Pornografie: reden tot zorg
Door: [naam]
[plaats, datum]
Media zoals het internet, tijdschriften en televisie spelen een grote rol in het dagelijks leven,
waardoor ze onder andere invloed hebben op ons seksuele leven. Media bieden ons de kans om
anoniem, ongelimiteerd en kosteloos toegang te krijgen tot een onbeperkte hoeveelheid seksueel
getinte informatie. Televisiezenders als MTV zijn niet bang om seksueel getinte beelden uit te
zenden en het internet staat vol met seksvideo’s. De beschikbaarheid van pornografische media is
voor velen een bevrijdend idee. Echter, met deze ontwikkeling gaat een grote zorg gepaard.
Pornografie zou volgens verschillende onderzoeken een aantal negatieve gevolgen hebben,
waaronder de kans op pornoverslaving, het creëren van veranderingen in seksueel gedrag, en het
voortbrengen van negatieve houdingen tegenover vrouwen. De ernst van deze negatieve gevolgen is
groot. Resultaten laten zien dat ongeveer 63% van de jongens en 30% van de meisjes al gedurende
hun adolescentie in aanraking zijn geweest met internetpornografie. Uit onderzoek blijkt dat een
soortgelijk percentage geldt voor volwassenen. Het is van groot belang om de negatieve gevolgen
van pornografie te beperken, aangezien een aanzienlijk deel van de bevolking hiermee in aanraking
zou kunnen komen. Door vroeg in te grijpen aan de hand van voorlichtingen op scholen of in het
ouderlijk huis zou de negatieve gevolgen kunnen beperken. Naast seks zouden pornografie en
vooroordelen over gender-roles hierin centraal moeten staan. Kortom: de gevolgen van pornografie
moeten beperkt worden door het geven van seksuele voorlichting.
Porno op het internet kan verslavend zijn
Het gebruik van porno op internet wordt gezien als zorgwekkender dan het pornogebruik van
vroeger, toen het alleen op tv of in tijdschriften te zien was. Wat is hiervoor de reden?
Oneindige vernieuwing. Door de komst van het internet hoeft er alleen maar geklikt te worden en er
is weer een nieuw plaatje/filmpje van een naakte vrouw te zien. Het zien van een nieuwe, naakte
vrouw zorgt ervoor dat het brein opnieuw dopamine aanmaakt en een mogelijkheid ziet om nieuw
nageslacht te creëren. Dit fenomeen wordt ook wel het Coolidge effect genoemd.
Voor sommigen is het moeilijk te geloven dat seks een verslaving kan zijn. Het is namelijk een
natuurlijke behoefte die op het eerste gezicht niet veel nadelen met zich meebrengt. Echter, er moet
een duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen pornogebruik en seksueel gedrag. Dit zijn namelijk
twee heel verschillende dingen. Uit een Nederlands onderzoek is namelijk gebleken dat het bekijken
van porno de beste voorspeller is voor compulsief internet gebruik, oftewel: het werkt het meest
verslavend.
Het proces van verslaving gaat als volgt. In het begin halen pornogebruikers veel plezier uit het
bekijken van porno. Er wordt hierbij veel dopamine vrijgemaakt. Het geeft hen zelfs zoveel plezier
dat het hun dagelijks leven gaat beïnvloeden. Alles draait alleen nog om porno. Vervolgens komt er
een moment dat de hersenen steeds minder gaan reageren op het zien van porno. Er treedt
tolerantie op. Ze halen er niet meer zoveel plezier uit als voorheen. Er is steeds meer en steeds
extremere porno nodig om nog enige opwinding te voelen. Zodra dit langere tijd aanhoudt treden er
fysieke veranderingen op in het brein: vooral in de prefrontale cortex. Het brein zendt steeds
zwakkere signalen naar de penis. Eerst treedt er een verlaagd libido op bij deze mensen en
vervolgens ontstaan er erectie problemen. Iets als Viagra werkt niet voor deze mensen, aangezien de
oorzaak in veranderingen in het brein ligt. Dit is vaak het punt waarop deze mensen besluiten
helemaal te stoppen met het pornogebruik op internet. Gelukkig is het brein plastisch en keert het
1
, weer terug in zijn oude staat na het stoppen van overmatig pornogebruik. De gevoeligheid voor de
minder extreme pornografie of seksuele interacties is weer als vanouds.
