televisie
Bronvermelding
Titel : Research en redactie voor televisie
Druk : 2
Auteur : A. Kersten
Uitgever : Boom Lemma uitgevers
ISBN (boek) : 9789047300168
Aantal hoofdstukken (boek) : 9
Aantal pagina’s (boek) : 158
De inhoud van dit uittreksel is met de grootste zorg samengesteld. Incidentele onjuistheden kunnen niettemin voorkomen. Je
dient niet aan te nemen dat de informatie die Students Only B.V. biedt foutloos is, hoewel Students Only B.V. dat wel nastreeft.
Dit uittreksel is voor persoonlijk gebruik en is bedoeld als wegwijzer bij het originele boek. Wij raden aan altijd het bijbehorende
studieboek te kopen en dit uittreksel als naslagwerk erbij te houden. In dit uittreksel staan diverse verwijzingen naar het studieboek
op basis waarvan dit uittreksel is gemaakt.
Dit uittreksel is een uitgave van Students Only B.V. Copyright © 2012 StudentsOnly B.V. Alle rechten voorbehouden. De uitgever
van het studieboek is op generlei wijze betrokken bij het vervaardigen van dit uittreksel. Voor vragen kun je je per email wenden
tot .
,Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1 Werken bij de televisie 3
Hoofdstuk 2 Research voor formatontwikkeling 7
Hoofdstuk 3 Onderwerpen produceren 9
Hoofdstuk 4 Informatie zoeken 10
Hoofdstuk 5 Beeldresearch 11
Hoofdstuk 6 Gasten produceren 12
Hoofdstuk 7 Schrijven voor televisie 14
Hoofdstuk 8 De documentaire 16
Hoofdstuk 9 Reality-televisie 18
© Students Only B.V. – Alle rechten voorbehouden.
Bron : Research en redactie voor televisie – A. Kersten
, Hoofdstuk 1 Werken bij de televisie
1.1 Soorten programma’s
Op basis van vorm en inhoud zijn er een aantal televisiegenres te onderscheiden. Op het moment
dat meerdere genres in elkaar overlopen, wordt dit een hybride formatgenoemd.
Realitytelevisie kent alweer een aantal subgenres. Het komt erop neer dat een genre-indeling vooral
kunstmatig is en dankzij creatieve televisiemakers snel veroudert.
Televisiegenres zijn bijvoorbeeld: nieuws, amusement en infotainment.
Studio versus locatie
Programma’s kunnen ook ingedeeld worden op basis van hoe ze gemaakt worden.
• Studioprogramma’s: Programma’s als quizzen en showprogramma’s worden vrijwel altijd
opgenomen in een studio. De regisseur zit in de regiekamer en communiceert via een zender
met de studio. Studioprogramma’s hoeven niet gemonteerd te worden na de opnames.
• ENG-producties: Programma’s die op locatie worden opgenomen. ENG staat voor Electronic
News Gathering. Ze worden gemaakt door een klein aantal cameramensen, een presentator,
een regisseur en een geluidsman.
Ook worden er tegenwoordig nieuwsprogramma’s gemaakt met camjo’s, dit zijn camerajournalisten
en presentatoren ineen die er alleen op uittrekken.
Het uiteindelijke programma komt in de montage tot stand. Er zijn ook veel programma’s die
bestaan uit een studiogedeelte, afgewisseld met korte, op locatie opgenomen reportages, deze
worden instarts genoemd.
1.2 Functies bij de televisie
Ookal worden studio- en ENG-programma’s verschillend gemaakt en bestaan er verschillende
soorten tv-genres, er zit altijd een vast team op een programma. Zo’n team bestaat uit de afdeling
productie, deze afdeling organiseert alles om de productie goed te laten verlopen en de afdeling
redactie, die zorgt voor de inhoud van het programma.
De regisseur die verantwoordelijk is voor alles wat voor de camera gebeurt, en de crew (camera,
licht, geluid) maken geen deel uit van het vaste team maar worden op freelancebasis ingehuurd
door de productie. De editor monteert het programma en heeft ook geen vast contract maar wordt
per dag ingehuurd.
Bij iedere productie zijn de volgende functies te vinden: producent, uitvoerend producent,
producer/productieleider, eindredacteur, redacteur, regisseur en crew.
Tegenwoordig komt het bijna niet voor dat mensen een vaste baan krijgen bij de televisie. Als er
een nieuw programma begint, wordt er rondom dat programma een team samengesteld. Medewerkers
krijgen dan ook een contract voor de duur van het programma.
1.3 Geschiktheid
In welke functie dan ook, bij de televisie moet je communicatief zijn. Je werkt altijd in een team
aan een programma.
Ook moet je flexibel zijn. Een programma maken is veel werk en vaak lopen dingen anders dan
gepland. Je zult snel oplossingen moeten verzinnen en rekening moeten houden met onvoorspelbare
werktijden.
Niet alleen heb je te maken met de eindredacteur en de uitvoerend producent maar ook met de
zendgemachtigde. Deze kan op het laatste moment beslissen om het programma later uit te zenden
of te stoppen.
De kwaliteiten van de redacteur
© Students Only B.V. – Alle rechten voorbehouden. 3
Bron : Research en redactie voor televisie – A. Kersten