9.1 Oorlog en crisis
Verstoord machtsevenwicht
In de 19e eeuw waren vijf Europese mogendheden die streefden naar het in
standhouden van een machtsevenwicht: Groot-Brittannië, Frankrijk, Oostenrijk-
Hongarije, Rusland en de Pruisen.
De VS werd een nieuwe economische wereldmacht, maar door hun politiek van
isolatisme (gericht op de wens van een land om zich niet te bemoeien met de
buitenlandse zaken) was dit geen dreiging voor het machtsevenwicht.
Het evenwicht werd zorgelijk tussen 1871 en 1913, omdat het Duitse Keizerrijk t.o.v.
GB en Frankrijk;
• in bevolking groeide,
• veel meer geld aan defensie uitgaven,
• veel meer staal en gietijzer produceerden.
Bondgenootschappen (zie bron 6)
Omdat het machtsevenwicht uit balans raakte, werden er bondgenootschappen
gevormd om elkaar te steunen tijdens conflicten.
1. Duitsland, Oostenrijk-Hongarije en Italië (1882)
2. Rusland en Frankrijk (1893) en later GB (1907)
Er ontstond een wapenwedloop (een strijd over wie verder was op het gebied op
wapentechnologie of wie de meeste wapens had), zoals tussen de Duitsers en de
Britten om wie de grootste oorlogsvloot had.
Een moord met grote gevolgen
De aanleiding van WOI: Oostenrijk-Hongarije en het Turkse Rijk waren een
veelvolkeren staat (een staat met meerdere volken onder het zelfde bestuur). Er
was veel spanning en er ontstonden kleine oorlogen, omdat veel volken een eigen
staat wilden. De landen wilden voorkomen om niet uiteen te vallen.
1
, Omdat de Serviërs (een volk) Bosnië (onderdeel van O-H) onafhankelijkheid wilde
hebben, vermoordde zij in 28 juni 1914 het O-H koningspaar Franz Ferdinand en
Sophie. De regering van O-H wilden een onderzoek instellen naar deze moord, maar
de Servische regering vermoedde dat de politieagenten eigenlijk een
bezettingsleger zouden zijn en wees dit af. Dit leidde uiteindelijk tot een oorlog
tussen O-H en Servië en vanwege de bondgenootschappen raakten veel andere
landen hierbij betrokken.
Loopgraven: de hel op aarde
De Centralen: Duitsland, O-H en enkele landen die bij hen aansloten, konden van
twee kanten (van Frankrijk en Rusland) bedreigd worden en waren daardoor bang.
Om zo’n tweefrontenoorlog te voorkomen, wilden ze eerst met een snelle
aanvalsoorlog Frankrijk verslaan en vervolgens Rusland. Op 4 augustus 1914
kwamen ze al in België terecht en in begin september zaten de Duitser al in Noord-
Frankrijk. Toch waren de Fransen en Britten sterker dan verwacht en wisten ze de
Duitsers te stoppen. Daardoor maakten ze loopgraven om elkaar te bestoken met
afschuwelijke omstandigheden. Dit leidde niet tot overwinning/gebiedsuitbreiding
maar kostte wel het leven van veel soldaten, vooral doordat de loopgraven werden
aangevallen met granaten en bommen.
1918: Het jaar van de beslissing
Er werden tijdens de oorlog nieuwe wapens ingezet, zoals de tanks,
vlammenwerpers, gifgas en vliegtuigen om toch te winnen.
Omdat Rusland in 1918 uit de oorlog stapte, konden de Duitsers alle troepen
inzetten in het westen. Dit leek succes te hebben, maar de Duitsers waren moe
gestreden en de Amerikaanse soldaten droegen ook nog bij aan het Duitse verlies.
In 1917 had de Amerikaanse president Wilson besloten om deel te nemen aan de
oorlog, omdat hij vond dat volken niet meer onderdrukt moesten worden. Op 11
november 1918 tekende de Duitsers de capitulatie (overgave).
De wraak van Versailles
De overwinnaars van de WOI maakte een vredesverdrag: het Verdrag van
Versailles. Duitsland mocht niet mee onderhandelen en werd gestraft. Wilson
richtte de volkenbond op (nu de Verenigde Naties) die vrede, veiligheid en
democratie moest stimuleren en beëindigde en voorkwam een aantal kleine
conflicten. Omdat de VS niet mee deed en de bond geen straffen op konden leggen
bij overtredingen van afspraken, was de bond zwak en dus ook het vredesverdrag.
2