We weten dat deze fysieke veranderingen specifiek komen door het pornogebruik op het internet en
niet door het lezen van bijvoorbeeld de Playboy, mede doordat jonge mensen vergeleken zijn met
oudere generaties. Bij de oudere generaties traden er geen fysieke implicaties op, totdat zij gebruik
gingen maken van ‘high-speed internet’.
Om porno verslaving op het internet zoveel mogelijk tegen te gaan zouden scholen en ouders er
verstandig aan doen hun kind voor te lichten over de risico’s van het veelvuldig gebruiken hiervan.
Vooral verhalen van ex- porno verslaafden leren ons veel over deze negatieve gevolgen op ons
dagelijks leven.
Attitude veranderingen
Om de invloed van pornografie op de houdingen en overtuigingen van mensen te verklaren, kan er
gebruik gemaakt worden van twee invloedrijke modellen. Het eerste model is de cultivation theory
van Gerbner. Deze theorie stelt dat consistente en eenzijdige mediabeelden een specifieke,
vertekende representatie van de werkelijkheid vormen. Wanneer mensen hier in grote mate aan
blootgesteld worden, kan deze informatie andere kennisbronnen overstemmen. Informatie van
bijvoorbeeld ouders en leraren worden door de jeugd minder snel aangenomen dan
mediarepresentaties van de werkelijkheid. Denkwijzen over seks worden overgenomen van
pornografie door kijkers, waardoor zij een seksuele werkelijkheid aannemen die niet overeenkomt
met de realiteit. Het tweede model is de sociaal cognitieve leertheorie van Bandura. Hij stelt dat
mensen leren en gedrag overnemen door rolmodellen te observeren. Leren is volgens hem een
interactie tussen het gedrag van de observator, persoonlijke eigenschappen en de omgeving.
Wanneer seksueel gedrag relevant en belonend lijkt zullen mensen die pornografische media kijken
soortgelijk gedrag willen overnemen. Dit is vooral het geval wanneer het gedrag door aantrekkelijke,
op de observator lijkende rolmodellen wordt uitgevoerd.
Attitude verandering die gepaard gaat met pornografie kan opgesplitst worden in twee onderdelen.
Het eerste onderdeel is seksuele attitudes. Deze attitudes richten zich voornamelijk op houdingen
tegenover verkrachting en seksueel misbruik. De tweede opsplitsing van attitude verandering is niet-
seksuele attitudes. Hiermee worden gender-role attitudes, de zienswijze over relaties tussen mannen
en vrouwen, en overtuigingen over mannen en vrouwen bedoeld.
Niet-seksuele attitudes
Pornografie en andere media die gericht is op het seksueel opwinden van de consument neigt ernaar
om mannen en vrouwen op geslachtstypische manieren af te beelden. Mannen zijn hierin dominant,
invloedrijk en regelmatig gewelddadig, terwijl vrouwen onderdanig, zwak en met een lage status
worden afgebeeld. Een aantal onderzoeken hebben aangetoond dat het gebruik van internetporno
een wederzijds verband heeft met het zien van vrouwen als seksobjecten. Overeenkomend met de
cultivation theory, blijkt dat hoe meer internetporno mensen kijken, hoe sterker deze attitude wordt.
Wanneer mannen deze attitude over vrouwen hebben, zullen ze zichzelf daarnaast meer blootstellen
aan internetporno. Het leuk vinden van internetpornografie zou deze gevolgen mediëren en deze
zouden dus niet van toepassing zijn wanneer iemand niet houdt van pornografie. In een onderzoek
van Frable blijkt dat pornografie naast het zien van vrouwen als lustobjecten, ook invloed heeft op
attitudes over mannelijkheid en geslachtsverschillen. Mannen die worden blootgesteld aan veel
pornografisch materiaal denken eerder dat de meeste mannen masculiene gedragingen vertonen
dan mannen die weinig worden blootgesteld aan pornografie. Ook nemen deze mannen de meeste
geslachtsverschillen waar na het zien van seksueel of seksueel gewelddadige muziekvideo’s, maar
niet na romantische muziekvideo’s. Ten slotte blijkt uit verschillende onderzoeken dat
pornografische films, tijdschriften en websites in verband staan met attitudes over gender roles
2
Door: [naam]
[plaats, datum]
Media zoals het internet, tijdschriften en televisie spelen een grote rol in het dagelijks leven,
waardoor ze onder andere invloed hebben op ons seksuele leven. Media bieden ons de kans om
anoniem, ongelimiteerd en kosteloos toegang te krijgen tot een onbeperkte hoeveelheid seksueel
getinte informatie. Televisiezenders als MTV zijn niet bang om seksueel getinte beelden uit te
zenden en het internet staat vol met seksvideo’s. De beschikbaarheid van pornografische media is
voor velen een bevrijdend idee. Echter, met deze ontwikkeling gaat een grote zorg gepaard.
