Leereenheid 4
Een impact definiëren (volgens DPSIR-terminologie)
● State verwijst naar de toestand van lucht, water, bodem en biodiversiteit, als gevolg
van de Pressures die menselijke activiteiten op het milieu uitoefenen
● Impact verwijst naar de negatieve gevolgen van een slechte state voor de natuur en
de mens
- Veranderingen in de state hebben een impact op het functioneren van
ecosystemen en het vermogen daarvan om menselijke gezondheid en activiteiten
te ondersteunen
- Impact wordt vaak beschreven in termen van meetbare schade aan het milieu of
aan menselijke gezondheid
- Impact kan op verschillende schaalniveaus worden gemeten 🡪 bepalen van
reikwijdte van impact gelink aan andere componenten van DPSIR-kader, bijv. op
welk niveau wil men de Drivers aanpakken?
De belangrijkste milieu-compartimenten omschrijven
Het milieu en de impact of op het milieu wordt onderverdeeld in een aantal
compartimenten:
● Bodem
● Water
● Lucht
● Biodiversiteit
● Menselijke gezondheid
De menselijke impact op bodem, water, lucht en biodiversiteit en gezondheid uitleggen aan
de hand van ten minste een voorbeeld
De menselijke impact op bodem
Menselijke activiteiten zijn tegenwoordig verantwoordelijk voor de grootste veranderingen
in landgebruik en in bodemkwaliteit
● Door de toenemende vraag naar voedsel, veevoer en biobrandstoffen is er een
verandering in landgebruik, t bebost land wordt omgezet tot bijv. landbouwgrond.
- De grootste hoeveelheid land die in theorie nog beschikbaar is voor landbouw, is
momenteel bedekt met bos en andere weinig verstoorde ecosystemen.
o Deze spelen een belangrijke rol in het generen van ecosysteemdiensten
🡪 voordelen die de mens uit gezonde ecosystemen haalt, zoals bijv.
, gezonde lucht. 4 categorieën: regulerende, voorzienende, culturele,
ondersteunende
- Een voorbeeld is de uitbreiding van oliepalmplantages in Zuidoost-Azië dat heeft
geleid tot een verregaande ontbossing. De toename aan oliepalmproductie is het
gevolg van een toenemende vraag naar palmolie voor voedsel en als
biobrandstof.
● De veranderingen in landgebruik kunnen ook leiden tot veranderingen in
bodemkwaliteit, waarbij met name bodemdegradatie een steeds groter probleem
wordt. De verminderde bodemkwaliteit leidt namelijk tot een afname van
ecosysteemdiensten als bijv. bron voor voedselproductie. Vermindering van bodem
kwaliteit is het resultaat van verschillende processen:
- Compactie = de bovengrond is te compact is geworden voor een goede water-
en luchthuishouding van de bodem door landbouwmethoden met intensieve
grondbewerking door zware machines
o Poriën in de bodem worden dichtgeduwd door het zware gewicht van de
machines
o Planten krijgen hierdoor niet genoeg water, lucht en nutriënten.
- Verstening is een vorm van soil-sealing = het bedekken van het bodemoppervlak
met gebouwen, wegen en andere infrastructuur waardoor de ondergrond
ondoorlaatbaar wordt.
o Bodem is poreus: de porien kunnen lucht en water doorlaten.
o Bodem zorgt voor verkoeling en klimaatbeheersing in zomerse perioden.
o Natuurlijke vorm van soil-sealing is soil crusting 🡪 bodem bedekt met
dikke kost modder bijv. na hevige regenval
- Watererosie = wegspoelen en verlies van vruchtbare bovengrond (ook verlies aan
organische stof) op braakliggende, geploegde akkers.
o Vooral bij leemgronden een groot probleem, bijv. in Zuid-Limburg
- Verwoestijning = uitbreiden of nieuw vormen van zeer droge gebieden, zoals het
Aralmeer dat veranderde in een zoutwoestijn.
- Verzilting = treedt op als door grondwateronttrekking zeewater via ondergrondse
lagen het land binnen dringt, we noemen dit kwel.
- Uitloging = het verlies aan nutriënten door uitspoeling van organische stof en
nutriënten in de bodem.
o Bodem dusdanig verarmd dat ze bestaan uit zanddeeltjes of kleideeltjes
o Probleem in landbouwgebieden in Afrika
● Bodemverontreiniging treedt op als stoffen die schadelijk zijn voor mens of
ecosysteem terecht komen in bodem of grondwater. Bij bodemverontreiniging
maken we onderscheid tussen:
- Bodemverontreiniging uit puntbronnen 🡪 verontreining ontstaat door menselijke
activiteiten op één bepaalde locatie of een bepaald punt.
