, Hersenontwikkeling vanaf 3 weken tot 25-30ste levensjaar
- Neurogenese of proliferatie (3e week zwangerschap): er is een holle hersenbuis, binnen in de buis zijn
de neurale stamcellen, dit zijn de moedercellen van alle cellen die zich ontwikkelen tot de hersenen en
ruggenmerg, de geboorte plaats van die cellen.
- Migratie (tot 6e maand zwangerschap) is het proces waarbij de jonge neuronen langs een draad
klimmen (specifieke gliacel), ze klimmen naar buiten en stappen van de draad af en blijven zitten waar
ze moeten zitten en vormen een laag. Daarboven komt weer een laag > daarboven weer een laag etc.
Etc.
- Apoptosis (rise and fall) (halverwege zwangerschap): Neuronen gaan verbindingen leggen. Neuronen
hebben een gen ingebouwd die opdracht geeft om zichzelf te vernietigen. Veel neuronen sterven af,
wanneer ze niet genoeg synaptische verbindingen leggen.
- Synaptogonese (rise and fall): neuronen leggen verbindingen, doen ze dit niet sterven ze af
rise and fall: overproductie van neuronen en vervolgens sterven veel neuronen af
- Myelinisering: axonen krijgen een vetachtig laagje. Myelinisatie start 6-7 e maand zwangerschap. Groei
witte stof gaat door tot de volwassenheid (30-50 jaar?)
- De dikte van de grijze stof van de cortex neemt eerst toe (cortical thickening)
- Bereikt rond 10-12 jaar een piek (verschilt sterk per hersengebied)
De ouders na de geboorte
- Zwangerschap: toename oestrogeen en progesteron (geslachtshormonen) en prolactine (stimuleert
melkproductie) tot de geboorte
- Na de geboorte:
- snelle daling in productie oestrogeen en progesteron (direct)
- productie prolactine blijft hoog (nog hoger na geboorte)
- cyclisch: als er geen borstvoeding (lactatie wordt gegeven)
- productie oxytocine bij de moeder wordt gestimuleerd door het zuigen van de baby (tijdens)
- Tijdens het geven van de borstvoeding stopt tijdelijk de aanmaak van prolactine, dit gaat door tussen
de voedingsmomenten door (wisselwerking van de twee)
- Oxytocine bevordert toeschieten van melk, emotionele binding en zorg gedrag. Cyclisch: pieken
tijdens de borstvoeding
Biologische processen bij ouders
Oxytocine en vasopressine (neurohormonen) zorgen voor de band van de ouders met het kind
- Herkenning van de sociale partner
- de ontwikkeling van een sociale band
- beïnvloeden ook het dopaminerge-systeem (dopamine wordt aangemaakt: geeft prettig gevoel bij
hogere hoeveelheid)
- beïnvloeden beloningssysteem en opioïde systeem (vrijmaking van endorfine)
- bevorderen het sociale geheugen (koppeling sociale input aan het beloningssysteem)
Stadia in vroege ouder-baby interactie
Ouder-baby interactie
- Biologische regulatie 0 maanden >
- Face-to-face uitwisselingen 2 maanden >
- Topic sharing (zelf vragen stellen en zelf antwoorden/ ze gaan interacties voordoen) 5 maanden >
dit heet ook wel serve-return hoe meer serve-return hoe beter
- Reciprociteit 8 maanden >
kinderen merken dat als ze iets doen het een effect heeft. Ook wel