Pornografie zou volgens verschillende onderzoeken een aantal negatieve gevolgen hebben,
waaronder de kans op pornoverslaving, het creëren van veranderingen in seksueel gedrag, en het
voortbrengen van negatieve houdingen tegenover vrouwen. De ernst van deze negatieve gevolgen is
groot. Resultaten laten zien dat ongeveer 63% van de jongens en 30% van de meisjes al gedurende
hun adolescentie in aanraking zijn geweest met internetpornografie. Uit onderzoek blijkt dat een
soortgelijk percentage geldt voor volwassenen. Het is van groot belang om de negatieve gevolgen
van pornografie te beperken, aangezien een aanzienlijk deel van de bevolking hiermee in aanraking
zou kunnen komen. Door vroeg in te grijpen aan de hand van voorlichtingen op scholen of in het
ouderlijk huis zou de negatieve gevolgen kunnen beperken. Naast seks zouden pornografie en
vooroordelen over gender-roles hierin centraal moeten staan. Kortom: de gevolgen van pornografie
moeten beperkt worden door het geven van seksuele voorlichting.
Porno op het internet kan verslavend zijn
Het gebruik van porno op internet wordt gezien als zorgwekkender dan het pornogebruik van
vroeger, toen het alleen op tv of in tijdschriften te zien was. Wat is hiervoor de reden?
Oneindige vernieuwing. Door de komst van het internet hoeft er alleen maar geklikt te worden en er
is weer een nieuw plaatje/filmpje van een naakte vrouw te zien. Het zien van een nieuwe, naakte
vrouw zorgt ervoor dat het brein opnieuw dopamine aanmaakt en een mogelijkheid ziet om nieuw
nageslacht te creëren. Dit fenomeen wordt ook wel het Coolidge effect genoemd.
Voor sommigen is het moeilijk te geloven dat seks een verslaving kan zijn. Het is namelijk een
natuurlijke behoefte die op het eerste gezicht niet veel nadelen met zich meebrengt. Echter, er moet
een duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen pornogebruik en seksueel gedrag. Dit zijn namelijk
twee heel verschillende dingen. Uit een Nederlands onderzoek is namelijk gebleken dat het bekijken
van porno de beste voorspeller is voor compulsief internet gebruik, oftewel: het werkt het meest
verslavend.
Het proces van verslaving gaat als volgt. In het begin halen pornogebruikers veel plezier uit het
bekijken van porno. Er wordt hierbij veel dopamine vrijgemaakt. Het geeft hen zelfs zoveel plezier
dat het hun dagelijks leven gaat beïnvloeden. Alles draait alleen nog om porno. Vervolgens komt er
een moment dat de hersenen steeds minder gaan reageren op het zien van porno. Er treedt
tolerantie op. Ze halen er niet meer zoveel plezier uit als voorheen. Er is steeds meer en steeds
extremere porno nodig om nog enige opwinding te voelen. Zodra dit langere tijd aanhoudt treden er
fysieke veranderingen op in het brein: vooral in de prefrontale cortex. Het brein zendt steeds
zwakkere signalen naar de penis. Eerst treedt er een verlaagd libido op bij deze mensen en
vervolgens ontstaan er erectie problemen. Iets als Viagra werkt niet voor deze mensen, aangezien de
oorzaak in veranderingen in het brein ligt. Dit is vaak het punt waarop deze mensen besluiten
helemaal te stoppen met het pornogebruik op internet. Gelukkig is het brein plastisch en keert het
1
, weer terug in zijn oude staat na het stoppen van overmatig pornogebruik. De gevoeligheid voor de
minder extreme pornografie of seksuele interacties is weer als vanouds.