o Bekende voorbeelden van puntbronverontreinigingen: verontreiningen
met PAK, brandstoffen en vluchtige chloorkoolwaterstoffen (VOCI)
Een impact definiëren (volgens DPSIR-terminologie)
● State verwijst naar de toestand van lucht, water, bodem en biodiversiteit, als gevolg
van de Pressures die menselijke activiteiten op het milieu uitoefenen
● Impact verwijst naar de negatieve gevolgen van een slechte state voor de natuur en
de mens
- Veranderingen in de state hebben een impact op het functioneren van
ecosystemen en het vermogen daarvan om menselijke gezondheid en activiteiten
te ondersteunen
- Impact wordt vaak beschreven in termen van meetbare schade aan het milieu of
aan menselijke gezondheid
- Impact kan op verschillende schaalniveaus worden gemeten 🡪 bepalen van
reikwijdte van impact gelink aan andere componenten van DPSIR-kader, bijv. op
welk niveau wil men de Drivers aanpakken?
De belangrijkste milieu-compartimenten omschrijven
Het milieu en de impact of op het milieu wordt onderverdeeld in een aantal
compartimenten:
● Bodem
● Water
● Lucht
● Biodiversiteit
● Menselijke gezondheid
De menselijke impact op bodem, water, lucht en biodiversiteit en gezondheid uitleggen aan
de hand van ten minste een voorbeeld
De menselijke impact op bodem
Menselijke activiteiten zijn tegenwoordig verantwoordelijk voor de grootste veranderingen
in landgebruik en in bodemkwaliteit
● Door de toenemende vraag naar voedsel, veevoer en biobrandstoffen is er een
verandering in landgebruik, t bebost land wordt omgezet tot bijv. landbouwgrond.
- De grootste hoeveelheid land die in theorie nog beschikbaar is voor landbouw, is
momenteel bedekt met bos en andere weinig verstoorde ecosystemen.
o Deze spelen een belangrijke rol in het generen van ecosysteemdiensten
🡪 voordelen die de mens uit gezonde ecosystemen haalt, zoals bijv.
, gezonde lucht. 4 categorieën: regulerende, voorzienende, culturele,
ondersteunende
- Een voorbeeld is de uitbreiding van oliepalmplantages in Zuidoost-Azië dat heeft
geleid tot een verregaande ontbossing. De toename aan oliepalmproductie is het
gevolg van een toenemende vraag naar palmolie voor voedsel en als
biobrandstof.
● De veranderingen in landgebruik kunnen ook leiden tot veranderingen in
bodemkwaliteit, waarbij met name bodemdegradatie een steeds groter probleem
wordt. De verminderde bodemkwaliteit leidt namelijk tot een afname van
ecosysteemdiensten als bijv. bron voor voedselproductie. Vermindering van bodem
kwaliteit is het resultaat van verschillende processen:
- Compactie = de bovengrond is te compact is geworden voor een goede water-
en luchthuishouding van de bodem door landbouwmethoden met intensieve
grondbewerking door zware machines
o Poriën in de bodem worden dichtgeduwd door het zware gewicht van de
machines
o Planten krijgen hierdoor niet genoeg water, lucht en nutriënten.
- Verstening is een vorm van soil-sealing = het bedekken van het bodemoppervlak
met gebouwen, wegen en andere infrastructuur waardoor de ondergrond
ondoorlaatbaar wordt.
o Bodem is poreus: de porien kunnen lucht en water doorlaten.
o Bodem zorgt voor verkoeling en klimaatbeheersing in zomerse perioden.
o Natuurlijke vorm van soil-sealing is soil crusting 🡪 bodem bedekt met
dikke kost modder bijv. na hevige regenval
- Watererosie = wegspoelen en verlies van vruchtbare bovengrond (ook verlies aan
organische stof) op braakliggende, geploegde akkers.
o Vooral bij leemgronden een groot probleem, bijv. in Zuid-Limburg
- Verwoestijning = uitbreiden of nieuw vormen van zeer droge gebieden, zoals het
Aralmeer dat veranderde in een zoutwoestijn.
- Verzilting = treedt op als door grondwateronttrekking zeewater via ondergrondse
lagen het land binnen dringt, we noemen dit kwel.
- Uitloging = het verlies aan nutriënten door uitspoeling van organische stof en
nutriënten in de bodem.
o Bodem dusdanig verarmd dat ze bestaan uit zanddeeltjes of kleideeltjes
o Probleem in landbouwgebieden in Afrika
● Bodemverontreiniging treedt op als stoffen die schadelijk zijn voor mens of
ecosysteem terecht komen in bodem of grondwater. Bij bodemverontreiniging
maken we onderscheid tussen:
- Bodemverontreiniging uit puntbronnen 🡪 verontreining ontstaat door menselijke
activiteiten op één bepaalde locatie of een bepaald punt.
o Bekende voorbeelden van puntbronverontreinigingen: verontreiningen
met PAK, brandstoffen en vluchtige chloorkoolwaterstoffen (VOCI)