We weten dat deze fysieke veranderingen specifiek komen door het pornogebruik op het internet en
niet door het lezen van bijvoorbeeld de Playboy, mede doordat jonge mensen vergeleken zijn met
oudere generaties. Bij de oudere generaties traden er geen fysieke implicaties op, totdat zij gebruik
gingen maken van ‘high-speed internet’.
Om porno verslaving op het internet zoveel mogelijk tegen te gaan zouden scholen en ouders er
verstandig aan doen hun kind voor te lichten over de risico’s van het veelvuldig gebruiken hiervan.
Vooral verhalen van ex- porno verslaafden leren ons veel over deze negatieve gevolgen op ons
dagelijks leven.
Attitude veranderingen
Om de invloed van pornografie op de houdingen en overtuigingen van mensen te verklaren, kan er
gebruik gemaakt worden van twee invloedrijke modellen. Het eerste model is de cultivation theory
van Gerbner. Deze theorie stelt dat consistente en eenzijdige mediabeelden een specifieke,
vertekende representatie van de werkelijkheid vormen. Wanneer mensen hier in grote mate aan
blootgesteld worden, kan deze informatie andere kennisbronnen overstemmen. Informatie van
bijvoorbeeld ouders en leraren worden door de jeugd minder snel aangenomen dan
mediarepresentaties van de werkelijkheid. Denkwijzen over seks worden overgenomen van
pornografie door kijkers, waardoor zij een seksuele werkelijkheid aannemen die niet overeenkomt
met de realiteit. Het tweede model is de sociaal cognitieve leertheorie van Bandura. Hij stelt dat
mensen leren en gedrag overnemen door rolmodellen te observeren. Leren is volgens hem een
interactie tussen het gedrag van de observator, persoonlijke eigenschappen en de omgeving.
Wanneer seksueel gedrag relevant en belonend lijkt zullen mensen die pornografische media kijken
soortgelijk gedrag willen overnemen. Dit is vooral het geval wanneer het gedrag door aantrekkelijke,
op de observator lijkende rolmodellen wordt uitgevoerd.
Attitude verandering die gepaard gaat met pornografie kan opgesplitst worden in twee onderdelen.
Het eerste onderdeel is seksuele attitudes. Deze attitudes richten zich voornamelijk op houdingen
tegenover verkrachting en seksueel misbruik. De tweede opsplitsing van attitude verandering is niet-
seksuele attitudes. Hiermee worden gender-role attitudes, de zienswijze over relaties tussen mannen
en vrouwen, en overtuigingen over mannen en vrouwen bedoeld.
Niet-seksuele attitudes
Pornografie en andere media die gericht is op het seksueel opwinden van de consument neigt ernaar
om mannen en vrouwen op geslachtstypische manieren af te beelden. Mannen zijn hierin dominant,
invloedrijk en regelmatig gewelddadig, terwijl vrouwen onderdanig, zwak en met een lage status
worden afgebeeld. Een aantal onderzoeken hebben aangetoond dat het gebruik van internetporno
een wederzijds verband heeft met het zien van vrouwen als seksobjecten. Overeenkomend met de
cultivation theory, blijkt dat hoe meer internetporno mensen kijken, hoe sterker deze attitude wordt.
Wanneer mannen deze attitude over vrouwen hebben, zullen ze zichzelf daarnaast meer blootstellen
aan internetporno. Het leuk vinden van internetpornografie zou deze gevolgen mediëren en deze
zouden dus niet van toepassing zijn wanneer iemand niet houdt van pornografie. In een onderzoek
van Frable blijkt dat pornografie naast het zien van vrouwen als lustobjecten, ook invloed heeft op
attitudes over mannelijkheid en geslachtsverschillen. Mannen die worden blootgesteld aan veel
pornografisch materiaal denken eerder dat de meeste mannen masculiene gedragingen vertonen
dan mannen die weinig worden blootgesteld aan pornografie. Ook nemen deze mannen de meeste
geslachtsverschillen waar na het zien van seksueel of seksueel gewelddadige muziekvideo’s, maar
niet na romantische muziekvideo’s. Ten slotte blijkt uit verschillende onderzoeken dat
pornografische films, tijdschriften en websites in verband staan met attitudes over gender roles
2